Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2007-04-08 17:00:00 ds. J. Harteman (Hilversum) 1e Paasdag

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
1Cor 15:6 Mar 16:1-8 1Cor 15:1-11 1Joh 1:1-4 2007-04-08.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 5.0Mb)
2007-04-08T.171.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 10.2Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Wilt u en wil jij het Paasfeest controleren?

Geeft de boodschap van de overwinning van Pasen blijdschap in het hart? Dat is niet vanzelfsprekend of populair. Vertel maar eens op het werk of op school dat u door Pasen zo bent aangesproken – geloof jij dat nog? Wij vieren Pasen in een paasloze wereld. Velen sluiten leven na de dood uit, het gaat zelfs de kerk niet voorbij. De lichamelijke opstanding is zo moeilijk. Bent u de zekerheid kwijt? Aan een dode Jezus in het graf hebben wij niets. Maar het graf is leeg. Wie in Jeruzalem komt, gaat ook naar de graftuin. 'He is risen, He is not here', staat er op een bordje.
Het is geen leugen, God zegt het in Zijn woord, en Jezus heeft Zich na Zijn opstanding geopenbaard. Pasen laat zich controleren, het evangelie heeft niets te verbergen. In 1Cor 15 gaat het over de opstanding van Jezus. Sommige daar twijfelen aan de opstanding uit de doden. De Griekse minachting voor het lichaam zit daar achter. Maar dit is de kern, en zonder dat komt heel de verlossing op losse schroeven te staan. Je snijdt het hart uit het evangelie. Als Jezus niet is opgestaan, dan is een preek over de levende Heiland zoiets als een loos beukennootje. Er zit niets in.
Jezus maakt contact met Zijn verstrooide schapen, om ze weer bij elkaar te krijgen. Zo verschijnt Hij aan ze. Er staan er meer in de evangeliën. In de Hof van Arimathea, bij de Emmaüs-gangers, op het strand van Galilea. Paulus noemt eerst de verschijning aan Céfas, Petrus – de ergste operatiepatiënt krijgt altijd voorrang. Er waren allerlei partijschappen in de gemeenten. Sommigen waren 'van' Petrus. Hij heeft gezag. Jezus is echt opgestaan, want Petrus heeft Hem ook gezien. De twaalven – er waren er toch maar elf? Maar het was een vaste uitdrukking voor de kleine discipelenkring rondom de Heere Jezus.
Door Jakobus, nl. de broer van de Heere Jezus. Eerst geloofden ze niet, maar de Heere was machtig, om ook deze broer te brengen tot geloof. Hij maakt Zich bekend aan wie wij het niet dachten. Petrus had Hem verloochend, Jakobus had niet in Hem geloofd. Jezus begint echter niet met een terechtwijzing.
Ook door de 'apostelen', niet de twaalf - maar al degenen die het evangelie hebben verkondigd.
Heeft Paulus veel aandacht voor de verschijning aan hem? Hij is de minste van de apostelen, maar hij heeft het ook meegemaakt. Hij heeft Jezus gezien dat geeft kracht aan zijn prediking.

Meer dan 500 broeders op een maal. 'Daarna is Hij gezien' – niet: zij zagen. Christus gaf Zich te zien. De 500 konden Jezus waarnemen, omdat Hij Zich aan hen bekend maakte. Hij openbaart Zich.

Hij is na Zijn opstanding anders, maar toch dezelfde. Als deuren gesloten zijn, er zijn momenten waarop Hij niet herkend wordt. Zijn majesteit wordt zichtbaar. Maar Hij eet en drinkt ook. Hij geeft onderwijs.
500 opeens. 7000 buigen hun knieën niet voor de Baäl, 3000 komen op het Pinksterfeest tot bekering. Het leek eerst of het helemaal uit zou sterven. We kunnen te pessimistisch zijn en wie zien niet altijd wat God ziet.
Het zit niet in het getal. In Barneveld zitten er 900 in de kerk, in Tilburg preekte ik wel voor 12 mensen. Samen één zijn in de Heere, daar gaat het om.
Maar Jezus is wel gezien door mensen. Het kunnen er nooit genoeg zijn, daar mag je ook voor bidden. Dat Hij Zijn koninkrijk nog zal uitbreiden. We hebben een machtig God. Voor de troon van God zal een zéér grote schare staan. Ontelbaar.
Jezus laat Zich zien aan 500 mensen, een stukje hemel op aarde voor die 500. Wie Hem ontmoet in de prediking die roept het toch uit: Hij leeft, ik heb Hem zelf ontmoet, in vreugde en verdriet. Er zijn getuigen. Bij één getuige kun je het nog afdoen, bij 5 wordt het anders, bij 45 wordt het stil, maar bij 500 kun je niet volhouden, dat het om een sprookje of verzinsel gaat.

Wie twijfel aan de opstanding wordt door die 500 op de vingers getikt. Als je erbij ben geweest, zeg je, luister, het is waar – ik heb mijn ogen toch in mijn hoofd? Wat wij in de Bijbel lezen is niet verzonnen. Hetgeen wij dan gezien en gehoord hebben, dat verkondigen wij jullie. Het is betrouwbaar.
De naamlozen 500 heten `broeders`.Dat moeten mannen en vrouwen geweest zijn. 'Dames en heren' – een beetje kaal en afstandelijk. Maar Christus schaamt Zich niet om zondaren broeders te noemen.
Sommigen zijn ontslapen, inmiddels. Die term gebruikt Paulus. Gelovigen gaan slapen, totdat Christus komt. Wie Hem heeft gezien, houdt dat niet voor Zichzelf. Hij is mijn leven gekomen. Nooit te oud om de Heere nog te belijden.
Die 500 zijn gewone mensen, maar ze worden getuigen. God heeft ons niet overgeleverd aan fantasie. Het heeft alles te maken met de Schrift.
Wie weigert Jezus te erkennen komt om. Wie onder het woord is opgevoerd, heeft een groter verantwoordelijkheid dan mensen, die dat niet hebben. Je kunt op elke plek getuige zijn, om ook anderen bij Jezus te brengen.
Zeggen wij: Jezus is ook van mij gezien? Ik heb Zijn stem gehoord? En bij Hem vergeving gevonden, en nu ben ik een rijk mens, want nu de Heer is opgestaan, nu vangt het nieuwe leven aan, een leven door zijn dood bereid, een leven in Zijn heerlijkheid.

Edit