Edit|
EditReeks Samenvatting:
In het dagelijks leven hoor je wel eens: van wat voor richting is hij of zij. Op politiek gebied, links of rechts; maar vooral binnen de kerk. In het belijdende deel van de kerk zijn er al heel wat. Geen voorganger ontkomt aan zo’n etiket. Niet alle onderscheid, dat mensen maken, is belangrijk. Eén wel: voor of tegen Christus. Er zit nooit iets tussen in. Een brede of een smalle weg. Leven we voor de Heere of niet? Beweegt ons leven zich naar de Heere God toe of niet? Er zijn verschillende krachten aan het werk in ons leven. Geloven blijft strijden. De dichter verlangt geweldig naar Zijn tegenwoordigheid. Hoe is het in mijn leven? Verlang ik ook zo, of ben ik veel lauwer? De dichter is waarschijnlijk een Korachiet, die weet wat Gods tegenwoordigheid in de tempel is. Vroeger kon hij naar de tempel, nu niet meer. Hij is in ballingschap. De vijanden weten niet wat het is dichtbij God te zijn – ze vragen, waar is die God van jou nu?
Daar vanuit schreeuwt de dichter zijn verlangen uit. Wanneer zal ik ingaan. `Ziel` staat voor zijn hele zijn. Met heel zijn leven verlangt hij. In goede en slechte dagen. Naar de levende God gaat zijn verlangen uit. Hij, Die zelf leven is. Opgaan en voor het aangezicht van God verschijnen. Met minder wil de dichter het niet doen. Dichterbij kan niet. Mozes moest het met Zijn achterste delen doen.
Het is een gewaagd verlangen. Ieder die God ziet zal sterven, zegt de Schrift. Maar er is vertrouwen: milde handen en vriendelijke ogen. De Dichter weet van het altaar. God is uit op vrede met mensen.
Zou het een beetje klikken tussen ons en de dichter van Psalm 42 en 43? Hopelijk wel. Verlangen naar God duidt op een gezond geestelijk leven. We leven in een emotie, belevingscultuur. Geloven is pas echt als je het voelt. Er zit die kern van waarheid in: dat echt geloof ook beleefd wordt. Wij vóór allen zouden moeten begrijpen dat Hij de God van het leven is. Hij is uit op leven voor mensen. Er is geen reden om nee te zeggen, behalve ongeloof. Als Hij alles gegeven heeft wat Hij maar kon, zouden wij dan nog niet méér verlangen naar die lieve God dan de dichter van de psalm?
Als God er zo voor ons wil zijn, waarom zouden wij met minder genoegen nemen? Daarom is ons verlangen naar God graadmeter van onze geestelijke gezondheid. Christus alleen heeft ons dat aangezicht getoond.
Paulus heeft er van getuigd: ik verlang heen te gaan – geen fanatisme, maar waarachtig Christelijk leven, door de Heilige Geest.
Is verlangen naar God een vorm van wereldmijding? Weglopen uit het gewone leven... Wegvluchten zo snel mogelijk de hemel in. Er is een horizontaal `evangelie` die dat zegt. Zij wil alleen zich inzetten voor de mensen en tegen kruisraketten protesteren. Zijn wij niet geroepen om meer uit te gaan in de wereld ipv alleen verticaal bezig zijn?
Diep geestelijk leven dat aan de nood van de mensheid voorbij gaat is onchristelijk. Het gaat nooit ten koste van liefde tot onze naaste: Wanneer heeft u Mij een beker met koud water gegeven?
Maar het is geen wereldmijding. Kijk naar onze psalm. Hij wil niet zo snel mogelijk van de aardbodem verdwijnen. Maar verlangen naar God op aarde. Naar de God, die leven is en geeft. Die zorgt draagt voor heel ons leven.
Is Jezus Christus mij alles waard? De drijvende kracht in mijn leven? De gemeente is een horende en een vierende gemeente. God is goedertieren. Dat is het feest waar de psalm ons naar mee wil nemen. We zijn niet allemaal hetzelfde. God was voorheen aanwezig e in zijn leven. Misschien leeft u “in het verleden”. Misschien komt het door zonde, misschien door te weinig tijd ervoor nemen.
Er zijn mensen die aanvechtingen hebben, of ook dichtbij de Heere leven. We zijn niet allemaal hetzelfde.
In vers 9 komt het samen. Vertrouwen: de Heere zal Zijn goedertierenheid gebieden. Niet meer ‘God’ maar de naam van God: Heere. Daar kunnen wij alleen maar van leven. Goedertierenheid. Ik ben erbij, in de Heere Jezus Christus.
Dat vraagt om geloof, steeds weer opnieuw. Op weg naar de God van mijn blijdschap.
Misschien kun je er alleen van zingen:
Heer Jezus, o Gij dageraad,
wend naar ons toe uw licht gelaat.
Uw Geest die in de waarheid leidt
zij onze gids in deze tijd.
Geef dat ons hart mag zijn gericht
Op U die ons verstand verlicht,
opdat uw naam ons steeds nabij,
Uw lof op onze lippen zij,
totdat met alle eng'len saam
wij zingen: heilig is Gods naam!,
en zien U in het zalig licht
van aangezicht tot aangezicht.