Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2006-12-25 10:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
Kerstfeest

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Luc 1:78-79 Luc 1:67-2:7 2006-12-25.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 4.7Mb)
2006-12-25T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 9.1Mb)
De lofliederen uit Lucas

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Met Kerst draait God de rollen om. In de zondeval wilde de mens God worden – revolutie. Met Kerst werd God mens. Er is al wat over gepreekt en geschilderd, gemusiceerd. En er wordt blij over gezonden. Zacharias ook.

Hoog bezoek.
1. de barmhartigheid van onze God, 2. de Opgang uit de Hemel, 3. diegenen die in duisternis gezeten zijn.
(God, de Heere Jezus, ons)

Op de drempel van oud en nieuw staat een oude priester te zingen. Het derde lied in het Nieuwe Testament. De Heilige Geest wordt `vaardig`. Lofzangen komen op. Kerstfeest kan niet zonder de Geest. Elisabeth zong eerst, toen zijn nichtje Maria. Hij kon niet meezingen. Vanwege zijn ongeloof. Alleen gelovigen zingen. Kind van God, maar je kunt er niet in mee komen. Het wordt gebroken, gelukkig. Zijn tong los, zijn hart vol. En hij gaat zingen. Nu gaat hij natuurlijk zingen over die kleine Johannes... Nee – de Heilige Geest is altijd gericht op de Heere Jezus. Zacharias ziet over de wieg van Johannes heen.

1.
(78) Kerst is voor mij allereerst Komst. Zijn komst in de wereld. ‘Overstappen naar Bethlehem’, zoals een boek heette jaren geleden. Dat zou mooi zijn – een trein die Bethlehem echt zou aandoen. Ik wou dat het echt Kerstfeest werd – met een echt bezoek aan de baby. Maar het begint niet met ons bezoek aan Hem, maar Zijn bezoek aan ons.
Er is een foto van een jonge prinses Beatrix, `vermomd` als jonge vrouw, met majoor Bosschart bezocht ze de wallen in Amsterdam. Maar ’s avonds deed ze haar hoofddoekje weer af. En was ze weer in het paleis. De Heere Jezus bracht niet even een bezoekje, maar Hij werd echt mens. En hij bleef bij ons. Door de “innerlijke bewegingen der barmhartigheid onzes Gods”. De ‘ingewanden’ van Zijn barmhartigheid. Tender mercy, de allerteerste plek in het hart van de vader. Vervuld met erbarmen, daar zit een oud woord voor branden in. Kerst begint bij God de Vader. De zee is niet zo vol water en de zon is niet zo vol licht, als God vol is met grondeloze barmhartigheid.

2.
400 jaar heeft de Geest niet krachtig openbaar gewerkt, en dan komt de dageraad – de zon gaat op. Zacharias vergelijkt Zijn komst niet voor niets met zonsopgang. Er komt licht en leven in het planten- en dierenrijk, vogels gaan zingen, bloemen ontvouwen zich, met hun kopjes naar het licht toe. Zo werkt Christus, genezing onder Zijn vleugels. Van de dood naar het leven, vanuit de kilte naar de warmte. Dat licht breekt langzaam maar zeker door. Matthew Henry zegt: het evangelie brengt met zich mee, dat het duister en de onkunde van het heidendom verdreven wordt, maar ook het maanlicht van de Oudtestamentische schaduwdienst.

Opgang uit de hoogte – dat kan eigenlijk niet. Iets komt toch op van onderen? Maar misschien staat dit voor de goddelijk en menselijke natuur van de Heere Jezus. Als de zon der gerechtigheid opgaat, gaat de ijsklomp van je hart smelten, er komen druppeltjes en het water gaat ook borrelen. Je raakt in vuur en vlam, je wordt warm voor Hem.

3.
Schaduw des doods. Daar zitten wij in, het volk Israël leefde erin, 400 jaar. Toen de nacht zo donker was, de vormendienst en onkunde zo groot, juist toen werd het Kerst. Hoort u uw naam noemen? Onze naam en ons adres staat in dit vers. Of je dat nu voelt of niet. Je toestand is gewoon zo, als je niet wederom geboren bent.
Zacharias denkt misschien aan een reiziger die verdwaald is in onbekend gebied. Het wordt ook nog donker. Rovers en roofdieren. Uitzichtloos.
De schaduw van de dood. Matthew Henry denkt aan een dodencel – je bent veroordeeld, en wacht op je executie. Duisternis, verdwaalt doodsschaduw en ook: zittend. Niet wandelend of staand. Je hebt geen moed meer om op te staan, bij de pakken neer zitten. Ben je toch gesteld op 1e Kerstdag, - je denkt eraan – ik mis m’n moeder nu. De glans is er vanaf. Sommigen vinden het verschrikkelijke dagen. Mensen zingen en ik kan wel janken. Krijg ik nog bezoek? In mijn dodencel?
De innerlijke barmhartigheid van onze God, het begint in de hemel en je krijgt een cadeau van God. Een cadeau bij je thuis gebracht, een kind aan ons gegeven.
Als je veel van iemand houdt, geef je het mooiste wat je hebt. God geeft Zijn eigen Zoon.
Je krijgt bezoek.

Om onze voeten te richten op de wet des vredes. Dus om te verlichten en om te richten. Je weet heel goed het verschil tussen nacht en dag. Zo lief had God de wereld – hij bundelt Zijn stralen op onze harten, en dan weet je dat ook.
Zijn zon is opgegaan – ziet u de stralen niet? Zitten bij u de luiken dan nog dicht? Het licht IS opgegaan. Je kunt het zonlicht wel blijven weren uit je huis en hart – ongeloof. Gooi de luiken open en laat je bestralen.

Onze voeten staan dus verkeerd. Anders hoeven ze er niet op de weg van de vrede gericht te worden. Bekering is dat onze voeten omgedraaid worden. Hij doet dat. Onze voeten en onze harten. Zo geeft Hij licht en richting.

In de kribbe zie ik mijn vrede liggen, mijn Vredevorst. Die het heel maakt en mij met God verzoend. Vrede aangezegd door de engelen. Aangebracht door het bloed van het kruis. En thuisgebracht door het geloof. Door het hele persoonlijke geloof in de Heere Jezus Christus. Wij dan gerechtvaardigd door het geloof hebben vrede bij God door onze Heere Jezus Christus. Simon strekte zijn armen naar Hem uit. Persoonlijke vrede, omdat hij dat Kind aan zijn hart drukte.

Ze zitten in duisternis vooraf, en daarna wandelen ze op de weg des vredes. Actief – ze gaan die weg achter Hem aan. Een gaan en opstaan in de kracht van de Zoon, achter Hem aan.

Ik heb eens een Kerstkaart gehad – heel merkwaardig. Uit China kwam hij. Een Chinees stond bij de kribbe van Bethlehem. Met zijn linkerarm wenkte hij: Kom. Met zijn rechterhand verwees ze naar de Gouden Stad, het Nieuwe Jeruzalem. Zo is het: allen die de Christus nog niet kennen: kom hier heen! En vervolgens het vredespad vanuit de kribbe naar het eeuwige vrederijk.

Komt laten wij aanbidden die koning.

De Heere geve ons op deze dag een mond om dat Kind te kussen, armen om dat kind te omhelzen. Ogen om op dat Kind alleen te zien. Voeten om naar die gekomen Koning toe te gaan. En bovenal een hart om Hem hartstochtelijk te beminnen.

Edit