Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2005-11-06 10:00:00 dr. P.J. Visser (Den Haag)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Psa 78:36-39 Psa 78:10-39 2005-11-06.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 4.6Mb)
2005-11-06T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 9.5Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Het is niet te geloven wat Asaf in deze Psalm zwart op wit heeft neergezet in vers 36 ev. Maar: ‘Hij verzoende hun ongerechtigheid’. Lees ik het goed? De Heere laat Zich toch niet voor de gek houden? Hij heeft toch door of u en ik het menen of niet? En neemt Hij dat? Oprechtheid is toch het minste wat Hij van ons vraagt? De Heere die Zijn hand reikt, maar dan wij ook die aan Zijn hand gaan. Natuurlijk het is moeilijk, een recht hart voor God, te doen wat Hij van ons verlangt. Maar dat God het dan toch vergeeft? Zo makkelijk gaat het niet, Asaf. Wij hebben anders geleerd. Je zou denken dat Asaf hier een beetje de bocht uit vliegt.

Maar ook hier is hij geïnspireerd door Gods geest... God is anders dan ik had gedacht. En dat is maar goed ook. Had u een recht hart deze week? Was u getrouw in zijn verbond? U nam u dingen voor op maandag, en hoe ging het op dinsdag, met u, met mij? En die schuldbelijdenis: Was uw hart recht tot op de bodem?

Bij de overdenking dacht ik meer en meer – Oh God hoe is dat waar. Er staat niet dat het niet uitmaakt hoe recht je hart is. Het zou er moeten zijn, maar het was er gewoon weg niet. De Heere zorgde voor alles, en het volk? Een grote mond. En toch verhoort God die... Hij verdierf ze niet en verzoende hun ongerechtigheid. Zo’n God, die dat “hebben kan”, zelfs onze grote mond. Dat is wat!

Als Hij zo niet was, was het met mij allang gedaan geweest. Hij hield vol. Het raakte Hem, maar Hij deed niet met hen naar hun zonden. Soms heel even (v. 34). Maar ze vleiden Hem met de mond. Dan gaat het om jezelf – je dreigende ondergang, niet Gods eer.

God toch barmhartig - daar moet Israël het van hebben en ik ook. Bent u heiliger? Doch Hij, barmhartig zijnde. Hij weet precies wie Hij voor Zich heeft als wij daar staan.
Wat een gunst, wat een genade. Ik dacht altijd - het moet allemaal recht zijn. Maar hoe krom je ook bent, het is niet over. God houdt het niet voor gezien.

Steeds maar weer huilt iemand tranen met tuiten, maar hetzelfde wordt iedere dag weer uitgehaald. Het moet een keer over zijn, toch, zeker bij een kind. Of het is wel heel eigenwijs. 70x 70x vergeven van onze naaste. Niet om je achter te verschuilen, maar om te huilen. Ik kan er niet altijd om huilen. Vergeef me alstublieft – zo snel mogelijk. Maar hartzeer? Elke dag? Wel nee.

Er zou veel meer moeten zijn, maar Hij doet het ermee – Hij vangt je op. Van een AOW word je geen miljonair, en geestelijk evenmin. Het lijntje openhouden elke dag – en dan ook zorgen dat je hart recht is, en m’n levenswandel er mee in overeenstemming is, ach, mensen. “Maar God, Die rijk is in barmhartigheid door Zijn grote liefde, waarmede Hij ons liefgehad heeft” (Ef 2:4). Van de Heere Jezus geldt niet dat Hij met mooie woorden in het gevlei voor God wil komen. Hij pleit voor mij! ‘Vader, wat zij over zich afroepen, dat is voor Mij, op Golgotha’. Toen heeft God Zich niet langer ingehouden – Zijn volle grimmigheid uitgestort. Heere wees hen genadig. Ik dank het aan Hem, aan Hem alleen. God zij geloofd, gedankt en geprezen. Van nu aan en tot in eeuwigheid. Zo kom ik er door de woestijn heen, ondanks mezelf. Overladen met gunst en gedragen in liefde.

Edit