Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2008-03-02 10:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Luk 23:42,43 Luk 23:32-43 2008-03-02.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 4.8Mb)
2008-03-02C.105.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 26.6Mb)
2008-03-02T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 10.3Mb)
De Kruiswoorden

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Naar het paradijs.
1 belijdenis 2 bede 3 beantwoording

Het tweede kruiswoord. Ik dacht aan:
Zie ik, hoe genaad' ontving,
die met Hem aan 't kruishout hing,
'k bid, mij voelend Hem gelijk,
"Heer, gedenk mij in uw rijk!"

Er is een gevaar, voor mij en voor u. We kunnen het berouw van de moordenaar zo ophemelen dat de Middelaar in de schaduw komt. Er is genade zelfs voor de grootste zondaars en zelfs ter elfder ure. U moet naar huis meet een jubel: Jezus neemt de zondaar aan, Hij kan en wil en zal in nood, zelfs bij het naderen van de dood, volkomen uitzicht geven.
Ik zie de Herder en een schaapje. Het ligt al in de muil van de leeuw, de duivel. De moordenaar kon niets meer goedmaken. Hij kon het niet meer ongedaan maken. Hij heeft wat gezinnen kapot gemaakt door zijn moord- en rooftochten. Zelfs zo een mag mee.

Een gevaar voor u is dat de moordenaar net voor twaalven thuis is. Een zeldzaam voorbeeld. Je moet je bekering tot God niet uitstellen. Achter grijzen haren en frisheid van de jeugd kan een zwart hart zitten. Echt berouw is nooit te laat, maar ook: laat berouw is zelden waar. Ik heb niet veel met sterfbed-bekeringen. *Heden* als u Mij stem hoort, verhard u niet.
Het lijkt mooi, maar bedenk ook: God heeft erg weinig aan hem gehad, de onnutigste bekerling die je je kan indenken.

1) Belijdenis naar de medemens. De voorkant van het kruis is onuitsprekelijke liefde. De achterkant is de toorn van God. Maar het heeft ook een zijkant: ter rechterhand hangt een moordenaar, een schaap, aan de andere kant een bok. De een behouden, de ander verloren, het kruis van de bemoediging en dat van de waarschuwing, ter zijden van het kruis van de Verzoening. Op dat kruispunt scheiden de wegen.

“Moordenaars” worden ze genoemd, 'boosdoeners' , rebellen, opstandelingen. Aanslagen op de Romeinen pleegden ze. Terroristen. De Zoon van God was te midden van de Vader en de Zoon, nu temidden van boosdoeners, misdadigers. Wat moet dat betekend hebben. Wat is het verschuil tussen de twee moordenaars, - even boos, even schuldig, even dicht bij Jezus. Een armlengte bij Hem vandaan. Allebei hebben ze aanvankelijk gespot. Ze hebben hetzelfde gehoord en gezien. Er is geen onderscheid tussen zondaars. En toch wel, de een verhardde zich, de ander verbrak en mocht naar de zaligheid. Er zullen er zijn twee op een bed, de een aangenomen de andere achtergelaten. Twee op een akker, twee in één kerkbank. U hoort dezelfde preek, zingt dezelfde psalmen. De een versmelt en de ander versteent. Een kracht Gods of een dodelijke reuk. Wat is het verschil?
Het hangt af van je houding t.o.v. Hem, o moordenaar, o kerkganger. Je kunt bij het middelste kruis niet hetzelfde blijven: het is smelten of verstenen. Een paar uur later is er een onoverbrugbare kloof ontstaan. Nooit vergeten dat het er twee waren.

Waar kwam het omslagpunt?
Luguber tafereel - flash backs, een verknoeid verleden, een pijnlijk heden en een zwarte toekomst. Spijkers door je handen. 5 soldaten kwamen er bij te pas. Je leverde verzet met je laatste krachten. Maar bij Hem is geen verzet. Hij opent Zijn mond - niet om om vuur te bidden: Vader vergeef het hun, ze weten niet wat ze doen.
Ze spotten beide, de moordenaars. Tot er een stilte valt... Wat is de reden - dat is de Heilige Geest. Hij heeft dat eerste kruiswoord gehoord, de Heilige Geest gebruikt dat om het hart van de moordenaar te raken. Ook dat kruiswoord keert niet ledig terug. Hij krijgt Godskennis, zelfkennis en Christuskennis. Dat laat de Heilige Geest hem zien. Vreest u God niet? Het is niet uit met deze wereldse veroordeling. Zelfkennis: wij ontvangen de straf waardig... niet: drie keer jij. Maar wij. Wij hebben God op het hoogst misdaan (Psalm 106:4).
Ik erken mijn schuld, ik heb het verdiend.

Als de Heilige Geest volgende week Tafelwacht zou zijn, en Hij zegt 'terug!' Zou u teruggaan? Ik heb het niet verdiend, dat ik aan tafel kom. Het kan eigenlijk helemaal niet van mij. Niet de tafel, waardig hetgeen wij gedaan hebben, maar de straf.
En hij krijgt Christus-kennis: Hij is rechtvaardig, heeft niets onbehoorlijks gedaan. Niets 'atopos' (Gr.), nooit van Zijn plaats (topos) geweest. En ik? Ik ben meer van mijn plek dan op mijn plek.

2) Hij bidt: Heere gedenk mijner. Een moordenaar gaat tot de Middelaar, persoonlijk. Hij vlucht tot de Heere Jezus.
De voeten die snel waren om bloed te vergeten, spoeden zich naar Hem. Hoe komt Hij er bij om Hem Heere te noemen? Misschien zag hij het bordje. Is dat mijn Koning? Maar hij begreep Hem. Zag met geloofsogen. Zijn koning en Zijn God. Wie de naam van de Heere aan zal roepen zal behouden worden. Er is geen betere naam.
'Dat geldt voor die moordenaar'. Nee u bent kerkganger, een betere tak van de familie. Maar allemaal van de zelfde stamvader. Er komt een moment dat de aarde voor ons zal wegzakken. Dat we alles los moeten laten wat we vast hielden. Ik was net predikant, en er stierf iemand van mijn leeftijd. 26 jaar. Het laatste wat ze riep was: moeder! Het laatste wat de moordenaar riep was Jezus! Wilt U één keer aan mij denken? Een roep om genade. Niet: haal me van dit kruis.
Zou hij kinderen hebben gehad? Misschien dachten ze aan hem met veel schaamte. Zou zijn moeder onder aan het kruis hebben gestaan? De moeder van Jezus ook.
'Ik zal aan je denken', zeggen wij: d.w.z. ik zal voor je bidden. Een gebed van één zin. Hoe ernstiger hoe minder woorden je nodig hebt: Bartimeüs: Heere ontferm u mijner. De tollenaar achter in de tempel: O God wees mij de zondaar genadig. Een gebed van 5 seconden en een antwoord voor de eeuwigheid.

3) Denk aan mij als u in Uw koninkrijk bent - dus: als u zult terug komen in Uw koninklijke heerlijkheid. Mag ik daar dan ook bij zijn. Wilt u mij dan ook opwekken. Straks. Maar Hij is nog niet teruggekomen. Maar, hij krijgt veel meer dan waar hij om bad: niet straks als ik terug kom op aarde. Nu al in de hemel, het paradijs. Een veel heerlijker antwoord. En Jezus zei tot Hem. Hij sprak niet voor Pilatus en Ananias, en zelfs toen ze net gehangen werden, toen schold de Heere Jezus niet terug. Met smart en verdriet was Hij stil. De moordenaar doet een beroep op Zijn genade, en direct doet de Heere Jezus Zijn mond open! Nooit heeft iemand tevergeefs een beroep gedaan op Zijn genade.
Hij zegt het tot iedereen die dit gebed doet. Voorwaar, een koninklijke declamatie. Het zal waar zijn. Handen en voeten zijn gebonden maar Zijn mond niet, Hij spreekt heerlijke dingen. Wonderen alleen van genezing. Hij mag mee opklimmen naar de hemel. Heden, vandaag nog. Vanmorgen waren ze veroordeeld. Maar voor de zon ondergaat ben je met Mij in het paradijs. Heden zult gij - crimineel, zopas heb je nog gespot. Jij gaat straks met Hem mee. Wat een geweldige Heiland, de eerste die verlost is letterlijk door het bloed van het kruis. Gij met mij.

Wat een geweldig woord. Daar kan je het mee doen. Is er meer?

Hij heeft de belofte van de Heere. En nu gewoon rustig afwachten... Hij geloof toch? Maar tussen de toezegging en de vervulling ligt altijd de geloofsstrijd en beproeving tussen. Kijk maar. Heerlijke paradijswoorden klonken in zijn oren - de harde werkelijkheid, kloppende hoofdpijn, dorst, het scheuren van je spieren, je harde kruiswerkelijkheid. Hij zal nog veel moeten leiden. Het zal nog erger worden als zijn benen gebroken worden. De rechtvaardige moet leven door het geloof, niet door wat hij voelt en ziet. Door het geloof alleen. Geloof is je vastklemmen aan de woorden van de Heere Jezus. Hij hing meer aan Jezus dan aan het kruis.
Hij kreeg geen tweede opbeuring meer. Aan het woord heb ik genoeg. Dat is vast. En ze moesten nog de drie uren van duisternis door. De zon en de ziel van Jezus werd verduisterd. Hij kwam ook in het donker, hij zag de Heere Jezus niet meer. Hij hoorde alleen Zijn klacht. Waarom hebt Gij Mij verlaten.... juist toen werden zijn zonden geboet. Zijn Gods beloften u genoeg, ook als u in het donker leeft? Dan sterft Jezus en hij moet geloven in een dode Zaligmaker.
Dan komt die soldaat met een zware voorhamer. De beenderen kraken, zijn ogen breken, hij sloeg hem het leven uit en het paradijs in. Hij komt er aan met twee gebroken beenderen. Daar staat de Heere Jezus op Hem te wachten. Zullen we samen Gods tuin in gaan?

God heeft u welgedaan
in 't laatste uur, zal 'k zegevierend ingaan
in rust met U, die mij hebt voorgeleid.

Edit