| Type | Datum | Spreker | Thema | opm |
| lezing | 2005-02-15 19:45:00 | prof. dr. W. Balke (Em. te Den Haag) | Wijkavond. Prof. Balke spreekt in 5 lezingen over de Galatenbrief. Vanavond de tweede lezing | |
| Tekst: | Schriftlezing: | Geluid: | Reeks: |
| Gal 2 |
AG657.__2a.mp3 (, 48kPro, 15.2Mb)
AG657.__2b.mp3 (, 48kPro, 10.1Mb) |
Galaten |
Inleiding
In dit hoofdstuk verdedigt Paulus met kracht de argumenten van zijn zending .De tegenstanders willen hem als valse apostel aan de kaak stellen.Zijn persoonlijke integriteit is in het geding. Zij eisten, dat de christenen uit de heidenen moesten besneden worden. Dit bedreigt de eenheid van de gemeente!De valse broeders beroepen zich op de gemeente te Jeruzalem. Dit beroep is niet terecht.Paulus heeft juist hartelijke instemming van deze gemeente.
Geschiedenis
Paulus en Barnabas zin een vol jaar in Antiochië geweest. Daar besneden de christenen uit de heidenen zich niet. In Jeruzalem werden ze wel besneden. Dat gaf een spanning. De besnijdenis staat op losse schroeven!We lezen dan in Handelingen 15 van het apostelconvent te Jeruzalem.Paulus, Barnabas en Titus gaan daar heen, geleid door de Geest, de profetie en het gezond verstand.
Paulus wil geen konflikt met Jeruzalem, de moedergemeente. Dat zou zijn loopbaan onder de heidenen ernstig schaden.Jeruzalem is toch eerste. Verscheidenheid mag er zijn als de wezenlijke eenheid in Christus maar bewaard blijft.Proef op de som is dan de besnijdenis.Paulus neemt Titus mee, een onbesneden Griek. Hij hoeft niet besneden te worden. Dit is de vrijheid van het evangelie.Als figuur is de besnijdenis ten einde.De schaduwdienst is voorbij.De besnijdenis en spijswetten zijn schaduwen. In Christus zijn ze vervuld.Tegenover de ‘sterken’ in Jeruzalem hoeft Titus niet besneden te worden. Zij kennen de boodschap van vrije genade.
Valse broeders
Paulus staat op zijn standpunt en wijkt niet tegenover de valse broeders. Waren het Farizeërs?In elk geval komen ze van opzij binnen. Niet door de voordeur van de genade, maar van opzij door de werken der wet.Het evangelie mag je niet brengen onder het juk van de wet. De vrijheid in Christus mag niet ingebonden worden door normen en wetten van een groep.
Paulus zegt hier dat er bij God geen aanzien des persoons is.Hier horen we een ironische ondertoon. Zij, die iets bijzonders schijnen te zijn. De vooraanstaanden. Zij waren de broeders des Heren en hadden met Hem Zelf verkeerd.Dienen zij nu de voortgang van het evangelie of niet?
Paulus denkt hier aan Deuteronomium 10 vers 16 en 17. Daar staat het al:”Besnijd de voorhuid van uw hart”.Mozes zei dit al!In vers 17 staat het: Onze God kent geen partijdigheid, Hij neemt het gelaat van een mens niet aan. In Galaten 2 staat dan:”God ziet de persoon niet aan”. Het gaat om het hart.
Besluiten
Hoe komt het in Jeruzalem tot overeenstemming?
1.Zij erkenden dat aan Paulus het evangelie van de onbesnedenen was toebetrouwd. Dat betekent, dat de besnijdenis voor de heidenen geen voorwaarde meer is.God bekeerd heidenen en Hij werkt onder hen.
2. Petrus is de apostel voor de Joden en Paulus voor de heidenen.Jezus heeft gepreekt onder de Joden in de eerste plaats. Toch waren er toen al heidenen, die het Woord van Jezus hoorden. Petrus is dus voor de inwendige zending onder de Joden en Paulus voor de uitwendige zending onder de heidenen.
3.De diaconia. De heidenen hadden nog wel een plicht: de armen te gedenken te Jeruzalem. Niet alleen is dat broederlijke zorg, maar ook is het een bewijs, dat de zending onder de heidenen niet ten koste gaat van de gemeente van Jeruzalem. Zij zijn de broeders uit de besnijdenis.
Kern van de zaak
Er is dus een conflict tussen Paulus en Petrus. Dit raakt de kern van de zaak.Het gaat niet alleen om beleid, maar om belijdenis tussen hen.De kern van het belijden is in het geding. De eenheid van het lichaam van Christus .Hoe is dat gekomen?
Petrus zat in Antiochië aan tafel (het avondmaal) met de heidenen. Toen Jakobus kwam wilde Petrus dit niet meer en zonderde hij zich af met Jakobus en de andere besnedenen.Zij zijn de elite geworden. ‘De helen’zoals Abraham Kuiper zei.
Paulus is heel fel en spreekt Petrus ‘en publique’aan. Heel de gemeente moet dit duidelijk zijn.Het evangelie mag niet van zijn vrijheid beroofd worden.Paulus zegt het: “Wij, geboren Joden” Petrus en hij zijn één.Hij herinnerd Petrus aan het visioen van het linnen laken. Toen at hij wel met Cornelius, een heiden en nu niet?Dat kan niet!
Het evangelie is Christus, in Wie al Gods beloften zijn bevestigd. We zijn gerechtvaardigd door het geloof in Hem.Door de trouw van Zijn geloof, Hij is de voleinder( volbrenger) van het geloof.De rechtvaardiging is een geschenk van Christus. Daar moeten wij van leven en het is de enige grond.In Christus is Jood en heiden ontmaskerd. Ze mogen leven van genade alleen. Iets ander erbij?Dan is Christus tevergeefs gestorven!
Niet meer ik
In onze tijd draait alles om het eigen IK.We zij zelfbewuste mensen. Paulus heeft een Ander, die zijn zaken behartigt bij God.Het leven van Christus dringt mij van mijn plaats. Niet meer ik, maar Christus leeft in mij.Toen Christus stierf aan het kruis, ben ik gestorven!Mijn oude ik moet dagelijks gekruisigd worden.
De genade maakt ook een nieuw begin. Ook wij zijn met Hem opgestaan tot een nieuw leven.Mijn nieuwe adres is in Christus en stuur daar de rekening maar naartoe.
Nu leeft Paulus nog in het vlees.Zijn persoon wordt niet uitgewist.Christus heeft mij liefgehad.Het geheim van mijn leven is: In Christus ben ik een beminde van de Vader.
Descartes zei het al: “Ik denk, daarom ben ik”. Hij stond aan de poort van de Verlichting. En in het piëtisme werd dat: Ik twijfel dus ik geloof…
Paulus zegt: Christus leeft in mij, daarom ben ik.