Edit|
EditReeks Samenvatting:
Wij zeggen wel eens tegen elkaar: wat hij of zij moet meemaken, daar kunnen we niet in komen. Een ernstige ziekte, handicap, iemand kwijt geraakt door de dood. Of als er een tsunami over je heen komt. Maar helemaal niet als we kijken naar het lijden van Jezus Christus. Wat Hij moet meemaken in gehoorzaamheid aan Zijn Vader. Wij kunnen er door vertroost worden.
Hoe zwaar is de last van de zonde van de wereld? Hij neemt Zijn `lievelings`discipelen mee, opeens wordt hij zeer verbaasd en zeer beangst. Te trillen en beven begint Hij. Wat Zijn geest aangrijpt vertaalt zich door naar Zijn lichaam. Hij begint te bidden of dit voorbij mag gaan. Hij ziet Zijn dood en lijden voor ogen, maar ook de last van de zonde van de wereld die op Hem moet gaan drukken. Door Zijn Vader Hem opgelegd. Maar Hij is toch de Zoon van God? Niettemin is het verschrikkelijk wat Hij moet ondergaan. We bagatelliseren nogal eens, ook de zonde - `een foutje`. Dat kunnen we toch niet volhouden in het licht van deze last die Hij moet dragen. Dan weet ik ook wat een verdriet ik Hem doe als ik niet doe wat Hij van mij vraagt. Wij moeten strijden tegen de zonde. Terugdekken aan Gethsemané tot onze heiligmaking.
Hoe gaat de Heere Jezus om met die diepe droefheid? Hoe doen wij het? De Heere grijpt naar het wapen van het gebed. Leg je nood en verdriet en zorgen voor Hem neer. Wees ook geduldig in het gebed, de Heere bidt een en andermaal. Aanhouden, kloppen, vragen. Paulus doet dat ook; hij houdt aan, en krijgt pas na drie keer (op het gebed om de `doorn uit zijn vlees` weg te nemen) antwoord, maar anders dan hij verwachtte: Mijn genade is u genoeg. Dat kan ook. Dat wij dan leren Hem in Zijn wijsheid te aanbidden. Een moeilijke les kan dat zijn. God is toch een hoorder van het gebed.
Hoe onderwerpt de Heere Jezus zich aan de wil van Zijn Vader?
Laat dit uur aan Mij voorbij gaan, als het mogelijk is. Alle dingen Zijn U toch mogelijk, Abba, Vader? Wij zitten niet op één lijn met God. Wij verzetten ons. De Heere Jezus is wel eenswillend: Niet Mijn wil maar de Uwe geschiede. Dat wij door het geloof gewillig mogen worden naar God toe. Hij wil niets anders dan wat Zijn Vader wil. Al loopt het uit op het kruis. Ik wil stil zijn onder Uw hand.
Wij zijn de Heere Jezus niet, maar deze weg wordt ons wel voorgehouden. Zoon maak ons Uw beeld gelijk. Dat ook mijn wil omgebogen wordt. Waar gaan we naar toe, als God het niet verhinderd? Hoe staat het in mijn leven? Uw wil geschiede en niet die van mij? Onderwerpen wij ons aan de wil van God, ook wanneer ons een beker wordt voorgehouden om te drinken? Die ziekte die er opeens is. De moeite van het ouder worden, dat dreigende ontslag, of het niet slagen voor het examen, relaties die dreigen stuk te lopen... En dan: indien het mogelijk is laat deze beker aan mij voorbij gaan, en meteen er achteraan: niet wat ik wil, maar wat U wilt. En dan te bedenken, dat ons bekertje maar een hele kleine is vergeleken met die, die de Heere wordt voorgehouden.
Uw wil geschiede, een bewijs van gezond geloof. Ons helemaal geven aan God. Groeien in het geloof is eenswillend worden met de Heere Jezus.
De discipelen zijn in slaap gevallen. Tot drie keer toe, terwijl ze horen te waken. De Heere Jezus heeft hen persoonlijk gevraagd: waak met Mij. Zolang we in het lichaam zijn, zijn we omringd met zwakheid. Ook wij moeten dus op onze hoede zijn. Wij moeten waken, dat de geest van luiheid en traagheid ons niet te pakken zal nemen. Hoe staat het met ons persoonlijk gebedsleven? Die geest van traagheid en luiheid kan ons overschaduwen als we bidden! Juist dan bidden als ik er geen zin in heb.
Simon, kun je niet één uur met Mij waken? Je zou met Mij de dood in gaan, zei je. "Waakt en bidt, opdat gij niet in verzoeking komt;" Dat je niet in zonde komt door die verzoeking. De wil is er wel als je gelovig bent. Ik wil bij de Heere Jezus horen en Hem dienen met heel mijn hart, maar het vlees wil telkens weer de andere kant op. We moeten dan ook bidden om de Heilige Geest, dat we geestelijk leven. Niet in een wandelpark zijn we, maar een worstelperk. Waak en bid!
Waken en bidden. Alleen kunnen we niet waken, Gods kracht is nodig. Ook niet alleen bidden: `God moet het doen`. Nee: ook waken. Onze Heere Jezus Christus gaat die diepe weg. En Hij komt er doorheen, alleen, zonder discipelen, alleen door te bidden.
Ook in onze strijd kan de Heere ons bijstaan, als wij de kruisweg gaan. Hij heeft *het* lijden gedragen en dan kan het ook voor ons. Dan wordt het zelfs nuttig: we worden losgemaakt en hangen nog slechts aan Hem. Ook onze zorg en droefheid gaat voorbij. Hoop op God.