Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2001-11-18 10:00:00
dr. C.A. van der Sluijs (em. te Veenendaal)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
2sam 16:10 2sam 16:5-14 2001-11-18.1011.mp3 (Schriftlezing, 16kPro, 0.3Mb)
2001-11-18.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 5.5Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Het is erg modern om op te komen voor jezelf. Zeker als niemand anders dat doet. Assertief zijn. Niet voor God opkomen, met verlies van je zelf. De anti-christelijke geest van de tijd. Alsof er geen God is die regeert. alleen in een christen leven kun je de souverijniteit van de Here Jezus nog zien. Waar is dat vandaag.
Ook het gezag wordt ondermijnd, wat daar bij hoort. Ook in de kerk, tov de ambten bijv. Voor je rechten opkomen is het recht van de sterkste. De wet van de jungle.
Er is echter weinig nieuws onder zon. Onder die midden-oosterse zon loopt Koning David met z'n manschappen. Nota bene op de vlucht. Saul is dood, nu voor Absalom, zijn eigen kind. Absolom kwam op voor zich zelf, en dat betekende ondermijning van het gezag van de koning en zijn vader. Een ontaard kind, eigenlijk.
Hij moet zelf koning worden, en wel nu.
Revolutie in Israel, onder het volk van God. Dat kan kennelijk. Een staatsgreep te Jeruzalem. Het recht van de sterkste geldt blijkbaar.
David is de zwakste zo te zien. Hoe kan dat dan? Heeft God hem in de steek gelaten? Eigenlijk niet.
En het wordt nog erger. Er loopt een man mee, te vloeken en te schelden. Eigenschuld! Eigen schuld! Want je bent een man des bloeds. Simeï, uit het huis van Saul. Een lang opgekropte haat komt tot uitbarsting.
Wat een scène, zeg, ongeloofelijk.
De slechte geesten komen naar voren. Dat heb je verdient man! Een ordinaire scheldpartij.
En toch zit er ook iets van Gods rekenende gerechtigheid over David! God is barmhartig maar ook rechtvaardig. Psalm 3: 'velen staan tegen mij op' Kun je zo verlaten zijn? Kennelijk.
Simeï blijft op veilige afstand meelopen. Wordt het geen tijd dat David opkomt voor zichzelf. Abisai wordt het te gortig. Waarom zou deze dode hond de koning vloeken. Het meest verachtelijke in Israel. Maar David zegt laat hem vloeken, want de Heere heeft gezegd 'vloek David', niet vloek Simeï, of vloek Absalom. David herkent de straffende hand van God. God is toch barmhartig? Dan is het nu toch een keer klaar? Het zwaard zou van zijn huis niet wijken. Hij zou niet sterven, maar de zonde laat wel zijn sporen na.
David kan niet akkoord gaan met de dood van Simeï, want de Heere heeft gezegd, vloek David. Dat is nou ootmoed.
We hoeven niet jaloers te zijn op mensen die uit de wereld zIjn gehaald en tot bekering zijn gekomen, ze kunnen vergeven zIjn, maar die zaken blijven pijn doen.
Simeï weet David aan zijn zonde te herinneren. Dat weet de wereld ook. Weet je nog wel wie jij was, wat jij gedaan hebt, toen. Alleen als je nooit fouten gemaakt hebt, heb je daar geen last van.
Bij Simeï zit een geweldige haat tegen David en daarachter tegen de God van David. In de kerk kan een intense haat woekeren. Aan de randen van het koninkrijk. 'Ik kan die vent wel schieten.' En dan de houdig aan te nemen, niet reageren, stil zijn. Wie in eze situaties het zwaard voor zich opneemt, zal door het zwaard vergaan.
De kerk kan de haat van de wereld verwachten. We moeten het er niet naar maken, maar als Gods woord zelf polariseert...
Ze hebben Mij gehaat, wou je het makkelijker hebben dan je Meester?
Ik ben blij met de vrede in de gemeente, maar gaat het zo goed? Want de vijandschap komt openbaar, Simeì was eerst stil, maar zat vol met venijn uit de hel.
Hier is David toch in het bijzonder een type van de Here Jezus. Petrus pakt zijn zwaard in Gethsemane. Maar, niets doen Petrus, de vijandschap moet openbaar worden. Of: zullen we vuur uit hemelen laten neerregenen? Maar: gij weet niet van welke geest gij zijt. Op weg naar Golgotha wordt gescholden en gevloekt, stenen en stof. De opstandige mens. Durf daar bij de stan? Van nature sta ik hem daar te schelden...
Ook ik heb hem gescholden en gelasterd.
Laat ze vloeken, want de Heere heeft gezegd, vloek David. Verootmoediging, zie Jezus daar. Onbegrijpelijke liefde. Hij is tot vloek geworden. Hij draagt onze vloek.
Daar wordt je klein, bij het goud van de genade.
Wat heeft de Here Jezus wel niet te veduren van ons. Hij draagt dat weg. Al de golven van Gods toorn over hem hen. God zegt, vervloek David, vervloek Jezus.
Kom je dan voor jezelf op, of mag je door genade die verzoening toeeigenen?
De zoon van David komt voor ons op.

Edit