Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2002-03-13 19:30:00
dr. C.A. van der Sluijs (em. te Veenendaal)
Bidstond voor gewas en arbeid

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
mar 9:29 neh 1:1-11 mar 9:29 2002-03-13.1911a.mp3 (Schriftlezing, 16kPro, 0.3Mb)
2002-03-13.1911b.mp3 (Schriftlezing, 16kPro, 0.0Mb)
2002-03-13.1913.mp3 (Preek, 16kPro, 5.0Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
In de stad hebben wij minder te maken met het gewas, maar wel met de arbeid, en ook wij leven tenslotte van de akker. Gemeenschappelijk vragen we de Heere om het werk van onze handen te zegenen, wat dat ook is. Het staat niet los van de sociale politieke omstandigheden en ook niet van de geestelijke toestand. Wie bidden niet voor het lieve vaderland weg. Maar vanuit de Bijbel, om te weten wat te vragen.
We gaan wellicht geen fortuinlijke tijd te gemoet in deze stad. Blijft onze stad leefbaar?
Waar gaat het heen. Kunnen we straks nog leven en werken in de stad en het land. De kerk vaart niet wel. We varen wel zonder God. De secularisatie neemt onrustbarend toe. De geestelijke uitholling gaat alsmaar door. Een restant in wat vroeger een christelijke cultuur was. We zijn deel van het groter geheel.
Hebben we Gods zegen nodig om te overleven vandaag? We mogen vragen om Zijn zegen, maar is er wel plaats voor? De zegen kun je niet als een lappendeken over de ongeestelijke situatie of een ongeestelijk leven heen leggen. Is er plaats voor?
Er is geen neutraal terrein waar God wordt weggeduwd. Waar (de invloed van) God niet is, is de duivel. Waar de duivel moet wijken komt God. Dit geslacht kan nergens door uit gaan dan door vasten en bidden. Dit geslacht, dwz de demonen.
De demonie van de arbeid. Alles is gericht op een zo groot mogelijke productie. Die grootschaligheid maakt de mens tot verlengstuk van de machine. Waar is de arbeidsvreugde? Onderkent u de demonie daarin? Werkt concurrentiestrijd de zonde niet in de hand? Een verduiveld arbeidsproces.
De demonie van de consumptiemaatschappij. Een groter bankstel dan de buren moeten hebben. Lunchpakket in de container, patat is lekkerder - christenjongeren.
De demonie van de prestatiemaatschappij. Ons kind moet het ver brengen, want die van de familie heeft het ook zo ver gebracht.
De demonie van de werkeloosheid - het zwaarste werk om geen werk te hebben. De demonie van abortus, euthanasie, alternatieven op het huwelijk. De slang draait en wrikt - 'het kan toch ook anders?'

Gods zegen, niet erover heen, maar in plaats van de demonie.

Waarom kan de kerk, met de Bijbel in de hand deze duivelen niet uitwerpen? Wat deugt er niet, de prediking, de leer? De discipelen gaan er niet aan voorbij, dat het ze niet lukt.
Waarom kunnen dat niet? Of maar gewoon Gods zegen erover heen vragen? Er moet plaats zijn. God woont niet samen met de duivel.
Zie ook de preek van 3 februari over Markus 9.
'Jullie zijn toch mensen van de kerk?' - waarom kunnen wij dat niet. Het vragen is al heel goed.
Oh ongelovig geslacht, hoe lang zal ik de Maranathawijk nog verdragen. Hij zegt het niet tegen Judas!
De vader zegt niet, ik kan niet geloven, maar 'ik geloof, maar kom mijn ongelovigheid te hulp'. Toch een geloof. Geen geariveerdheid. Geloven dat doe ik wel even. Verlegenheid om God. De macht van God in Christus, daar gaat het Markus voortdurend om.

Vasten zijn we niet zo gewend. Is dat niet Rooms? Nou, vasten is zich onthouden van en matigheid te betrachten. Sobere ingetogen wijze van leven.
Leven we zo of leven we vrolijk mee, consumeren, je zoveel mogelijk permiteren. Waar is de christelijke ascese, je onthoden van alles wat je niet nodig hebt. Hebben we alles al? Dan kan God er niet bij.

Biddag, dat zijn we zo gewend, maar we zijn met duizend draden verstrengeld met deze wereld, en we houden de zonde vast, net als de wereld, alleen op een andere schaal. God mag het bevestigen met Zijn zegen. Maar alleen waar de duivel van de eerzucht, de ik-zucht wordt uitgeworpen, daar is ruimte voor de zegen.
Wie om de kroon strijd ziet af van alles. Dat doet de vader uit Markus 9 ook. Alleen Jezus. Jezus' macht is het laatste nog. Ik geloof, Heere.

Heere verbreek de demonie over ons en over mijn leven en zegen mij met het goed dat nimmer meer vergaat.
In armer tijden moesten mensen zoveel missen, maar ze waren vaak rijk in God, geen materialisme. Verzadigd met God in de verzoening. Niet met godsdienst. Geloof je dat ik dat doen kan, vraagt de Here Jezus vanavond.
Afzien van en lege handen uitstrekken naar de Here Jezus, dan komt de dauw van de hemel in je leven. Het kan heel klein beginnen, en aanstekelijk. Een zegen zijn voor Rotterdam.
Waarom wint de duivel terrein? Op alle gebieden? Omdat we wel bidden, maar waar is het vasten?
Kunnen we alles missen als we God maar hebben...
We hebben zoveel - hebben we het van God, mogen we in alles God mee krijgen? Anders krijgen we Hem tegen.
Afzien van alles wat in de weg staat.
Dan zullen we gezegend zijn om tot een zegen te wezen.

Edit