Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2007-02-04 10:00:00 prof. dr. W. Balke (Em. te Den Haag)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
2Tim 1:5; 1Tim 4:7,8 2Tim 1:1-14 1Tim 4:1-13 2007-02-04.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 4.2Mb)
2007-02-04T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 9.4Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Wie was Timotheus: Een jonge vriend van Paulus, een naaste medewerker. Paulus was zeer op hem gesteld. Hij kwam uit Lystre, Klein Azie. Zijn vader was een Griek, zijn moeder een gelovige Joodse vrouw.
Paulus heeft Timotheus besneden omwille van de Joden. Om toegang te hebben in de synagogen. Het was kenelijk algemeen bekend dat Timotheus niet besneden was.
Paulus ging bij zijn zendingsreizen altijd eerst naar de synagogen. Daar waren de bijbelrollen van het OT. Daaruit verkondigde Paulus steeds het Evangelie. Het gedeelte wat Paulus toeviel vormde meestal de eerste christengemeente.
Van kindsaf aan wist Timotheus die Schriften. Door de lijn van grootmoeder, moeder en kleinzoon was hetzelfde geloof overgeleverd.
Timotheus trok de wereld in met Paulus. Er lag een wijdse horizon. Zou Timotheus niet van z'n voorgeslacht uiteen gegroeid zijn? Zo gaat het toch zo vaak? Typeert het niet onze eigen tijd?
Behoudzucht houdt de geslachten niet bij elkaar. Maar: Jezus Christus is gisteren en heden Dezelfde tot in eeuwigheid. Alleen het geloof in Hem bindt de geslachten samen.
Is het geloof een erfenis? Het geloof moet dan wel een levende schat in het leven van de ouders zijn. Als het geen levende schat is voor de ouders, wordt er niets overgedragen.
Jongeren leven soms in een periode van verzet, tegen alles wat ouders kunnen eisen. Terwijl de wereld zo trekt.
Asaf kende ook de zuigkracht van het leven van de goddelozen. 'Ik heb ook de opwelling gehad om ze te volgen; maar dan was ik afvallig geworden! Toen ik daar op lette was ik een groot beest voor u'
Huidige tijd: afval van kerk neemt een ontstellende omvang. De massa leeft alleen voor de tijd. Het perspectief van de eeuwigheid is volstrekt weggevallen.

Het dierbaar geloof, ons door de vaderen overgeleverd. De kennis van God en van Jezus Christus, dat wordt ons door het levende geloof van de ouders overgeleverd. Maar dan moet het wel (persoonlijk) verworven worden. Timotheus: Godvrezend: in de betekenis van: eerbied en vertrouwen.
Hij heeft de goede keus gedaan, net als zijn moeder Eunice. Als Paulus voor de tweede keer langskomt in Lystre, dan ontmoet hij Timotheus opnieuw, en Paulus raakt op hem gesteld. Paulus neemt hem dan mee.
Als Timotheus woont in Efeze, en daar werkzaam is, (en Paulus ondertussen in de gevangenis zit) heeft hij het moeilijk, en Paulus schrijft hem z'n brieven: dat hij aan hem denkt, en dag en nacht voor hem bidt! Vertrouwend dat God Die een goed werk in hem begonnen is, dat ook zal voleindigen.
In de griekse cultuur was er de lichaamscultus en de sport; daar tegenover ontstond de beweging van de asceten. Wij zouden zeggen: begrijpelijk
Maar Paulus schrijft die asceten af! Paulus noemt het lichaam zelfs een tempel van de Heilige Geest . Een faire sportbeoefening is geen probleem. Maar kan iets wat van tijdelijke waarde is, een levensdoel zijn? De lichamelijke oefening tot weinig nut!
Actueel: ook onze tijd kenmerkt zich door brood en spelen. Zien we dat God Zijn oordeel voltrekt hiermee?
Hoe kun je belangstelling hebben voor het Koninkrijk van God , als je met je eigen koninkrijkje zo intensief bezig bent?
Oefenen: ons woord gymnastiek. Kun je je op godsdienstig gebied oefenen? Moet dat niet spontaan zijn, vanuit je behoefte, écht, en niet als gewoonte?
Mag het dan geen (goede) gewoonte zijn? Niet dus als sleur! Er zijn toch ook vaste tijden van eten, werken, en rusten. Die zijn toch door God ingesteld? En daarnaast heeft God ons de rustdag geschonken.
Het is niet waar dat bidden zonder behoefte een leugen is. Juist dán moet ik veel in gebed zijn!
Wie kent niet de tijd van een geestelijke inzinking! Juist dan komt het erop aan: Oefen uzelf in de godsvrucht.
Paulus noemt Timotheus een soldaat van Jezus Christus. Aan het front. Lijdt met de anderen als een goed soldaat van Jezus Christus.
Wat zijn de gevaren van een soldaat? Een nederlaag en de dood!
Gedenk er aan Timotheus, dat Jezus Christus uit de doden is opgestaan: Alle dagen die we uit Gods hand ontvangen, zijn dagen ná Pasen.
Bewaar wat u is toevertrouwd: je moet het je toeëigenen.
Het moet in ons leven verwerkt worden.
Alle jongeren in ons midden: wat een voorrecht als we van onze ouders ontvangen: kennis van God en van Jezus Christus. Zó mag de waarheid van Jezus Christus doorgegeven worden. Het is dus geen dood formalisme. 'Het zaad zal hem dienen' luidt de belofte.
Maar ook moet die erfenis bewaakt worden.

Maar wij allen moeten leren/aanvaarden dat een mens die aan zich zelf genoeg heeft een doodongelukkig mens is. Alleen de genade van God is genoeg. We gaan dan niet onverzorgd over de wereld.

We hebben in leven én sterven aan Hem genoeg.

Edit