Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2005-03-27 17:00:00 ds. J.N. Zuijderduijn (Valburg)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Mat 28:11-20 Mat 28:9-20 2005-03-27.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 5.4Mb)
2005-03-27.1723.mp3 (Preek, 32kPro, 10.9Mb)
2005-03-27T.172.mp3 (Hele dienst, 32kPro, 20.3Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Een onbegrijpelijke boodschap - een ergernis voor de Joden, een dwaasheid voor de Grieken. Maar zowel opstanding als kruis zijn onmisbaar. Het lijden gaat vooraf aan de overwinning.
De Joden en wij evenmin willen niet dat een ander voor ons in de bres springt, wel een partij naast God. We kunnen ons ergeren aan het Paasevangelie. Ik val er buiten. Uit genade ben je zalig geworden, je hoeft er niets voor te doen.
Het verzet tegen de opstanding, het dwaze, vreselijke en het vruchteloze in dat verzet.

Wat een dwaasheid van ons mensen in het verzet tegen de opstanding. Enkele van de wachters gaan naar hun opdrachtgevers; het is misgegaan. Hoe kan ik het vertellen, die fout op mijn werk bijvoorbeeld, zodat het voor mij niet zo slecht uitkomt. Men had wachters gesteld tegen het stelen van het lichaam. Maar Jezus staat op. De soldaten zijn als doden – ze `schrokken zich dood`. Dit en dit is er gebeurd en die Jezus is weg. Je moet uit je rustplaats komen, ook als jou die Paaspreek niet zo veel zegt, misschien spreekt God wel vandaag tegen jou.
Het Sanhedrin vergadert, een angstige vergadering. De vorige keer kwamen er valse getuigen tegen de Heere Jezus. Pontius Pilatus moet het ook weten. Het is onder zijn auspiciën gebeurd allemaal. Als de baas het hoort – ik zal een goed woordje doen. Alles is in rep en roer, er is iets gebeurd wat niet kan. Men wringt zich in allerlei bochten. Hij verhoogd en zij nu vernederd. Opgestaan uit de doden, maar dat willen zij niet.
De opstanding wordt nog altijd tegengesproken. Wij zijn zelf bezig met een weg te vinden tot God. Ik wil zelf eens laten zien hoe krachtig ik wel ben – begin daar nooit aan. Jeremia zegt ze hebben alles kunnen weten, maar hebben het woord verworpen. Dat zien we in ons land – dan gaat het volledig mis. Normen en waarden, ja; maar weer buiten Jezus om. Ons land wil alles behalve terug naar God. Dwaasheid. Bidt dat de je de Heere Jezus mag volgen en in Hem geloofd.

Als er gesproken wordt over Jezus als Heere, gaat uw hart dan sneller kloppen of laat het u allemaal koud? Wat zal ons getuigenis zijn? Opgestaan in Christus.

Het vreselijke van het verzet. Ze waren er van overtuigd, dat Jezus werkelijk opgestaan was. De boodschap mag niet naar buiten komen. Hij mag de Messias van de Schriften niet zijn, dwz die in het Oude Testament reeds is voorzegd. Ze willen alles maar Christus in geen geval. En dus ook niet van genade leven. Ik doe het, Ik volbreng het.
Waar komt dat hardnekkige uit voort? Het gaat steeds over Christus, maar Zijn naam wordt in dit stuk niet genoemd. Benauwd over de boodschap van de opstanding. Iedere woordverkondiging nodigt jou ook uit. Als je dan zegt, ik kan van mezelf niet geloven, dan is het ten diepste: ik wil niet geloven. Wij willen niet gered worden. We kunnen ons druk maken over allerlei dingen in de kerk, maar ook of we een nieuw schepsel zijn? Je oude mens wil niet van de opstanding weten maar je nieuwe mens wil tot eer van God leven.
Alles, alles is voldaan. Dan moet ik er aan.
In het kruis en de opstanding ligt de hoogste wijsheid, daarom moet je het geloven. Maria zegt Raboeni, Mijn Meester. Mijn. Je bent van hem.

Het vruchteloze van het verzet. De soldaten waren de eerste getuigen, door steekpenningen moesten ze een ander verhaal laten horen. Mattheus heeft op een later moment zijn woorden opgeschreven, en nog steeds ging dat verhaal. Ook buiten Jeruzalem, die Jezus is niet opgestaan, Hij is gestolen. Ook in ons land: een hoogleraar zei het: het is niet echt geweest, een bepaalde verbeelding slechts. Heel veel vrucht heeft het gedragen. Wat geloven wij ervan? Als je studeert? Soms kun je jaloers zijn op mensen met niet zo’n hoge opleiding, die hoeven niet overal antwoord op te geven. Mijn redder is mijn God.

De vrouwen gaan ook op pad, met een andere boodschap. God spreekt ook een woordje mee. Vreest niet want Hij is opgestaan, Jezus, die u zoekt. Aan 500 man in één keer verschenen, dat is een boodschap! De Heere is waarlijk opgestaan. Waarlijk, al is de leugen nog zo snel, de waarheid van de boodschap achterhaalt haar wel.
De weg van de Heere gaat langs alle plekken, ook waar wij mensen hebben afgeschreven. Ieder mag het horen. Hij is echt opgestaan. U hoeft uw gezicht niet proberen te redden, maar komen zoals u bent. Schaamt u zich het evangelie van Christus of spreekt u Paulus na?

Als de boodschap van de soldaten de enige was geweest, dan hadden we geen dienst hoeven houden nu. Weest gegroet, Mijn vrede zij u. Christus heeft overwonnen, Hij heeft de enige uitweg gegeven. Geloven wij in het leven? In de Levensvorst? Hij geeft zekerheid, geen misschientje. Ik ben verzekerd dat niets mij kan scheiden van de liefde van Christus.
Welke zekerheid volgt u of jij? De leugen of de waarheid? De hoogst mogelijke zekerheid, blijdschap – dat zal van u af te lezen zijn, omdat het u gegeven wordt niet omdat u zo geweldig bent.
Looft God, looft Zijn naam alom. Wie bent u daarin, gelooft u het al?

Edit