Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2008-03-16 17:00:00 prof. dr. A. de Reuver (Delft)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Mat 26:30 psa 118: 1-29 Mat 26:26-36 2008-03-16.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 4.4Mb)
2008-03-16C.175.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 27.0Mb)
2008-03-16T.171.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 9.4Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Er zijn verschillende getuigenissen bekend van mensen die zingend de dood zijn ingegaan, als martelaar omwille van hun geloof. Niet alleen martelaren zongen voor zij stierven; ook andere kinderen van God waren er bij het naderen van de dood zo zeker van dat er uitkomst was bij God dat ze alleen nog maar wilden zingen. Van wie hadden deze mensen dat toch? Van een Bekende, van een Beminde, van onze Heere Jezus Christus. Hij moest ook sterven, maar niet zoals wij als loon op eigen zonde. Ook niet door ziekte of iets dergelijks. Maar omdat Hij vrijwillig onze ziekte en zonde op zich nam. Omdat Hij vrijwillig die ongeneeslijke kwaal van de zonde op zich nam. Een kwaal waarvan wij allemaal last hebben. In zekere zin zijn wij allemaal opgegeven: ons wacht de dood, tenzij......Het Lam dat ook de zonden der wereld wegnam, nam ook onze wonden voor Zijn rekening, de schuld en de vloek. De weg van het Paaslam eindigde in de dood. Hij ging die weg tot het bittere einde. Om zo plaatsbekledend het offer te brengen en de straf te dragen die ons de vrede brengt. Jezus ruilde, met zo'n ongeneeslijke zieke zondaar. Jij kunt nooit meer beter worden, zei Hij. Zal ik voor jou......? Ik voor u daar gij anders de eeuwige dood moest sterven. Zal Ik die kwaal wegdragen? Geef maar.....Om onze overtredingen verwond. Een man van smarten, verzocht in krankheden. Door Zijn striemen is ons genezing geworden. Zo moet u Hem hier zien in de kring van Zijn discipelen. Zo moet u Hem zien in deze lijdensprediking. Hij wist volstrekt wat Hem te wachten stond aan ontluistering en pijn. Hij wist dat Hij de toorn van God moest dragen; die straf die ons de vrede aanbrengt. Hij wist dat Hij daarbij moest neerdalen tot in de hel van de godverlatenheid. Dat Zijn lichaam binnen afzienbare tijd zou worden gebroken en Zijn bloed zou worden vergoten. Hij wist dat zo goed dat Hij dat zichtbaar en tastbaar uitbeeldt tijdens de laatste maaltijd met Zijn discipelen. Hij geeft een ongebruikelijk en shockerende wending aan de Paasmaaltijd. De gang van zaken lag immers nauwkeurig vast. De vertelling van de uittocht door de vader, de lezing, de liederen uit het psalmboek, de handelingen die werden verricht, maar waar is dit keer het Paaslam? Het lijkt erop dat het belangrijkste dit keer ontbreekt, maar nee, de Belangrijkste is aanwezig. Hij is het zelf. Hoor maar. Bevrijdend en schokkend tegelijk: Niet het bekende zinnetje: “dit is het brood der ellende” (herinnering aan Egypte), maar: “neemt, eet, dit is Mijn lichaam!” “Neemt, eet dit is Mijn bloed! Dit is nooit gehoord aan een tafel, een paastafel. Dit is volstrekt nieuw. En toch is hier lang naar uitgezien. Want niet het bloed van al die ontelbare paaslammeren bracht redding te weeg, maar alleen het bloed van de Heere Jezus. Dit bloed beeldt de Heere Jezus uit bij brood en beker. Dat kunnen we nog zien en tasten en proeven bij het Heilig Avondmaal. Het brood dat wij breken is de gemeenschap aan Zijn lichaam....de beker de wij drinken is de gemeenschap aan het bloed dat voor ons vergoten is....Hij beeldt het niet alleen uit, Hij zingt het ook uit, via de heilige Paasliturgie. Er werd veel gezongen tijdens zo'n Paasliturgie. De liedkeuze stond van a to z vast. Na de rondgang van de 1e beker zong men psalm 113 en 114. Later psalm 115-118. Het werd afgesloten met psalm 136, met het telkens herhaalde refrein over de goedertierenheid des Heeren die tot in eeuwigheid is. Die 7 psalmen samen noemden zij het hallel. Dat hoor je terug in het woord halleluja. Dat betekent: laten wij loven de Heere. Hallel betekent dus zoveel als lofzang, loflied. In het Grieks een hymne. Aan dit zinnetje kun je zien in welke gesteldheid de Heere Jezus Zijn dood is tegemoet gegaan. Op weg naar de smadelijke en schandelijke kruisdood. Hoe legt Hij deze weg daarheen nu af? Niet gelaten, niet heldhaftig. Maar wel zingend. Wat zingt Hij dan? De lofzang, het hallel. Kent u die psalmen? Dan weet u dat die psalmen opklimmen. De lof klinkt tegen de achtergrond van angst, benauwdheid, klacht. Liederen die vanuit de diepte opwellen. Het waren deze psalmen die Jezus zong, vlak voor Zijn gang naar Gethsémané. Gabbatha waar Hij geschandaliseerd werd, Golgotha waar Hij aan het kruis geslagen werd. Hij was geen onverschrokken held die alleen maar halleluja zong. Trouwens, zeg nu eens eerlijk, zou u daar nu zo blij mee zijn? Als de Heere Jezus alleen maar fier halleluja had gezongen? Ik denk het niet. Dat zou ons weinig troost geven. Dan was Hij op Zijn lijdensweg zo torenhoog boven ons gebleven dat geen sterveling zich in Zijn nabijheid wist. Zo was onze Borg en Zaligmaker niet. Hij is ons nabij gekomen, niet op afstand, Hij was zo saamhorig dat Hij onder ons kwam wonen, dat Hij dichtbij kwam in ons vlees en bloed. Hij wilde met ons klagen, zuchten, kermen en wenen. Deze Borg is onze Broeder geworden,. Onze bloedverwant, ons in alles gelijk. Nu is er geen verzoeking waar jij in kunt geraken of Hij weet ervan. O ja, Hij heeft God wel geloofd. Ook daarin was Hij plaatsvervangend. Wat wij aan lof en dank hebben laten liggen heeft hij God toegebracht. Maar Hij deed het niet in koelbloedige manhaftigheid, maar in de allerdiepste afhankelijkheid en hulpbehoevendheid. Zo arm , zo diep afhankelijk. Hij zingt niet eens Zijn eigen woorden, maar Hij ontleent Zijn woorden uit het psalmboek. Onderdrukte Hij dan Zijn gevoelens zodat Hij psalmen nodig had? Nee, dat niet. Hij vindt Zijn eigen gevoelens nauwkeurig uitgedrukt in de psalmen. In angst, en lofzang. In klacht en jubel. Hij vond Zijn eigen stemming daar helemaal in verwoord. In Zijn geval kwam daar nog iets unieks bij. Die psalmen waren immers geïnspireerd door de Heilige Geest van Christus. In die vaderen van het oude verbond, David, Heman, Asaf of welke psalmist ook, in hen sprak God toen al. Jezus zingt dus Zijn eigen woorden. Maar wat zingt Hij precies? Een paar grepen uit het hallel:
-Ik heb lief want de Heere hoort mijn stem, mijn smekingen........dies zal ik Hem in mijn dagen aanroepen...... Hij vertrouwt zich in volkomen overgave toe aan die verhorende Vader.
-banden van de dood hadden Mij omvangen.....ik vind benauwdheid en droefenis en ik roep de naam des Heeren aan; Heere bevrijdt mijn ziel. Dat doet denken aan Gethsémané....laat deze drinkbeker voorbij gaan..maar niet mijn wil maar de Uwe geschiedde.......
Maar deze schreeuw sterft niet in het ongewisse uit. Onze God is ontfermende, zingt Jezus. Ik zal straks uitgeteerd zijn, maar Hij heeft Mij verlost. Als je goed luistert, hoor je een paaslied, louter in het geloof, te midden van de benauwdheid. Straks zal Hij kruipen op de bodem van Gethsémané. Straks zult U, Heere Jezus, hangen aan het hout van Golgotha; straks zult U liggen in het graf. Ik zal wandelen voor Zijn aangezicht in de landen der levenden en mijn geloften de Heere betalen..............

-ik zal niet sterven maar leven; Dat kan toch niet? Voor Hem is niets te wonderlijk. Door Zijn sterven heen zijn uitkomsten tegen de dood.

Zo heeft nog nooit iemand de psalmen gezongen. Omdat Hij het deed in de plaats van al die onzuivere harten en onzuivere zangers. Onze stem klinkt zo vaak vervalst, al sinds het paradijs. Die stem die het 100% tot Gods eer doet. Heb je dat al eens ontdekt? Hoe vervalst je stem is, onder het gehoor van die ene zuivere Zanger....Hij zou dit niet gezongen hebben als wij nog zuiver zouden zingen. Dan was het niet nodig geweest. Hij zong plaatsvervangend. Onze stem haalt nooit de hoogste tonen van de lof en nooit de diepste tonen van de klacht. Maar Hij, de Ene heeft het gehaald. Deze Ene staat er voor in dat ook wij Hem na mogen zingen, door Zijn Geest die voor ons bidt en zingt. Hij zingt overigens niet alleen. Hij die voor ons zong, zong ons ook voor, zodat we met Hem mee gaan zingen. De discipelen zongen immers ook mee. De discipelkring, een select gezelschap, zegt u. Ik zou me daar niet bij durven scharen. Zijn meest vertrouwde discipelen..... zou ik me daar ooit bij mogen voegen? Ja, daar hoef je niets bijzonders voor te zijn. Op dat selecte is immers nog wel wat af te dingen. Petrus verloochende Hem.....allen lieten ze Hem in de steek....alleen werden ze aan Hem geërgerd.....Dat gezelschap wat Jezus verkoor en verkiest is bepaald geen elitekorps. Juist als je denkt dat je niet in aanmerking komt, dan ben je hartelijk welkom in de kring.... Kom maar, dichtbij Jezus aanschuiven. Let op Zijn ogen en hang maar aan Zijn lippen. In je pijn en in je nood. In je aanvechting, met de dood voor ogen. Hij zingt je voor. Ik werd benauwd van alle zijden, ik riep de Heer ootmoedig aan en Hij verloste mij uit mijn lijden en deed mij in de ruimte gaan. Maar ik zie er nog niks van, zegt u. Jezus moest ook nog door het lijden heen. Toch zong Hij de lofzang. De Heer is mij tot hulp en sterkte....mijn lied en psalmgezang. Misschien heb je geen lied meer voorradig. Wat moet je dan doen? Vluchten tot Jezus en zeg het Hem na. God is mijn lied, al heb ik geen lied, Hij is mijn psalmgezang, Hij is het die mijn heil bewerkte daar heb ik niets aan bijgedragen. Het heil is des Heeren. Dies loof ik Hem mijn leven lang. Laat je niet dicteren door de liedloze stemming van je eigen gemoed. Ons gemoed is toch niet de canon? Dat is alleen het woord van God. Gedragen door Zijn geest krijgt het lied de overhand. Dan moet de mismoedigheid wijken, voor Jezus die mij moed in zingt. Zing maar met Hem mee. Zijn stem is meer dan mijn stemming. Vlak voor het oord waar al het zingen je zou vergaan. Haal je hart maar op aan de Opperzangmeester. Hij zong ons voor. Door onze tranen heen zingen we verwonderd door: ik zal Uw naam en goedheid prijzen. Al zou het nacht zijn om je heen, al zou het nacht zijn in je ziel. Het geeft niet meer de doorslag; Eén geeft de doorslag: Jezus alleen, Die Gods lof zong in de nacht en ons heden voorzingt. Gods goedheid is in nood en dood voor ons Zijn volk oneindig groot. Zijn waarheid wankelt nimmermeer, zingt halleluja, zingt Zijn eer!

Edit