Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2006-10-08 10:00:00 ds. J.C. de Groot (em. te Dordrecht)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Luc 19:5,6 Luc 18:31-19:10 2006-10-08.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 5.7Mb)
2006-10-08T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 10.2Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Vlak voor het sterven van de Heere Jezus zijn we. Hij gaat op weg naar Jeruzalem om te lijden en te sterven. Deze weg loopt Hij voor het laatst, en Hij is de Enige die dat weet. Hij wil daar met Zijn dierbaren over spreken. ‘Laatste lijdensaankondiging’. In detail. Maar Lukas zegt tot twee keer: ze snappen het niet. Het was voor hen verborgen. Dovemansoren. Er is geen plaats voor. Het wordt aangehoord, meer niet. Wij weten veel meer, achteraf, dan de discipelen. De Heere heeft ons het Nieuwe Testament gegeven. Wij weten van Zijn lijden en opstanding, en ook van de uitstorting van de Heilige Geest. Maar verstaan wij het wel? In de diepte van uw hart? Is het waar geworden, dat je Zijn stem ging horen? Daar is de prediking voor. Je wordt vanmorgen bij je naam geroepen.
Laat je niet ontmoedigen als je tegenkrachten ondervindt, dat is eigen aan het werk Gods – de duivel zal altijd tegenstaan.
Wat wilt gij dat Ik doen zal? Zeg het maar, waarmee kan Jezus u van dienst zijn? Zeg het maar – dat Hij je zonden vergeeft? Vraag het! De blinde wilde ziende worden en dat geschiedt hem.

Dan gaat de weg door Jericho heen. Een overste van de tollenaren woont er – slechter kan niet. Hij was zeer rijk, allemaal gestolen. Hij heeft van Jezus gehoord binnen zijn circuit. Hij gaat met tollenaren en zondaren om. Hij eet met ze. Wij eten ook niet met de eerste de beste. Je zoekt je gasten uit.
Jezus staat stil onder de boom waarin Zacheüs zit. Zijn hart zal overgeslagen hebben. Op die plaats kwam Hij – Hij moest daar zijn. De ogen ontmoetten elkaar. Wat een moment moet dat geweest zijn. En Hij zag hem. Hij ziet naar Zacheüs om. “Zacheüs!” klinkt het. Die rabbi van Nazareth blijkt hem te kennen. ‘Ik heb u bij uw naam geroepen. Gij zijt mijn.’ (Jes 43:1) Wij zijn ook bij onze naam geroepen, door de Heere Jezus. Soms kort geleden, de kleine kinderen, voor de andere veel langer. 60 jaar geleden bracht mijn moeder mij bij het doopvont, tot de Heere Jezus. Daar heeft Hij mij met naam geroepen. Het droop over mijn voorhoofdje, de doorboorde handen van Jezus werden opgeheven.
Het wordt het wonder, dat God altijd de eerste is. Hij is de alfa, het begin in ons leven; de voortzetting en het einde, omega. Vertrouwen op de belofte Gods, die in Christus Jezus ja en amen zijn. Er verandert zoveel in de wereld. Wij leven in een tijd die op hol geslagen is. Maar hier mogen we luisteren naar dat eeuwenoude woord, dat nog evenveel kracht heeft als 2 of 4 duizend jaar geleden.

Ik moet heden in uw huis blijven. ‘Heden’ is altijd van beslissende betekenis in de Bijbel. “Heden is voor u geboren de Zaligmaker, Christus de Heere, in de stad Davids. En ze kwamen met haast.”
Haast jij je? Ik moet in uw huis blijven. Blijven we achter de bladeren zitten of komen we tevoorschijn net als in het paradijs? Je kunt in allerlei schuilplaatsen zitten. Waar zit je, vraagt de Heere ook. Maar Hij ziet en Hij ziet jou en mij. Haast u en kom af. Ik moet u in uw huis zijn. Moeten. Niet: zullen we het doen of niet? Zalig worden is een moeten... door welke wij zalig moeten worden. We kunnen niet vrijblijvend onder een preek zitten. Ik moet bij jou logeren. Niet even aanwippen. Herbergen.

En Zacheüs komt uit de boom – hoe durft die vent! Maar er is geen schroom meer, zo dicht bij Jezus, gehoorzaam aan Zijn woord. Het Woord wordt in zijn en in ons hart gezaaid. Maar dan begint het pas. De vogels pikken het zaad weg, als je nu al aan dit Woord voorbij gaat. Of het gaat in je hart en het verandert je leven, maar er komen tegenslagen en je wilt God niet echt meer dienen en het gaat uit.
Of je hebt het zo druk op school of op de zaak, het krijgt geen kans om te kiemen. Het heeft kracht gedaan als het vrucht voortbrengt. De vruchten van het nieuwe leven moeten zich openbaren. Wij hoeven ons best niet te doen om vruchtbaar te zijn. Door de Heilige Geest werkt het in ons hart en leven.
Ze hebben hen nagestaard. Hij heeft misschien vooraf gezegd: ik ga even kijken wie die Jezus is: en dan komt hij met Hem terug. Ik heb Hem bij me. Hij blijft een nachtje over.

Een nacht van Jezus aan het begin van Zijn bediening is tot zegen voor Nicodemus en nu tot zegen voor Zacheüs. Jezus kan het niet laten – zelfs op het kruis gaat Hij door met zaligmaken. Weer dat ‘heden’ tegen de moordenaar aan het kruis.
Als je van Hem mag houden? Alle remmen los. Hij is er voor. Om je vrij te maken van alle vuiligheid. De andere morgen gaat Hij weg, maar met Zijn Geest wijkt Hij nimmermeer van ons.
Geniet het goede ten dage van de voorspoed. Deze man mag Jezus met blijdschap ontvangen – niet in zak en as. Zo gaat het kennelijk ook. Niemand keek naar Zacheüs om, Jezus wel. Niemand had medelijden met u, en toen Ik u voorbijging, sprak ik tegen u in uw bloede: ja, leef!
Die zonden van Zacheüs? Wij hoeven de Heilige Geest niet te leren hoe het moet. De wind, de Heilige Geest waait waarheen Hij wil. Bij de eerste liefde hoort ook schuldbesef. Je wordt klein, de helft van mijn goederen geef ik de armen. Wat door bedrog ontvreemd is, komt 4x terug. Dat hoeft niet – een dubbel deel moest volgens de wet – maar dat is nu de liefde. De Heere zegt niet: gebruik je verstand, wacht tot je met 2 voeten op de grond staat. Nee, laat maar gaan. Laat Hem besturen, waken, ’t is wijsheid wat Hij doet, zo zal Hij alles maken, dat g’u verwonderen moet.

Zacheus blijft achter met de Geest. Jezus gaat weg om de prijs voor Zacheüs te voldoen. Zacheüs geeft de helft, Ik ga alles voor jou geven, lieve broeder, al jouw zonden volmaakt weggeven. Heden is deze huize zaligheid geschied. Abrahams zaad is hij. Niet de Farizeeërs. Zachëus geloofde in de Heere Jezus.
Allen die het zagen murmureerden. Het zgn. Abrahams zaad staat te mopperen. En de zaligheid is voor dat hele huis. Lydia gaf acht op het Woord, ze werd gedoopt – en haar hele huis, zo ook bij de stokbewaarder.
Weer dat: heden. Er gebeurt iets beslissends.

Wij zullen komen en woning bij hem maken. Die zalige intrek van de Vader en de Zoon in ons persoonlijk leven. En ze gaan nooit meer weg. Er is zoveel gebeurd in mijn leven, waarom Hij weg zou moeten gaan. Indien wij ontrouw zijn, Hij blijft getrouw. Hij kan zichzelf niet verloochenen. Daar kunnen we het mee doen. Neig uw oor en komt tot Mij, hoort en uw ziel zal leven en Ik zal een eeuwig verbond met u maken, Ik zal u geven, de gewisse weldadigheden van David, dat is de vergeving van zonden en het eeuwige leven.

En nu is het een van de twee. We zien Hem in verwondering en aanbidding vertrekken net als Zacheüs. ‘Zulk een is mijn liefste, mijn metgezel’. Of je staat buiten met die schare te murmureren. Kijk eens waarmee Hij omgaat! Een van de twee. Boos of verwonderd. Haat of liefde. God weet het.

Edit