Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2008-01-01 10:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Jac 4:13-17 Jac 4 2008-01-01.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 4.0Mb)
2008-01-01C.105.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 27.4Mb)
2008-01-01T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 7.8Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Ik wens u allereerst een gezegend nieuw jaar. Vanmorgen kijken we vooruit naar een onbekende toekomst. Toch mogen we voor die toekomst een vast vertrouwen op God hebben, omdat we omhoog kijken, naar boven. Een lege, nieuwe agenda. Maar hij is ook zo weer gevuld. Vakanties, toetsweken, reizen, verhuizing, etc. Eén ding moet je bovenaan je agenda zetten: zoek eerst het koninkrijk van God. Fijn dat u er vanmorgen bent, ondanks de moeheid. We reizen verder in de richting van de wederkomst. Aarzelend doe ik de deurknop van het nieuwe jaar open, en ik zie maar één stap voor me, maar dat is genoeg met het lampje van Gods Woord. Zal dit jaar ons dichter bij de Heere brengen of wordt u nog harder, kouder, vormelijker? Het gaat altijd één bepaalde kant op. Of Gods kant op of van God af, tot je over een grens gaat. De Heere geve ons dit jaar dat uw hart geneigd wordt naar God toe. Ik wens alle onbekeerden een nieuw hart toe. Allen die de Heere kennen wens ik toe dat u elkaar liefhebt. Een nieuw lied in de mond.

Vandaag Jacobus 4 in 5 punten.

Deo volente: zo de Heere wil
1.zelfverzekerdheid (vers 13)
2.vergankelijkheid (vers 14)
3.afhankelijkheid (vers 15)
4.zondigheid (vers 16)
5.verantwoordelijkheid (vers 17)



Herkent u die zelfverzekerdheid? Ik ga dit doen, en ik ga dat doen. Ik kom volgende week naar je verjaardag.....volgend jaar ben ik afgestudeerd......over 3 maanden ga ik trouwen....etc. Dat was ook al in de tijd van Jacobus. Vers 13 spreekt over een gunstig handelsklimaat. We gaan daar en daar naar toe, we blijven daar zo lang en daar gaan we winst maken. Vergaderingen, jaarplannen, korte en lang termijnplanning, inschatten van de winstkansen. Rekenen, plannen, groeien, etc. Zo rekenen wij, en we rekenen niet met God. Zonder te vragen naar Gods wil, zonder te bidden om Gods zegen. Het lijkt op de dagen van Lot: eten en drinken, trouwen, kopen en verkopen, ze dachten aan hun lichaam, sociale leven, handelsleven, maar niet aan God. De eerste letter van Gods alfabeth is afhankelijkheid. Met plannen is niks mis, maar wel als je het zonder God doet. Je maakt je druk om steentjes, terwijl het goud te verkrijgen is. Ik leef voor de wereld, maar niet voor de hemel. Wij zullen, wij zullen, wij zullen, steunend op eigen kracht, op eigen hersens. Ik ga naar die en die stad. Maar hoe weet je of je daar aan komt? Hoe weet je of je winst zult maken? Maar je hoeft toch niet overal D.V. bij te zeggen? Nee, maar je moet er wel altijd aan denken. Soms moet je het later nog eens over rekenen. Weet je zeker dat je er morgen nog wel bent? In de Bijbel staat dat je je dagen moet tellen. Niet per jaar rekenen, maar per dag. Leer ons onze dagen tellen. Denk aan de rijke dwaas. Hij plande grote schuren, maar diezelfde nacht stierf hij.

Vergankelijkheid. Het leven is een damp. Als rook uit de schoorsteen, je ziet het even en het is weg. Als een mistflard. 's Ochtend zie je die mist hangen, maar na een paar uur is de mist weg, opgelost. Het leven is onzeker, kort. Morgen kan het einde van je leven zijn, morgen kan het eind van de tijd aangebroken zijn. Denk aan de Titanic. 1500 mensen, zo naar de bodem. Het muziekkorps speelde ”Nader mijn God tot U........Dat wil ik, dicht bij U komen. Als het levenspad ruw wordt, als het moeilijk wordt. Dicht bij U komen. Tel je dagen! Als je nu zou weten dat je morgen een ernstig ongeluk zou krijgen, dan zou je geen oog meer dichtdoen. Als je met ruzie de deur uitgaat, weet je niet of je nog terugkomt. Als je 's avonds met onenigheid gaat slapen, weet je niet of je het nog goed kan maken. Het leven is een damp. Alleen dat al zou ons teerder moeten maken in de omgang met God en met elkaar. Hoedanig is uw leven, staat er. Hoe is nou mijn leven? Goede vraag op1 januari. Vergeet nooit dat het leven een heerlijke gave van God is. God heeft mij gemaakt. En nu mag ik aan Hem vragen: Heere, ik vind het leven soms zo moeilijk. Heer, U hebt mij geschapen, u weet hoe ik het beste kan functioneren. Leer mij om te leven in Uw dienst. U bent mijn fabrikant en u weet het beste hoe uw produkt in elkaar zit. U heeft Uw leefregels gegeven. Help me om daarnaar te leven. Het leven is wel heel vluchtig, heel snel. Het leven kan heel onzeker zijn. We maken plannen, maar we beschikken niet over de toekomst. Er kan een dikke streep door onze plannen gezet worden. Er luisteren nu mensen mee in het Ikazia-ziekenhuis. We heten hen welkom en denken aan hen. Zij hadden ook niet gedacht dat ze nu met Oud en Nieuw in het ziekenhuis zouden liggen. Begrafenisondernemers delven graven in allerlei maten. Kleine kindjes, jonge knullen en oude mensen. Het leven is onzeker en moeilijk. Sterven valt niet mee, maar leven ook niet altijd, hoe ouder je wordt. Jakob zei ook dat het merendeel van zijn leven moeite en verdriet was. En toch is het leven ook heerlijk, als God erin te vinden is! Als God mijn God maar voor mij is! Dan zijn we door die goede machten stil en trouw omgeven in dit moeilijke leven. Als Gods je Leidsman is, Christus je Zaligmaker en de Heilige Geest je vervult. Al moet je die diepe oceaan door, als je die parel van grote waarde daar maar vindt. Een moeilijk leven is nog geen mislukt leven. Weet u wat een mislukt leven is? Als u een leuk rijk geslaagd leven hebt, maar zonder God. Dan hou je ook niks over. Het leven is ook heel beslissend voor later. Voor een kind van God is het leven een leerschool. Geslepen worden als een ruwe diamant, om straks in de gloriekroon gezet te worden van de Heiland. Mijn leven wordt geslepen op de slijpsteen. Misschien moeten er wel verkeerde kanten van mijn karakter afgeslepen worden. Het is tijd om je nu vandaag over te geven, het roer uit handen te geven in de handen van de Heere Jezus.

Afhankelijkheid. Indien de Heere wil en wij leven zullen wij dit of dat doen. Ziet u het verschil met vers 13? In onze kringen zeggen we vaak: bij leven en welzijn. Hier staat: indien de Heere wil en wij leven. Dat is net een graadje dieper. Moet je dat dan altijd zeggen? Het kan ook dode vorm zijn. Maar het moet wel altijd in je hart zijn. Iemand vond een bepaalde begraafplaats zo mooi, dat hij daar bij leven en welzijn begraven wilde worden (...). Dan weet je niet wat je zegt.
Als Christus nog niet terug gekomen is. Dat moet de rode draad zijn van een christenleven: de wil van God en de komst van Christus. Die Heere die mij met ziel en lichaam heeft gekocht, wiens eigendom ik ben, diens wil. Het doel van een christen is te vragen naar Gods wil.

De zondigheid (vers 16) . Nu blijft gij in uw hoogmoed, staat er. Dat is zonde. Ik wil dit en ik wil dat. Niemand krijgt dat uit je hoofd gepraat. Er is maar 1 toekomst zeker: dat er een kroon des levens klaar ligt voor allen die de Heere Jezus lief hebben gekregen.


De verantwoordelijkheid (vers 17). Het gaat hier over goed doen. Als weet goed te doen en het niet doet, is het je tot zonde. Als je het weet, verhard je hart dan niet, maar geef je nu over. NU. Niet volgend jaar pas. Niet uitstellen. Als je weet goed te doen, en het toch uitstelt, is het zonde. Grijp de kansen en woeker met je tijd en talenten. Als ik stil word en ik hoor de klok tikken dan zegt elke tik van de klok: nu is het de tijd van genade, Hij roept mij nu tot zich. Vandaag moet ik vertrouwen op de Heere Jezus en zo niet, dan kan ik morgen verloren zijn. De tijd is kort,de gunstige gelegenheden die we krijgen zijn zo gauw voorbij. De wet verbiedt ons het verkeerd te doen. Maar de genade die leert mij om goed te doen. Straks als de Heere Jezus terugkomt, moeten we verantwoording afleggen. Dan let de Heere Jezus niet alleen op wat ik verkeerd gedaan heb, maar ook wat ik nagelaten heb. Die bokken aan de linkerkant hadden wellicht helemaal niet zo veel kwaad gedaan, maar ze hadden nagelaten om goed te doen. De één heeft 5 talenten, de ander is een duizendpoot en weer een ander kan niet zo vlug en heeft misschien niet zo veel talenten. Maar al ben je nu maar voor 1 persoon tot zegen geweest, dan heb je niet voor niks geleefd. Dominee Doornebal zei een keer: als ik nu maar ooit in mijn leven voor 1 moede ziel een beker koud water heb kunnen aanreiken, dan is mijn ambtelijk leven goed geweest. Natuurlijk hoop je op meer. Gemeente,
Wij zijn druk, wij hebben weinig tijd,
wij doen alles even, maar na dit korte leven,
komt de eindeloze eeuwigheid,
is daar uw ziel dan wel op voorbereid?

--
Grijp toch de kansen door God u gegeven,
Kort is uw zijn hier, de tijd snelt daarheen
Wat toch blijft over, o zeg, van dit leven?
D' arbeid der liefde, gedaan om u heen.

Niets is hier blijvend, niets is hier blijvend
Alles hoe schoon ook, zal eenmaal vergaan
Maar wat gedaan werd uit liefde tot Jezus
Dat houdt zijn waard' en zal blijven bestaan.
[JdH 166]

Edit