Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2007-03-25 17:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Zondag 20 Jes 63:7-64:1 2007-03-25.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 6.7Mb)
2007-03-25T.171.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 10.9Mb)
Catechismus

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Eén onderwerp houdt me al een tijd bezig. Opwekking, van het geestelijk en kerkelijk leven. Ongelovigen tot bekering en gelovigen tot een hernieuwde toewijding. Wie bidt er niet voor zo’n herleving, een re-animatie, dat de geest van God weer gaat blazen in de kerk en in huizen en harten, zodat God aan Zijn eer komt. Bestaat dat, opwekking? Is dat Bijbels, hoe is het verkrijgbaar?
Wat gelooft gij van de Heilige Geest? Wat geloof je daar nu echt van? Die Heere is en die levend maakt (Nicea). Als het bestaat dan heeft het alles te maken met de Heilige Geest.

Heilige Geest en opwekking.
1. Zijn kracht, 2. Zijn kenmerk, 3. Zijn komst

[1]
Het gaat in de Bijbel over het werk van de Drieënige God. Uit de Vader door de Zoon en in de kracht van de Heilige Geest. Wat is dat dan voor mysterieus iets? God de Vader heeft te maken met de schepping, Zijn Zoon met het verlossingswerk. God de Heilige Geest heeft alles te maken met het werk in de mens, Hij wederbaart ons, geeft een nieuwe hart. Hij heiligt en vernieuwt.
De Heilige Geest is een enorme kracht, die in meer en mindere mate over je kan komen. Wacht in Jeruzalem, zei de Heere Jezus tegen zijn discipelen, tot je bekleed wordt met de `dynamis`, de kracht van de Heilige Geest. In Hand2 komt die Geest. Een vreesachtige Petrus, die bang is voor een dienstmeisje – je herkent hem niet meer. Vrijmoedige Petrus – hij getuigt. Is dat die kracht?
Simson was niet krachtig van zichzelf, de Heilige Geest dreef hem aan. Gideon is bang, de Heilige Geest greep hem aan, en hij werd een charismatisch leider. Ezechiel: ”de Geest des Heeren viel op Hem” en hij viel plat op de grond. De Heilige Geest heeft te maken met kracht; Hij kan een stenen hart veranderen in een vlezen hart. Een kind van God kan hij met kracht aangorden, zodat het een geweldige getuige gaat worden. De Heere Jezus genas mensen in de kracht van de Heilige Geest.
Vergelijk het maar met een stopcontact. Een heggenschaar kan geen kantjes knippen zonder stroom. Maar mèt is het een fluitje van een cent.

De Heilige Geest wordt genoemd met een aantal symbolen; heel vaak wordt het vergeleken met water. Zo in Jesaja. De Heilige Geest werd uitgestort, een ‘wolkbreuk’. Je hebt een miezerig stroompje en een bruisende rivier.
Ook wordt Hij vergeleken met vuur, tongen als van vuur, die kwamen op de 120. Die na mij komt zal U dopen met geest en vuur. Mensen worden gelouterd, ijskoude ijspegels van harten gaan ontdooien. De lente komt. De vruchten gaan rijpen van geloof en bekering. Waren onze harten niet brandende in ons?
Ook wordt Hij vergeleken met wind. Hij waait waarheen Hij wil; O noordenwind komt, en zuidenwind doorwaai de hof (Hooglied 4:16). Een geweldige gedreven wind met Pinksteren.
Ook: wijn die het hart van de mensen verheugt. Wordt dronken met de Heilige Geest. Anderen zeggen op Pinksteren ook: ze hebben teveel zoete wijn op. Zo’n extatische blijdschap – `power`, aanbiddende verheuging. Huppelend van zielevreugd – we zingen het wel.
Zalfolie, vreugde-olie ook z’n beeld. De olie des Geestes. De kracht van de Geest. Bij veel olie druipt het van je af. Van de baard tot aan de klederzoom, het drupt van je af.

Wind of water, vuur, olie of wijn, - er worden verschillende maten in de Schrift aangeduid. 1 tot 10. Windkracht 4 of 12, een karig maaltijd en feestmaal, eb en vloed. Bij eb in de gemeente komt er modder zichtbaar. Hier en daar een plasje water. Hier een clubje, daar een clubje. Als het springvloed is, wordt de modder bedekt, de verdeeldheid gaat weg.

Hoe is het in onze gemeente? Soms kan er zo weinig van de Heilige Geest zijn, dat je naar dat vonkje of briesje of stroompje moet zoeken. Is het er nog wel? Is het er wel geweest? Net genoeg genade om niet veroordeeld te worden, maar niet om tot zegen te zijn. Survival of Revival? Ik ben gekomen, opdat ze zouden leven en zouden overvloed hebben (Joh 10:10). Geen spatje maar een wolkbreuk, die mij overweldigt, die me overstroomt. Dat in de gemeente een hart ruisen gaat. Zou de Heere Jezus overdreven hebben? Hoe komt het in je op??

Bij een opwekking gaat het vuur oplaaien, een orkaan gaat loeien, een vloedgolf barst los. Stel je voor dat dat zou gebeuren hier, zouden we het aankunnen? Of zouden we zeggen, we houden eerst afstand - is het niet meer opwinding dan opwekking? Als er bekering en opwekking komt, begint de duivel pas echt te stoken. Dat zien we in het evangelie – een opwekking en een oproer. Sommige hingen aan zijn lippen, andere zeggen Hij heeft een demon. Met Pinksteren: bekering en Stefanus wordt gestenigd. Opwekking en oproer. Ik ben het bangst voor een woordbediening die niets uitwerkt. Dan maar liever dat u briest van vijandschap, dat u mij verguist en vertrapt. Grote zegen en ook veel tegenstand.

[2]
De omgeving gaat het merken. De goddeloosheid wordt aan banden gelegd, goddelozen komen tot bekering.
Een opwekking, die de Geest bewerkt: het eerste kenmerk is altijd aanbidding. God komt weer in de spotlight. In het volle licht en dat doet mij beven! Ik word aangegrepen door zijn ontzagwekkendheid. De heiligheid van God wordt gevoeld in de gemeente en in je hart. De realiteit van de aanwezigheid van God wordt gevoeld. Het eerste kenmerk is niet een volle kerk. Mensen worden vol van God. Dat is wat... Vrolijkheid mèt diep ontzag, verheuging met beving. Je merkt het in de prediking – dominees worden aangeraakt met een vurige kool van het altaar van God, mannen Gods. Die prediking, dat steentje is raak. Het treft u. Ze gaan spreken, stralen, smeken. Niet meer clichématig, niet meer suf en duf, maar het doet wat. Er zit vuur in de preek. Ze nemen de atmosfeer van de eeuwigheid mee op de kansel en dat voelt u. De ontzaggelijkheid van de zonde wordt op het hart gedrukt.
Zondaars in de handen van een toornend God – een aanprekend thema? Of blijft u thuis? Bij opwekkingen in het verleden waaiden mensen om als bomen, die ontworteld werden. Je kon je niet meer staande houden.

Je merkt het aan de kinderen van God, ze worden weer bezield. In vervoering des Geestes. Je gezicht straalt. Die volle heerlijke zekerheid. Dat wonder brengt je tot aanbidding. Tot de eer geven aan God alleen. Je gaat het onderscheid zien. De aroma van God druipt van je af. Je ziet aan dat meisje of die jongen, dat ze een Bijbels leven hebben. Een grote verandering heeft plaatsgehad.

Je ziet ook dat zielen die jaren lang aan het tobben zijn geweest, die in de banden zaten, die komen in de vrijheid. Dan wordt er gezongen, je spreekt zegenend met elkaar. Als verloren zonen thuiskomen is er reidans met tamboerijn. Wesley, Johannes de Heer, Negro Spirituals – die stervende liefde van de Zaligmaker wordt bezongen.
Ook zullen die onverschillige mensen overtuigd worden van de rechtvaardigheid van de toorn van God. Diep ontzag en vreze voor God.
Er kwam zielsbenauwdheid, de schaduw van de toorn van God viel op de kerkgangers die niet bekeerd waren of het ook wel dachten. Predikanten herkenden hun gemeente niet meer. De jeugdverenigingen waar zielen gebroken werden, zoekend naar vrede met God en ze mochten het vinden en er kwam gejuich. Help me, red me, Heere, en ook jubelzangen van bevrijding.

Ook op ethisch gebied ging het anders: drankhandel in verval, van de negen cafe’s in een district, gingen er 2 dicht omdat de eigenaars bekeerd werden. 1 dicht vanwege gebrek aan klandizie. In de overige 6 werd net zoveel geschonken als voorheen per café. Buitenstaanders zagen: christelijk geloof is kracht, is leven, is liefde, daar kwamen mensen op af. Kinderen op de ‘kbc’ bekeerd op hun 8e en 9e jaar. Kerkgangers die naar huis gingen en ze spraken over Jezus met elkaar. Huisgezinnen die veranderden, een andere man en vrouw heb ik terug gekregen. De kinderen zagen het.
Vrijmoedigheid, barmhartigheid, afschaffing van slavernij werd nagestreefd. De redeneringen hielden op: men had maar één doel, ach die zielen... Evangelisatie en zending is in die tijd van opwekking ontzettend bevorderd.

Een buitengewone werking van het gewone werk van de Geest in de gemeente. Geen herhaling van Pinksteren, maar een intensivering. De Geest is er wel, maar Hij komt dan dichterbij en werkt krachtig. Niet ‘normaal’ soeverein – wij maken het niet. Hij geeft het wanneer Hij wil. Méér van hetzelfde. Van een minimum naar een maximum. Een helderder besef van zonden en vergeving van zonden, een groter kracht van het werk van het Woord. Omvangrijker, niet alleen ik, de mensen, gemeente, van gemeente naar gemeente, het vuurtje breidt zich uit. Hoger, meer, omvangrijker.

Er zijn vele voorbeelden in de kerkgeschiedenis.
17e eeuw: Jakobus Koelman (Sluis) in 1671, gedurende drie maanden kwamen elke zondag mensen tot verslagenheid over hun zonden; in sommige wijken was in elk huis iemand aan te wijzen die tot geloof gekomen was.
18e eeuw, Nijkerk, een ‘saaie dominee’ Gerardus Kuiper, over psalm 72:16 preekte hij. En de Geest viel in de gemeente, dat is wat! Het maakt mij zo verlangend, mensen begonnen spontaan te huilen. God was aan het werk, vier jaar – tot aan de Alblasserwaard ging het door, toen stopte het.
19e eeuw. 1851 Moody in Chicago. Zelfs Abraham Kuiper zei het lijkt wel klein-Pinksteren. Spurgeon zei in 1859, het was een oogstjaar: in één jaar bekeerden zich meer dan 1000 mensen, de sluizen van de hemel gingen open. Niet druppelen maar stromen.
20e eeuw, 1905-6, Joh de Heer en daarvoor in Wales. Een verslaggever uit London ging naar Wales om één en ander de verslaan. Hij kwam daar aan, en vroeg, waar kan ik de Opwekking vinden? “Die zit in mijn hart...”, daar kan je geen verslag van maken. Met 2 Kron 7:14 begon het...

[3]
Hoe krijgen we het hier in Rotterdam? 2007, 21e eeuw, wij hebben nog geen opwekking meegemaakt. Wij kunnen het niet maken. Het is een soeverein werk van God, geen mens komt er aan te pas. We kunnen het ook niet tegenhouden. Hoe ik me ook inspan, het is Gods werk. Wanneer Hij wil, aan wie en in welke mate Hij wil. Vul ons land met uw heerlijkheid, stort op ons uw vuur. God komt altijd verrassend, onaangekondigd. Plotseling geschiedde het geluid van een geweldig gedreven wind.

De Heere Jezus heeft de volheid van de Geest van God. Ik moet dus bij Jezus zijn. Hij gebiedt over de wind en het water. Ook die van de opwekking. Het is zo belangrijk, als behoefte om te bidden, er zijn beloften voor een opwekking. Hoeveel te meer zal de hemelse Vader de Heilige Geest geven aan hen die daar om bidden. Al zijn het er maar 2 of 3 a.s. donderdag. Of zeven maal in het stof, als Elia. Volhardend op zijn knieën. Zo gaat dat.

Opwekking – gebed.
Wanneer is die opwekking begonnen, dominee? Ik kan het aanwijzen, loop maar mee naar boven, in de studeerkamer. Daar, op dat kleedje daar is het begonnen. Of God mijn `biddeloosheid` wilde vergeven, of Hij mijn zelfzuchtig verlangen naar een opwekking wilde vergeven! Ik heb graag dat het hier begint, en niet bij het Legere des Heils aan de overkant! En toen is het hier begonnen, hier in mijn hart, in mijn huis, in mijn gemeente en in deze streek. Zoek ook je matje op.
Gehoorzaamheid aan het woord van God, je kunt geen zondig of slordig leven lijden – blus de Geest niet uit, daarmee. Onbeleden zonden zijn een blokkade, je liegt zo makkelijk – ruim het op, in onmin met een medekerkganger, al jaren; dat je naar films kijk met expliciete bedscènes en je blijft er naar kijken – ik ben er van overtuigd dat het blokkeert.
Verkeerde vrienden, die je aan de hand houd, ze nemen je mee naar een lager pijl, van God af, de Geest trekt zich terug. We kunnen het vuur van de hemel niet maken, maar wel het lontje droog houden door een gehoorzaam leven, je mag je zeiltjes uitzetten om vooruit te komen, als de wind komt. We kunnen het water niet uit de hemel laten komen, maar wel greppels graven, een kanaal van zegen worden.

Corrie ten Boom zei tegen iemand die een opwekking wilde: Ga eens zitten – ze trok een cirkel om hem heen, bidt nu of de persoon in die cirkel zit een opwekking mag hebben. Schenk een herleving en begin bij mij. In de Visie stond een cartoon, een mannetje dat zegt: “ik ben niet tegen verandering, als het maar niet bij mij is”. Wil je graag een opwekking? Je wilt graag dat de kerk veranderd? Maar niet bij jou? Gods vinger wijst echter naar jou.

Kom Jezus, kom,
vul dit land met Uw heerlijkheid
Zend Uw rivier
Laat Uw heil heel de aard’ vervullen
Spreek, Heer, Uw woord
dat het licht overwint.

Edit