Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2007-09-23 10:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Psa 132:17-18 Psa 132 2007-09-23.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 5.1Mb)
2007-09-23T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 9.6Mb)
De liederen Hamaäloth

Edit| EditReeks
Samenvatting:
In de negentiende eeuw had je de Koningsgezinden: God, Nederlanden en Oranje. Een drievoudig snoer. Vanmorgen gaat het in Psalm 132 over God Sion en David - die horen ook bij elkaar, en dat zal nooit verbroken worden. Psalm 132 is het langste lied Hamaäloth, het gaat om het hart, om David en om Davids zoon.

Davids grote Zoon.
1) een hoorn van kracht, 2) een lamp van licht [17] 3) een kroon van overwinning [18]


Waar gaat het precies over? Op de achtergrond wordt bezongen dat David de ark brengt naar Jeruzalem. Die moet het centrum van het volk worden. Zoals de pelgrim een hele toch moesten maken, zo de ark. 40 jaar door de woestijn op draagstokken tot in Silo, een tijdelijke rustplaats. Het komt in ballingschap bij de Filistijnen. Ze zonden hem terug op een nieuwe wagen. De mannen van Bet Shemesh sterven omdat ze in de ark kijken. De ark is weggemoffeld in Kir'at J'arim. Er staat zo treffend, dat men zich in de dagen van Saul zich niet bekommerde om de ark. Dat ding is veel te gevaarlijk... Maar als de Heere Jezus geen dag uit je gedachten is: Zulke jongens zijn van harte welkom op de belijdeniscatechisatie.
Maar dan wordt de ark juist binnen gehaald als belangrijkste, centrum van de eredienst. David gaat de ark haken uit Kir'jat, Jé'arim (Jaär) staat er.
De ark was op een wagen gezet, dat deden de Filistijnen ook. Uza wil de ark beschermen. En hij valt ter plekke dood neer... Hij stierf voor het aangezicht des Heeren. David danst en er valt een dode... Een tragedie. David werd kwaad op God. Ik snap het niet - ik heb zulke goede, vrome bedoelingen. En nou sterft er iemand.
Maar ze waren ongehoorzaam. Hij moet op de schouders van Levieten gedragen worden. Jullie hadden het woord. Je kunt feest vieren en blij zijn. Maar als je ongehoorzaam bent aan Schrift, zegt God, doe dat voor Mijn aangezicht weg! Dan word je kwaad, - ik doe zo mijn best. Ik ga naar conferenties, vul maar in - maar als je ongehoorzaam bent.. Bij Obed-Edon, een Gathiet, een Filistijn, daar wordt de ark geparkeerd. Drie maanden denkt David er over na. Toen danste hij weer. Hij verheugde zich in God, maar wel met beving.
Een huis wilde hij bouwen op die berg Sion. De Heere draait hem om. Ik ga voor jou een huis bouwen. Jouw nakomelingen zullen altijd koning zijn, een drievoudig snoer. De Heere heeft Sion verkoren, de tempel zal gebouwd worden, maar door je Zoon. Wat een zegening belooft de Heere daar, de priesters met heil bekleed, die het heil uitdragen. Brood des levens ontvangen, zo hoort het te zijn.

Totdat ik voor de Heere een plaats gevonden zal hebben. Deut 12: de Heere zegt tegen het volk, dat God één plaats van eredienst zal verkiezen, daar zal Hij zijn naam doen wonen. Hij noemt die plaats echter niet. Na de veroveringen van Kanaän moeten ze die plaats zoeken! Bijna niemand deed dat, 4 eeuwen lang. In de Richterentijd deed iedereen naar eigen inzichten, offeren op eigen hoogtes. In Sion is die plaats gevonden. Er zijn zoveel kerken. Er is zoveel verwarring, alleen al binnen de Gereformeerde Bond. Ga op zoek naar die plaats waar God zijn Naam doet wonen. Waar het verzoenend werk van de Heere Jezus staat, waar de heerlijkheid wel eens afdaalt, waar zijn Naam wordt geroemd. Waar ambtsdragers het heil mogen uitdragen en dat doen. Niet omdat aan jouw wensen voldaan is, maar omdat je voedsel ontvangt.

Rijke beloften aan het huis van David. Een zal een hoorn uitspruiten. Waar denkt de dichter aan? Het wordt hier Kerst. In de tijd van Jozef en Maria was het maar een tronk. In diepe vernedering, een rijsje, een twijgje gaat uitspruiten. Een Spruite in de kribbe. Groen, hoop. Hoorn - Zacherias profeteerde ervan: Een hoorn des heils. Verlossing van de vijanden.
Babel was machtiger, Romeinse rijk - Juda ligt op de grond in het stof. Een hoorn is een beeld van rijkdom, eer en macht. Gevuld met olie, overvloed van heil is bij Hem te krijgen. Met die hoorn heeft de Heere de vijanden weggestoten. De macht van de hel verslagen. Behoudenis voor zijn volk.
Zo lag Saulus met één stoot in het stof op weg naar Damascus. Ik verwacht veel van de macht van de Heere Jezus. Als Hij zegt Ik wil, dan zeg jij niet meer, ik wil niet. Ik heb wat tegengestribbeld. Tot Hij kwam met zijn hoorn. U hebt overwonnen in mijn leven.
Aan het altaar zaten ook van die hoorns. Je was vrij van de vervolging van de bloedwreker als je die hoorns aanraakte. Kies je dan voor Jezus? Kom je morgenavond wel of niet - daar ben je zelf bij. Maar het leven en dood is je nu voorgesteld: Kies dan het leven. Als die bloedwreker je op de hielen ziet, grijp Hem dan aan, dan ben je veilig.
In Openbaring wordt de Heere Jezus als het Lam met zeven hoorns! Almachtige kracht...

2. Een lamp - beeld voor een nageslacht. Die zijn vader of moeder vervloekt diens lamp zal uitgeblust worden. (Spr 20:20)
Het is ook een beeld van wijsheid. De kracht en de wijsheid Gods is Hij. En als Zijn licht mij gaat bestralen dan zie ik zoveel stof en vuil, maar het is ook vertroostend. Als je ogen open gaan en je Hem mag zien, in Zijn glans en majesteit. Ziet u het niet? De blinde Bartimeüs zag er ook niets van, terwijl Jezus voor hem stond. Zou je Hem willen zien? O, Zoon van David, ontferm u over mij, bad hij. Mijn ouders zeggen, dat ze het fijn vonden in de kerk maar het zegt mij niets! Bid dat gebed dan eens, en Hij opent ook jouw ogen!

3. Een blinkende kroon. De vijanden met schaamte bekleed. De priester met heil bekleed. Wat een verschil. Vijanden had David gehad. Saul, Edomieten, Moabieten, Filistijnen, zijn eigen zoon Absolon. Die kroon moet er af, ze gunden hem zijn koningskroon niet. Maar zijn kroon wordt bevestigd. Op zijn hoofd. Zijn rijk bloeide en groeide. De kroon bloeide - hij werd uitgebreid dus. David die eertijds diep vernederd was, schittert..

Gabriël zei het: Hij zal de troon van zijn vader David krijgen en aan Zijn koningschap zal geen einde zijn. Op Golgotha droeg Hij een doornenkroon en een spotkleed. Op Paasmorgen stonden de vijanden beschaamd. Getriomfeerd heeft hij. Met eer en heerlijkheid gekroond.

Moet ik nu wel of geen belijdenis doen? Als je tot die slotsom komt - we hebben gehord dat bij Hem het licht is, en dat Hij de kroon draagt. Kom ik om, dan kom ik om, maar ik zal tot Hem gaan. Als Zijn werk uitgebreid word, - ik denk aan House of Hope, Katendrecht, dan bloeit de kroon van Jezus. Als een gevangene word bevrijd, een zondaar wordt bekeerd. Een pareltje wordt gehecht aan de middelaarskroon van Christus, zeiden de ouden.

Laten we Hem de lof toe zingen, en als je Hem niet kent, bidt dan: O Zoon van David, ontferm u mijner!

Edit