Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2006-01-29 10:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
Doopdienst van Joni van der Blom, Jacobus Timotheus van Delft, Jonathan Jona Isendoorn, Dorothea Eleonora de Keijzer, Janneke Maria Elisabeth Visser

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
2Tim 3:14-17 2Tim 3:1-17 2006-01-29.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 5.0Mb)
2006-01-29T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 10.6Mb)
Doopdiensten

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Als jullie kinderen naar school moeten, als de Heere het geeft – die eerste dag naar de grote school is een enorme verandering. Niet meer de hele dag bij moeder en aan het spelen, je gaat werken met boeken. Je moet later een volwassen mens worden, je leert voor het leven. Zo is Paulus leermeester geweest, ook de moeder van Timotheus. Zodat je een volwassen gelovige wordt, een ‘volmaakt mens Gods’.

Geloofsonderwijs.
De overdracht (14, van wie), de overgave (15, door het geloof), overvloed (17).

Paulus zit in het jaar 67 in de gevangenis. In de dodencel schrijft hij zijn laatste brief aan zijn geestelijke zoon Timotheus. Donkere wolken hangen boven het christendom, boven het hoofd van Timotheus in Efeze. Hoe moet ik ver als mijn geestelijke vader sterft. ‘Je moet rekenen op vervolging’. Toenemende goddeloosheid, onverdraagzaamheid. Je kijkt in de wieg – in wat voor tijd moeten mijn kinderen opgroeien? Uitgelachen als je eerlijk voor Gods woord uitkomt. Jij moet blijven bij die Bijbelse leer, Timotheus. Temidden van alles wat op drift is. ‘Veranderingen, want die gaan het maken’, ‘of helemaal verstarren’? Geen van beide – vereniging met Jezus – dat hebben we nodig en dan zien we verder. Niet blijf jij bij het oude, maar: blijf bij het Woord. Timotheus had niet uit zijn hoofd geleerd, maar hij was er innerlijk van overtuigd. Dat wilt u toch ook graag, ouders? Niet alleen: dat weten we al, maar dat het een zaak mag worden van je eigen hart en je eigen leven.
1.
Van wie je het hebt geleerd. Wie in het meervoud in het Grieks, meerdere mensen. Zijn eigen moeder en oma, in eerste instantie. Wat een voorrecht dat kinderen in die geestelijke dampkring mogen opgroeien!
Je mag erop vertrouwen dat er wasdom op volgt. Je kunt nooit te vroeg zijn om Jezus te zoeken, wel te laat en ook te eigenwijs. Hij wil niet dat één van deze kleinen verloren gaat, met hun zusjes en broertjes erbij. Later dringt het door dat het om het offer van Christus gaat. De moeder legt de basis van de geloofswaarheden. Kinderen, toen Mozes in het biezen kistje lag, zei Miriam: ik weet wel iemand die dat kindje kan opvoeden. De prinses zegt tegen de moeder van Mozes: neem dit kind en voedt het voor mij op en gij zult loon ontvangen. Zo zegt de Heere het tegen jullie, doopouders: Neem dit kind, voedt het voor Mij op en gij zult loon ontvangen. Namelijk de bekering van je kind. Loïs en Eunice hebben dat gezien (moeder en oma van Timotheus).
Niet de ouders maar ook de kerk – in Lystre waren oudsten die Timotheus hebben mogen vertellen. En dominee Paulus zelf heeft veel betekend.

2. Van jongs af aan is het ingedronken, dan is de klei nog zacht. Elk jaar dat je onbekeerlijk ouder wordt, wordt het moeilijker om tot geloof te komen, je wordt steeds harder! Een oude opa of oma die dement wordt – je kunt ze niet meer bereiken, maar zing eens een psalm en ze gaan waarschijnlijk meezingen. Wat het eerst in de fles gegoten is, blijft het langst goed.
En alleen de Bijbel is Gods woord, alle andere boeken zijn hooguit hulpmiddelen. Het woord is het licht. Jullie krijgen straks een kleuterbijbel, daar begint het mee – plaatjes kijken.
De Heilige Schriften kennen van jongs af – dus ook eerbied voor de Schriften. Niet zo maar een aardrijkskunde of geschiedenis boek. Er is maar één boek dat zegt dat er zonde en oordeel is, maar dat er ook ontkoming is. Het is niet om je kennis mee te vergroten, maar om je leven te veranderen. Ze kunnen zalig, dus niet je wordt zalig als je de Bijbel leest. Je kunt de Bjjbel kennen zonder een kind van God te zijn. Maar hoe word je zalig? Door het geloof in Christus Jezus. Het staat er achteraan. Door dat geloof zal je zalig worden, niet alleen `kan`.
De Heere Jezus is de haven, en die 5 kleine scheepjes moeten daar naar toegestuurd. Bezig met de Schrift, in het gezin, op school. Je kinderen bewegen tot het geloof. Ik rust als ouder niet totdat ik mag weten dat mijn kinderen rusten op de rots, Jezus Christus.
Mozes maakt de koperen slang heel hoog zo dat iedereen hem kan zien, ook die achteraan zitten in de kerk. Stel je ziet slangengif in het hieltje van je kind. Er waren vast ouders die het omhooghielden zodat ze keken op Hem. Dat is het enige redmiddel. We kunnen niet kijken voor onze kinderen, maar we kunnen wel hun hoofdjes neigen.

Tot hun verstand gekomen moeten ze zelf kijken en je hoopt dat ze die Behoefte hebben, en dan mag je zeggen: op het moment dat je je oog op Hem slaat, je hart aan Hem geeft, dan ben je behouden.

3. Overvloed
Het einddoel is dat zo’n gelovige mag groeien tot een volmaakt mens Gods. Geloofsgroei. Opwassen in de genade en de kennis van de Heere Jezus. Weten wat Zijn plannen zijn met de wereld en Israël en jouw leven. Daar is de Schrift nuttig voor en ook tot correctie, dat heb ik ook nodig. Ons beeld is zo vast – de Bijbel leert ons dat het toch weer anders was dan ik dacht.
Dat ze mogen opgroeien niet allen ‘sprekend zijn moeder’, maar tot mens Gods. Tot alle goed werk volmaakt toegerust, en ook: vruchtdragend. Als een boompje gepland bij de bron, giet er wat Bijbelwater of als ouders, dominee, ambtsdrager.

Hij groeit zelfs op in ramp en tegenspoed,
Het gaat hem wel, ’t gelukt hem wat hij doet.

Edit