Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2005-08-14 10:00:00 cand. M.K. de Wilde (Ridderkerk)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Mat 5:3 Mat 5:1-12 Luc 18:9-14 2005-08-14.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 4.5Mb)
2005-08-14.1023.mp3 (Preek, 32kPro, 8.9Mb)
2005-08-14T.102.mp3 (Hele dienst, 32kPro, 19.2Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
God heeft ons niet overgelaten aan onszelf maar is in Jezus Christus naar ons gekomen om ons te verlossen. Gods koninkrijk is nabij gekomen. Het koninkrijk is daar, waar God regeert, en de Heere Jezus zorgt daarvoor. Het herstel zoals het was voor de duisternis van de zonde. Hoe ziet ons leven er dan uit, als Gods koninkrijk ook in ons leven wordt opgericht?
In de bergrede lezen we dat. In eerste aanleg is het gericht tot Zijn volgelingen. Het gaat hier niet om wat God van ons vraagt, maar hoe de Heere Jezus Zijn discipelen maakt. Geen ideaal, maar een werkelijkheid. Het leven van een christen is totaal anders. De wandel is in de hemelen. Geen inwoner van deze wereld, maar van het rijk van God. In de eerste plaats gaat het erom wie je bent en dan wat je doet. De Heere Jezus noemt hier acht kenmerken. Niet iedereen kent ze in dezelfde mate, maar wel allemaal in enigerlei mate.

Armen van geest. Wie zijn dat? Dat vinden we in het Oude Testament. Armen zijn mensen in nood, die helemaal van God afhankelijk zijn. Wezen, vreemdelingen, slaven. Niemand kwam voor hen op. Ook rijken kunnen arm zijn. In de psalmen rekent David zich tot de ellendigsten. Ellendig en nooddruftig, maar de Heere denkt aan mij. Arm voor God, een geestelijk karakter. Het besef ervan ook, want iedereen is arm voor God. Ik heb niets om God te geven. Maar ook: iemand die bidt om Gods ontferming. Alleen die armen kunnen voor God bestaan, de rijken die Gods genade niet nodig hebben, blijven voor altijd buiten.

We worden arm van geest als we zien hoe groot God is. Daarmee krijgen we ook zicht op onszelf. Jesaja ziet God en zegt: ‘wee mij, want ik verga.’ Zijn wij al kreupel door God gemaakt, zoals Jakob bij de Jabbok?

We worden ook arm als we Gods heiligheid zien. Ik ben onrein, zegt Jesaja, weerom, in Jes. 6. De Farizeeër denkt dat hij voor God kan bestaan, in zijn rechtvaardigheid. Hij meet zich nl aan anderen, ogenschijnlijk onheiliger mensen. De tollenaar beseft wie hij is voor God en wordt stil. Het enige wat hij uitbrengt is: wees mij arme zondaar genadig.

Arm voor God, maar tegelijkertijd schatrijk. Ze zullen op de Naam des Heeren vertrouwen.

Bent u arm? Ga dan tot de Heere Jezus. Hij heeft zich vernederd om ons te verhogen. Ik werp mij in Uw armen, Heere Jezus. Zalig zijn de armen van geest van hunner is het Koninkrijk der hemelen.

Edit