Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2008-04-13 17:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Zondag 25 :67,68 Mat 26 2008-04-13.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 5.8Mb)
2008-04-13C.175.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 27.2Mb)
2008-04-13T.171.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 10.2Mb)
Catechismus

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Vanavond gaat het over Woord en sacrament. Ten eerste over het doel ervan(vraag 67), ten tweede het aantal (vraag 68). Zondag 25 begint met de behandeling van de sacramenten De Rooms Katholieke kerk heeft 7 sacramenten; wij hebben 7 zondagen die gaan over de 2 sacramenten. De Heidelberger Cathechismus gaat dus uitvoerig in op de sacramenten. Dat blijft nodig, want er is veel misbruik. Zondag 25 begint met de vraag waar het ware geloof vandaan komt, namelijk van de Heilige Geest. Dat is waar, maar die Heilige Geest gebruikt wel instrumenten. Hij werkt het geloof door het Woord en versterkt het door de sacramenten. U staat bij het doopvont, aan de tafel en onder het Woord. Wij zitten onder het gezag van het Woord van de levende God. Er staat Woord en Geest. Dat moeten we bij elkaar houden en in die volgorde. Het Woord zonder de Heilige Geest, dan worden er geen mensen bekeerd. Dan word je hooguit een letterknecht. Dan heb je dorre dogma's, dode orthodoxie, een leersyteem. Uiteindelijk een gesloten boek, omdat de Heilige Geest niet werkt in je hart. Maar je mag de Heilige Geest ook niet los maken van de Bijbel. Dan worden er ook geen mensen bekeerd. Dan wordt je gevoel zo opgeblazen, los en soms zelfs in strijd met het Woord, dat is niet van God. Dat zie je in extreem bevindelijke en ook in extreem charismatische kringen. Laten we de Heilige Geest nooit losmaken van het Woord. En dan komen er nog de sacramenten bij. Dat zie je zo mooi bij Filippus. De kamerling begrijpt de Bijbel niet; Filippus mag het uitleggen, het gedeelte gaat over het Lam der smarten. Dan komt de kamerling tot geloof. Het geloof is de kar van Heilige Geest waarop de Heere Jezus het hart van een zondaar inrijdt. Twee genademiddelen, Woord en sacrament. Eerst het woord, en dan het sacrament. Ook in de doop en avondmaalsdiensten. Eerst de preek, dan het sacrament. Sacramenten zijn de plaatjes bij de preek. Sacramenten zijn tekenen met een betekenis. Tekenen en zegelen. Tekentaal, een symbool, een schilderij. Een signaal, een sein. Water, brood en wijn hebben een betekenis. En dit antwoord zegt, dat dat alles te maken heeft met het offer van Christus aan het kruis geschied. Wat helder als het water is, verbergt een groot geheimenis. Het fonkelt in de rode wijn en wil als brood gegeten zijn. Sacramenten bazuinen iets uit, ze willen ons iets uitzeggen als cimbalen. Samen spreken ze van de rechtsgrond in Christus; Zijn offer. Een teken, met een betekenis. Een sacrament is ook een zegel. Dat zegel op zich heeft geen waarde, maar als het onder een papier staat, dan bevestigt het wat. Een zegel onder de liefdesbrief van God. Die een blijde boodschap bevat, namelijk dat het beloften zijn van God. Daar zet God Zijn zegel op. Ik verzeker je dat Ik je zonden vergeef en dat Ik je eeuwig leven geef. Een teken ter verduidelijking van de betekenis en een zegel ter verzekering om des te vaster te vertrouwen.
Wat zijn de verschillen tussen Woord en sacrament? Het Woord is hoorbaar, de sacramenten zijn zichtbaar. God komt niet alleen tot ons door de oorpoort, maar ook via de oogpoort. Via die 2 poorten is ook de zonde binnen gekomen. Adam en Eva luisterden naar de satan en begeerden de vrucht die zij zagen. Nu benadert God ons door dezelfde poorten. Het Woord is bedoeld voor iedereen. De doop en het avondmaal is heel persoonlijk. Die doop is aan mijn voorhoofd gebeur; Hij noemde mij bij mijn naam. God heeft Zijn naam aan mijn naam verbonden. Hij liet mij heel persoonlijk zien en raakt mij persoonlijk aan door de hand van Zijn knecht. Het avondmaal is ook heel persoonlijk. Ik mag het in mijn hand nemen en met mijn mond proeven. God geeft zicht op Zijn alles reinigende bloed. Al je zintuigen worden door God bij Zijn heil betrokken. Het gehoor, het zien, het ruiken, proeven, tasten voelen. Gehoor: het Woord, de verkondiging. Het oog, het zien: de sacramenten: ziet het heil is des Heeren. Komt en smaakt nu Gods goedheid. Proeven met je tong en mond: het brood en de wijn. Smaakt en zie dat de Heere goed is. Niks smaakt beter (als je tenminste geestelijke smaak hebt gekregen). Het doopwater mag je voelen aan je voorhoofd. Het brood mag je voelen in je hand, de beker mag je voelen in je hand. Voor al die kleingelovigen die het zo graag willen voelen. God komt ons in onze ongelovigheid te hulp. Het avondmaal beeldt het offer van Christus af. Dat offer ging op tot God als een liefelijke reuk voor de Heere. Er staat letterlijk een rustgevende geur. Zijn toorn bedaarde. Als je die liefdesgeur mag ruiken van Christus, dan vind ik daar rust in voor mijn onrustige hart. Augustinus zegt dat ook zo in zijn belijdenissen. Hij vindt dat hij God veel te laat heeft lief gekregen, namelijk met zijn dertigste jaar. U heeft geroepen, U heeft gestraald. U hebt mijn doofheid doorbroken, mijn blindheid verjaagd. U heeft mij aangeraakt en nu ben ik ontvlamd in liefde tot U. Het Woord werkt en versterkt het geloof. Het sacrament geeft geen geloof, maar versterkt het zwakke geloof. Het woord is voor iedereen en de sacramenten zijn alleen voor hen die gelovig geworden zijn. Niet alleen voor de sterke gelovigen, maar voor alle gelovigen. Het Woord is het belangrijkste. Het Woord als eerste, en het sacrament als tweede. Er zijn er die niet gedoopt zijn en nooit aan het Heilig Avondmaal zijn geweest en die toch in de hemel zijn. Denk aan de moordenaar aan het kruis. Er zijn er ook die gedoopt zijn en aan het Heilig Avondmaal zijn gegaan en toch geen ware gelovigen waren......
Woord en sacrament bedoelen allebei hetzelfde. Beide beelden 1 waarheid uit. Eén Zaligmaker, één waarheid. Christus en die gekruisigd. Om Hem gaat het in elke dienst en bij elk avondmaal en bij elke doopbediening. Het woordje “evangelie” en het “offer van Christus” staan 3 keer genoemd in deze zondag. Dat staat dus centraal. Als Christus er niet in is, stelt het niets voor. Het Oude Testament wijst heen naar de komende Messias. Het NT wijst terug naar de gekomen Messias. De Doop wijst ook op Hem. Je wordt gedoopt tot de dood van Christus. De Bijbel is een heerlijk boek, omdat Christus er in is. Hij is de enige grond, het enige fundament van onze zaligheid. Geen grondje, maar 1 vaste grond. Een Naam is onze hope, één grond heeft Christus' kerk. Zijn bloed heeft het vuur van Gods toorn geblust. De enige grond, de vaste rots van mijn behoud. Op grond van het werk van Zijn Zoon schenkt Hij mij vergeving van zonden en een eeuwig en zalig leven. Daar vind ik rust. In Zijn verzoenend sterven. Die grond in Jezus' bloed en wonden. Niet in de mens, maar buiten mij, in Hem. Daar gooi ik mijn anker in uit, buiten mijzelf. Het leven zoeken buiten jezelf in Jezus Christus, zegt het avondmaalsformulier. Niet aanmodderen. Niet je eigen modder van ongerechtigheid, of het drijfzand van je eigen goede werken. Geloven is staan op de rots met je beide benen. Beide benen. Dus niet 1 been op je gevoel, maar met beide benen rusten op de rots. Anders val je om.
Geloof is ergens op gericht; heeft een focus. Dat slingert zich als een slingerplant om het kruis. Als je jezelf ergens anders aan vastklemt, bedrieg je jezelf voor de eeuwigheid. Ja, want de Heilige Geest leert ons in het evangelie en verzekert ons dat onze volkomen zaligheid en enige offerande in Christus staat. God wil ons steeds meer bepalen bij die kruispaal. In de spiegel van de sacramenten. De Heilige Geest bepaalt mij in het bijzonder bij de Man der smarten. Daar is vergeving aangebracht. De Heilige Geest richt mijn geest op de Heere Jezus aan het kruis. Bloedend en naakt; zo is Hij mij dierbaar. De Emmaüsgangers herkenden Hem niet en dan gaat Hij het brood breken en ze herkennen Hem aan Zijn wonden. Dat is ook de bedoeling van het avondmaal. Ken je de plaat nog van de brede en de smalle weg? Pal tegenover het kruis zie je een kerkgebouw, waarin een avondmaalstafel staat aangericht. Je eet en drinkt met het zicht op het kruis. Geloof is nodig. Zonder geloof kun je God niet behagen. Als je als ongelovige ouder je kind doopt, dan zul je dat moeten verantwoorden. Dat is net zo erg als ongelovig aan de Avondmaalstafel zitten. Het gaat niet om de tekenen op zich, maar om wat er achter zit. Zonder de werking van Gods Geest straalt de zon wel, maar ben je blind en zie je het niet.
Tenslotte de hoeveelheid, het aantal. Twee sacramenten heeft God ingesteld. In het NT, staat er. In het nieuwe verbond. Die twee heeft Christus zelf ingesteld, zoals we gelezen hebben. Ze zijn bedoeld om er gelovig gebruik van te maken. Daarom mogen wij niet zomaar die tekenen weigeren. Als Hij zegt: doe dit tot Mijn gedachtenis... Durf je Hem dan te weigeren? Er staat Heilige Doop en Heilig Avondmaal. Heilig; ze zijn beide heilig. Sommige mensen laten wel hun kinderen dopen, maar denken dat het Heilig Avondmaal niet voor hen is....... Dan maak je een tegenstelling die het woord van God niet maakt. Tot slot: het aantal sacramenten. Twee, zegt de Heidelberger. Wat zou u er van zeggen als ik zeg: er zijn er 3? Ik zeg het heel voorzichtig. Die tekenen hebben een betekenis. In het Oude Testament besnijdenis en Pascha, in het Nieuwe Testament de doop en avondmaal. Er is niet alleen doopwater, niet alleen avondmaalswijn, maar ik zie ook zalfolie. In Markus 6 , Jacobus 5 lees ik over zalfolie. Zalfolie is ook een teken. Zoals gewoon water en gewone wijn door de Heere Jezus op een hoger plan gebracht worden, zo wordt die zalfolie door de zalving ook op een hoger plan gebracht. Innerlijke en soms ook uiterlijke genezing kan dan plaatsvinden. Misschien moeten we daar eens over nadenken. De kerkelijke antwoorden weet ik al. Maar denkt u er eens over na. Die zalfolie komt zowel in het Nieuwe Testament als in het Oude Testament voor. Gij zalft mijn hoofd met olie, mijn beker vloeit over, zingt David. Typisch dat de Rooms Katholieken van de 7 sacramenten er 4 hebben waarin zalfolie wordt gebruikt. De eerste duizend jaar van de kerkgeschiedenis was het volkomen normaal om zalfolie te gebruiken. Toen kwamen Calvijn en Luther en zij zagen vooral de misstanden. En gooiden ze met het badwater ook het kind weg. Leest u het boekje van ds. M.J. Paul eens. Ik zou willen pleitten voor een gezuiverd gebruik hiervan.
Zie je dat water? Er is blijkbaar iets vuil, er moet iets gewassen worden. Als u het avondmaal verzuimt, onthoudt u zich de versterking van uw geloof. Calvijn noemt het een bril en een medicijn. Als je blind bent, heb je niets aan een bril. Als je heel goed kan zien, heb je hem niet nodig. Maar wij als strijdende kerk zien er een klein beetje van. En God geeft ons dan een bril om beter te kunnen zien. Als je gezond bent, heb je geen medicijn nodig. Maar als je je ziek voelt, heb je medicijn nodig. De sacramenten zijn medicijnen om een gezondere gelovige te worden. Elk die Hem vreest, hoe klein hij zij of groot, wordt van die weldaân deelgenoot Hij zal ze groter maken! Amen.

Edit