Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
lezing 2005-03-15 19:45:00 prof. dr. W. Balke (Em. te Den Haag) Wijkavond. Prof. Balke spreekt in 5 lezingen over de Galatenbrief. Vanavond de derde lezing

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Gal 3 AG658.__2a.mp3 (, 48kPro, 13.9Mb)
AG658.__2b.mp3 (, 48kPro, 8.2Mb)
Galaten

Edit| EditReeks
Samenvatting:
De brief aan de Galaten is niet eenvoudig. Paulus spreekt een eigen taal, weer anders dan in de andere brieven.

Paulus werd aangevallen, men betwijfelde zijn apostelschap. "Wie heeft u betoverd?" Onverstandigen - ze hebben hun verstand niet gebruikt. Paulus heeft door de prediking van de gekruisigde verkondigd dat het oude systeem heeft afgedaan. Onder de tyrannie van het vlees. De voorrechten van de Israëlieten zijn vleselijk. Begonnen in de geest geëindigd in het vlees.

De Galaten worden onder vuur genomen. Of ze ontvingen de geest door de prediking of door de werken van de wet. Ze ontvingen krachten van de Geest! In samenhang met de prediking van het kruis. De Geest van Christus brengt ons niet terug onder de wet maar in de vrijheid van de genade.

[v 6 e.v.] Paulus grijpt naar Abraham. De Joden beriepen zich immers op Abraham. Ze beroemden zich op de vleselijke afstamming. Ook Abraham is rechtvaardig uit het geloof. Abraham hield niet aan oude tradities vast, stierf af aan oude bindingen van het heidendom. Een zware strijd om je los te maken van het oude.
De Judaïsten zijn ook die heidenen die zich aan de Joodse wetten onderwerpen, met name de besnijdenis. De werken der wet moesten onderhouden worden. Nee, alleen door het geloof worden wij met Abraham een. De belofte aan Abraham ging om alle volken. Het geld voor Jood en heiden beide, geen van beide kunnen zalig worden door de werken van de wet. Deze visie van Paulus op Abraham is nieuw in het Jodendom, zoals ook de Heere Jezus dat deed. Paulus onttrekt Abraham aan de Joodse voorouder-verering.

De rabbijnse verering van Abraham, 'onze vader'. Jezus leerde bidden: de Vader die in de *hemel* is. Voorouder-verering als zelf-verheerlijking. Men geloofde dat Abraham de Torah al hield voor die werd geopenbaard! `Op grond van zijn werken is Abraham hij gerechtvaardigd`. Zelfs zijn geloof is een verdienstelijk werk van Abraham. Geen heidense afkomst van Abraham.

"De verdiensten van Abraham zijn mede een grond voor Gods welwillendheid", zo ook Allah in de Qur'an, en zo ook de Makkabeeënbrief.

Het is belangrijk deze Judaïsten-achtergrond te kennen, niet alleen voor het verstaan van het NT, maar ook om de zgn Abrahamitische 'oecumene': Abraham als gemeenschappelijke stamvader van christendom, jodendom en islam. Maar Abraham in de Qur'an is een karikatuur van de Bijbelse Abraham, de geloofstrijd is verdwenen.

Bij Paulus komt Abraham weer met beide benen op de grond. In de geloofsgallerij van Hebreeën 11. In Mat 16:18 geeft de Heere Jezus al aan: Petrus noemt hij een rots. Het geloof, dus. Paulus is thuis in het OT. Hij haalt Gen. 12:3 aan - de zegen, niet om Abrahams wil over de hele wereld, maar om de Messias en de uitstorting van de Heilige Geest.
Tegenover de zegen op het geloof staat de vloek over diegene die door de wet zalig willen worden. De wet is een letter die doodt (niet een dode letter, maar de bediening van de wet kan ons alleen maar bij de dood brengen). Kohlbrugge heeft dat scherp gezien: de mens kan niets doen zonder dat hij zondigt.
Paulus werd door het kruis deze vloek van de wet gewaar. Altijd was hij een ijveraar naar de wet geweest. Alles of niets. Leven komt niet voort uit de werken der wet. De wet moet je doen, steeds maar weer. En dat baart de dood, maar uit het geloof, uit de belofte komt het leven.

De wet is echter goed. Om die te doen uit dankbaarheid! De werken volgen, niet voor ons uit, niet als stokken naast ons om op te steunen. Hoe gaan we dus met de wet om!

[v.15, e.v.]Paulus komt tot de kern van zijn evangelie. Deut 21: een gehangene is van God vervloekt. Misschien hebben de Judaïsten wel gezegd: een gekruisigde Messias is door God vervloekt. Hij die geen zonden gekend heeft heeft God tot zonde gemaakt.

Jezus Christus en die gekruisigd. Het regiem van de wet loopt uit op het kruis. De ergernis is wegens de doodstraf en de vorm: een vloek. Hij heeft die vloek over Zich laten komen. Dat is Gods heilsplan. En het wordt tot een zegen voor alle volken. Christus heeft Joden en heiden beiden vrijgekocht van de vloek van de wet. Hij heeft ons verlost, `vrijgekocht`, als slaven.

Niet in Israël, maar in Christus is de zegen van Abraham zichtbaar en komt zo tot alle volken.
Nu: Broeders, (niet meer uitzinnige Galaten!). Paulus geeft een uitleg over een testament, dat van kracht wordt bij overlijden van de erflater en dan kan het niet meer veranderd worden! De belofte (of misschien gelofte, de absolute, volstrekte, zekerheid.) en het verbond horen bij elkaar.
Net als `koninkrijk Gods`. Is dat er in de prediking van Paulus? Ja, bij hem is het de belofte/erfenis - op een nieuwe wereld, waar God koning is.

Belofte aan Abrahams zaad, enkelvoud, dus aan de Messias. De gemeente is dus een deel van het koninkrijk. Als mede-erfgenaam van Christus. Ons deel, niet door wetsprestatie maar door de gemeenschap in Christus. Christus is Abrahams zaad en tegelijk is de gemeente dat, het lichaam van Christus.

Testament, (diatèka). De rechtskracht van de goddelijke wilsbeschikking. Geloof was er eerder dan de wet. De wet is van de Sinaï, maar de belofte aan Abraham is van veel eerdere datum. 430 jaar aan Mozes vooraf. Melchizedek gaat aan de levitische priesters vooraf, evenzo. Luther pakt het op: onze zonden zijn uitgewist 1500 jaar voor we ze deden.

Wat is de functie van de wet? Is die tevergeefs? Alleen als tijdelijke maatregel, een tuchtmeester, pedagoog. Zijn taak hield op als er volwassendom, geloof gekomen was.

De gemeente is van Christus, en daarom het zaad van Abraham en daarom komt ze de belofte toe.

Edit