Edit|
EditReeks Samenvatting:
De apostel heeft een `geding` met de gemeente in Corinthe. Op Paulus' prediking heeft de Heere daar een gemeente vergaderd - Paulus een mede arbeider van de Heere. Paulus was weer doorgetrokken, maar de gemeente is ook op `reis`, in de groei is de gemeente Paulus ontgroeit, menen ze, in hun `geestelijke rijkdom`. `De oproep tot bekering hoorde toch bij het verleden? Is het geen tijd om de genade uit te leven…?` Hoe is het onder ons? Zijn er onder ons mensen die het van zichzelf niet hebben en de Heere aanlopen? Of moet je altijd blij de kerk uit? Het gaat niet om uw stemming, maar om uw leven. Het gaat om het fundament, om het leven en de trouw.
Is de Heere het fundament van mijn leven? Voor wie ermee worstelt is het geen kwestie van uitbouwen maar van inleven. Paulus' prediking is niets dan Jezus Christus en die gekruisigd. Een hart zonder Christus moet vernieuwd worden. Maar ook in het midden van de gemeente is vernieuwing nodig. Er zijn partijschappen in de gemeente; zo meent men beter te zijn dan die andere partij. Maar het staat haaks op wat de Heere met de gemeente wil. De eenheid van de gemeente is een Godsgeschenk. Er is maar één lichaam van Christus. Hij is het fundament. Door de `dwaasheid` van de prediking wordt men gered. De gemeente kan de zaken niet zelf ter hand nemen, dan is het: zoveel hoofden zoveel zinnen. De gemeente is echter de tempel van God. De band onderling in de gemeente loopt niet rechtstreeks. Niet: die mens ligt me wel, en die en die weet ik niet wat ik er aan heb. Maar het is een band via de hemel.
Het leven is mij Christus, zegt Paulus. Het gemeenteleven is u Christus. De gemeente wordt gebouwd door de Heere, alles wat mensen klaarmaken komt in het oordeel. Net als goud en zilver dat alleen maar gelouterd wordt in het vuur zo het leven van diegene die op Christus bouwt. Alles gericht op de Heere Jezus Christus. Gegrond op Zijn kruisverdienste. Alles wat wij erin mengen zal door het vuur vergaan als hout en stoppelen. Groot worden in de gemeente betekent van genade leven. Wegwijzers zijn niet die met de meeste plannen, maar die veranderd zijn door Gods genade.
Paulus haalt Job en de psalmen aan: de wijsheid van de wereld is zonder nut; maar we hebben wel licht en warmte in de kerk daardoor. Maar toch is het niets: het kan een mens niet redden van het eeuwig verderf. Bent u in Christus geborgen van tijd en eeuwigheid? Dan heeft u alles. Wereld, en leven en toekomende dingen. Alles. Meer dan overwinnaars in Hem. Maar u bent van Christus en Christus van God. Zo is het fundament ook de bron.
Trouw aan het evangelie, aan zijn taak, daar hamert Paulus op. Het evangelie maakt duidelijk wat er in Gods hart leeft. Iets wat uit de grond van je hart komt: daar zit niets meer achter of onder. De Geest doorzoekt de diepte; er zit niets meer achter of onder: God zendt Zijn Zoon om voor zondaren te sterven. Dit vind je alleen in het woord van God, nergens in de wereld. Allen door de dwaasheid van de prediking.
God oordeelt, niet de gemeenteleden van Corinthe. Paulus is zich van geen kwaad bewust, niet dat hij zonder zonde is, maar met betrekking tot zijn taak als verkondiger. Hij gaat door diepe dalen, maar het gaat om het behoudt van zielen. Hij dient Christus. Maar: daardoor ben ik niet gerechtvaardigd. Dat zeggen niet veel mensen Paulus na. Wat een geestelijk onderwijs. Het verschil tussen ons geweten en Gods oordeel. Maar ook: door ons schuldig te weten, worden we nog niet veroordeeld door God! Christus oordeelt. Is dat u niet een zucht van verlichting? Het fundament waarop mijn leven rust, Christus, Hij oordeelt. Dan blijft alleen vertrouwen op de Heere, en verwachting. Hoop leeft in de harten van de kinderen Gods.