Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2007-10-28 10:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Open 16:15 Open 16 2007-10-28.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 5.5Mb)
2007-10-28T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 10.1Mb)
De zaligsprekingen uit Openbaring

Edit| EditReeks
Samenvatting:
De derde van de zeven zaligsprekingen in de Openbaring,
1: zalig hij die leest en leeft bij de woorden van God.
2: zalig de doden die in de Heere sterven.
Hier gaat het over wakers.

1. de aankondiging, 2. de aansporing, 3. de afkeuring

1
Er was eens een neger-dominee: ik lees niet graag een boek met droevige dingen. Ik kijk eerst naar hoe het eindigt. Als het goed eindigt, dan kan ik wel lezen. Wat een ernstig hoofdstuk hebben we gelezen! Maar als ik kijk naar de laatste bladzij van Openbaring: zie Ik maak alle dingen nieuw. De vernietiging van Zijn vijanden, verheerlijking van de gelovigen, maar dit is om van te sidderen.

Een Schotse dominee John Kennedy, eind 19e eeuw: bij zijn denominatie leefde sterk de wederkomst van Christus. Iemand: waarom bidt u nooit om die eindtijd? Ik geloof in de heerlijkheid in de bloeitijd van de kerk, maar ik heb zo'n aangrijpend gezicht gekregen van die verdrukkingen, dat ik bijna de moed niet heb om op die belofte te pleiten. Zulke verschrikkelijk dingen.
Te midden van die verschrikkelijk straffen staat er dan toch zo'n sterretje.
Grote zaken staan er geschreven: een grote stem (1), grote hitte(9), 12 grote rivier, (14) de grote dag. Zeven schalen gieten de engelen uit op de aarde. In de tempel hadden de priesters gouden schalen met gebeden. Maar hier zijn ze gevuld met oordelen. Uitgieten - zoals de Geest werd uitgegoten. Een zegen-regen aan het begin, aan het einde van het christendom. Donderwolken die worden uitgegoten. Het einde, waar we op afsteven.
Is God 'aardig', altijd vriendelijk? Nee, niet altijd, er komt een tijd dan is het over. God is er niet voor ons, wij zijn er voor God. Hij is er niet om aan te roepen, om gratis je leven weer in elkaar te sleutelen...

Wanneer gaat het gebeuren? Als de maat van de zonde helemaal vol is. Toen de maat van de zonde vol was bij Noach - toen liep de emmer over. Toen de maat van de Kanaänieten vol was, 450 jaar. De perversiteit, de gorigheid, toen dat vol was - toen kregen de Israëlieten de opdracht om alle Kanaänieten uit te roeien. Toen de maat van de zonde van het Joodse volk vol was, toen heeft God ze verstrooid. Als de maat van de zonde van het christendom vol is, volgt dit. Als mensen, ook kerkmensen het uiterste gedaan hebben om God te tergen, dan zal Hij toch komen met Zijn plagen.

(9) God die macht heeft over deze plagen - dat doet denken aan de plagen in Egypte. Die tien plagen worden als het ware over de hele wereld herhaald. De uitkomst is hetzelfde als bij Farao: Hij verhardde zijn hart. Op een bepaald moment verhardt God zelf zijn hart!

Je gaat de voortekenen al een beetje zien: zweren, epidemische ziekten, water in bloed: water verontreinig. Zon - de opwarming van de aarde, als ik Al Gore moet geloven, dan ga we behoorlijk die richting op.
De zesde plaag, vers 12: Het water droogde op. Kikkers, net als in Egypte, overal kwamen ze. Koningen van het oosten. Zou het de Islam kunnen zijn?
Tussen de zesde en de laatste plaag staat dat sterretje: Ik kom als een dief. Ik ben er bijna.
Ik heb een vraag. Zou de gemeente dit allemaal meemaken? Zij die geborgen zijn in Christus? Ik denk het niet. Ik zie in de Schrift dat Gods volk veilig is, achter het bloed van het Lam. Zoals toen de maat voor het eerst vol was. Henoch werd vlak voor die tijd opgenomen, Noach werd er doorheen geleid.
Toen voor Sodom en Gomorra de maat vol was: de gelovigen hoefde dat niet mee te maken, veilig in Zoar. Toen die van de Kanaänieten vol was, was er een veilig heenkomen voor Rachab. Toen de maat van Egypte vol was, maakte Israël alleen de eerste drie plagen, daarna waren ze veilig in Gosen. De Heere raapt de rechtvaardige weg voor het oordeel staat er in Jesaja (57:1).
Zie Ik kom.
Bij de Hemelvaart is Hijvoor een lange tijd naar het 'buitenland' gegaan. Hij heeft ons talenten gegeven om mee te werken, maar Hij komt terug. Als we het avondmaal vieren: het is een voorlopige maaltijd: we gedenken de doods des Heeren, totdat Hij komt!
Als heraut zeg ik nu tegen u: kniel voor die koning!

Geloof je dat Jezus komt? Dat er een dag aanbreekt, dat alen ogen Hem zullen zien?
Hoop je nu ook dat Hij terugkomt als jij leeft? Of hoop je dat Hij over een paar honderd jaar komt?
Er zijn mensen in deze stad, die hebben niet alleen de Heere Jezus lief, maar ook Zijn Verschijning. Dat wil zeggen, Zijn verschijning hier op aarde. En dat je daarnaar verlangt.
Ds Rutherford droop van de liefde tot God, met name lees je dat in zijn zgn. gevangenisbrieven. Er was een pasgetrouwde vrouw, die haar man enige jaren moest missen. Maar ze verwachte op zijn belofte dat hij zou terug keren van overzee. Ze stond vaak aan de kust. Haar hart heeft de wind lief die hem zal thuisbrengen. Een Noordewind van oordeel of een Zuiderwind van zegen.

Hoe komt Hij dan? Als een dief. Goed lezen: Voor een kind van God komt Hij als een Bruidegom. De Geest en de Bruid zeggen: kom! Voor ongelovigen komt Hij als een dief, als mensen slapen en beneveld zijn. Onverwacht, onverwachts. Als het u even niet uitkomt - dan komt het nooit uit.

Wij denken m.b.t. de wederkomst dat er nog een 'zaterdagavond' zal zijn. U vergist zich - geen tijd om de schoenen te poetsen, het stoepje geveegd, alles aan kant. Overrompelend.

Een dief komt ook ongewenst. Niet welkom en niet begeerd. Geen hoop. Als een dief komt heb jij alleen maar verlies. De kostbaarheden neemt hij mee. Jezus neemt Zijn kostbare dingen mee: Zijn 'kinderen'. De wereld blijft achter zonder.
De ongelovigen zullen de wederkomst beleven als inbraak, de hemel brak in in de wereld van Noach. Dat zal de Heere weer doen, met Zijn Zoon, die zal inkomen.

Hoe komt Hij nu bij jou? Vertrouw je op Hem? Dan moet je naar Hem verlangen!

2 Waken
Er waren 24 tempelwachters per nacht, in Joodse geschriften is dat uitgewerkt. In Psa 134 zingen we erover. Een was de opzichter. Waren ze allemaal wakker? Als een waker sliep, werd zijn bovenkleed verbrand, 's ochtends moest hij in zijn ondergoed naar huis - dat was een waker die had geslapen, je schaamt je weg... Dat beeld wordt hier bedoeld.
Waken, Vigilate in het Latijn, 'wij waken terwijl zij slapen', stond er op het wapen van de politie. Vlak voor de morgen van de Volkomen verlossing is de nacht het donkerst. De Heere Jezus spreekt in Mat 25 over de 5 dwaze en wijze maagden: alle tien sliepen ze! De discipelen slapen in Gethsemané,. Wakker was Judas! Zal dan de wereld waken en de kerk slapen?
Waakt, als bevel van Christus.

Bovendien moeten we waken omdat we onze natuur tegen hebben. Houden we onze ogen gesloten voor de werkelijkheid van de openbaring? Wordt wakker uit die zorgeloze slaap. Kinderen van God hebben hun hart ook tegen. De bruid uit het Hooglied wordt ook moe, ze gaat slapen op haar bed. De duivel wil ons zand in de ogen strooien. Als je slaapt en niet wakker en waakzaam bent. Toen Saal sliep verloof hij zijn speer en kruik; hij werd kwetsbaar en dorstig. Simson verloor zijn kracht toen hij sliep. Eutychus verloor zijn leven toen hij in slaap viel (Han 20:9).
Toen “Christen” sliep verloor hij zijn zekerheid, in Bunyans 'Christenreis'.

Gelukkig ben je als je wakker mag worden en blijven. Als je slaapt loop je risico.
Kinderen: er was een klein jongetje in Afika. Hij sliep met zijn vader in de open lucht naast een vuur. Midden in de nacht zag hij een grote leeuw. Hij keek naar het jochie met grote verslindende ogen. Het jochie was dapper, nam een brandende tak uit het vuur en wierp die naar de leeuw die schrok en wegging.
Er komt een brullende leeuw aan. Hij zoekt of hij jou kan verslinden; neem een tekst uit het vuur van het woord van God, en slinger dat naar hen - weg satan. Waak!

3
Hou je klederen aan, je lampen brandend. Klaar voor Zijn komst,m Hij kan elk moment komen. Waakzaam, wachtend, verwachten.

Je kunt ook vertalen: houd je kleren zuiver. Die kikkers kunnen je kleding bezoedelen. Waakt en bewaar je kleding zuiver. Niet de kleding die wij maken, die Adam maakte van de vijgenbladeren. Maar God geeft die, daar moet je zuinig op zijn. De mantel der gerechtigheid. Die je gekregen hebt, die Jezus maakte toen Hij stierf. Zijn lijden waarin zoveel steken zitten om de mantel der gerechtigheid als een borduursel te maken.
Adam kreeg ook die rokken van vellen om. Die vijgenbladen gaan eerst uit! Dan over de naakte schouders Gods mantel gelegd. Als een arme naakte zondaar.

Opdat men uw naaktheid niet zie, en uw schaamte. In Christus' mantel gehuld vond ik een bedeksel voor mijn schuld.
Die kleren deelt God gratis uit. Om het moment dat ik mijn zondepak aan de voet van het kruis neerleg. Gods mantelzorg!

Onthoud dit;
A-A-A
Aanbieden, dat doe ik nu
Aanprijzen, dat wil ik!
Aantrekken, dat is geloof, u moet die mantel zelf aan treken.

In Christus bloed is mij bereid
het feestkleed der gerechtigheid
daarmee kan ik voor God [..]
geen oordeel meer voor wie gelooft
voor leven en voor sterven zaâm
ligt al mijn heil in Jezus naam.

Edit