Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
lezing 2006-06-15 19:45:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
"Maranathakring". 7e avond. | Ezechiëlboek hoofdstuk 6.

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Eze 25; Eze 26; Eze 27; Eze 28; Eze 29; Eze 30; Ez AG860.__1.mp3 (, 48kPro, 11.1Mb)
AG860.__2.mp3 (, 48kPro, 22.1Mb)
Maranathakring over Ezechiël

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Zie Kerk op Zuid van mei voor meer over deze "Catechisatie Plus". De avonden bestaan uit twee delen: gebedskring voor heel de gemeente, na de pauze diepere Bijbelstudie in Ezechiël nav een boekje van de IZB. Het geheel staat onder de leiding van onze wijkpredikant



Het eerste deel van de drie hebben we behandeld. Hoofdstuk 1 t/m 24 bracht het oordeel over Israël – de tempel was nog niet gevallen. Maar toen is het wel gebeurd.
Vanavond deel II, hoofdstuk 25 t/m 32, het oordeel over de volken.

Het oordeel over 7 buur volkeren.
Ten oosten
1. Ammon (zeg maar het huidige Jordanië, denk aan hun hoofdstad: Amman)
2. Maobieten (ten zuiden daarvan)
3. Edomieten (ten zuiden daarvan)
Ten westen
4. Filistijnen (aan de kust)
Ten noorden
5. Tyrus (hoger aan de kust)
6. Sidon (idem)
Ten zuiden
7. Egypte

Ammon en Maob waren zonen van Lot, familie van Israël, dus daar begint het. Aan Tyrus wijdt Ezechiël een paar hoofdstukken (26-28). Egypte idem (29-32). De aanklacht is dat de buurvolken leedvermaak hebben. (25:3) Ze stonden te juichen toen Israël werd verwoest. Edom en Filistea hebben Nebukadnezar zelfs geholpen. Dat ‘pikt’ God niet. (Obadja is helemaal gericht tegen Edom) – Voor Edom is geen hoop in de Bijbel. ‘Edom heb Ik gehaat’. In het Nieuwe Testament zijn de heidenen ook in zicht; niet in oordeel maar in zending en evangelisatie.

Vanavond kijken we naar Tyrus. Hoofstuk 26-28 onder de loep.
H 26 profetie tegen Tyrus.
1. 26:1-14 profetie tegen de stad
2. 26:15-21 verbijstering bij de buurvolken
3. H27 een klaaglied over zinken van het schip `Tyrus`
4. H28 een klaaglied over de hoogmoed van de koning

1.
Tyrus
-------
Het lag op een eiland in de Middellandse Zee, een stadstaat. Tsor (= Tyrus, ‘rots’ in het Hebr.) Kan ook gelezen worden als Tsar (‘vijand’). Er is een verband tussen vijand en die stad. In Openbaring worden ook verband gelegd met de val van Babylon.
27:3-4 – net als Rotterdam “Europoort” is – er waren twee havens. Een welvarende, rijke stadstaat. Internationale handel. Een beeld voor de wereld in haar rijkdom. Er was hout voor de tempelbouw vandaan gekomen (1Kon5), er waren ook Tyriërs aan boord de vloot van Salamo die naar Ofir werd uitgezonden.
Jer 27:2- Er was een reëel gevaar, Nebukadnezar was een wereldheerser aan het worden. Men dacht een verbonden en opstand. Daarom zonden ze gezanten naar Zedekia. Juda was een belangrijke handelspartner/rivaal van Tyrus – wederzijdse belofte van bijstand. Tyrus kwam niet.

11e jaar, 586. Zij juicht over de verwoesting van Jeruzalem, de concurrent. De één zijn dood is voor de ander een extra belegde boterham.
De poort der volkeren: op de kruising tussen Europa, Afrika en Azië. Handelsroutes lopen er door heen. (38:12) Navel der aarde (NBG). Rabbijnen: Het middelpunt van Israël is Jeruzalem. Het middelpunt daarvan is de tempel, het middelpunt daarvan is het Heilige der Heilige, en daarvan de ark, en daarvan het middelpunt is de troon van God.

De Heere dreigt in zee-termen, 26:3, een soort tsunami van vijanden. Een kale rots zal over blijven. En haar dochters (v 6), dorpen op het vasteland. ‘Dochterondernemingen’. (7) Nebudaknezar zal tegen hen opkomen van het noorden.
Hij is geweest. Velen hebben Tyrus proberen in te nemen. Assur faalde. Nebukadnezar heeft het 13 jaar belegerd (586-573) en het lukte niet. De Meden en de Perzen is het evenmin gelukt. (Vele heidenen tegen u doen opkomen). Pas Alexander de Grote nam de stad in in 332, na 7 maanden. En wel zo: 26:12 het puin van de verwoeste steden dumpte hij in zee. Dat baande een weg naar dat eiland. Uw houd en uw stof zullen ze in het water werpen - dat is letterlijk vervuld.
11: kolommen uwer sterkte. Herodotus (antieke Griekse geschiedschrijver) beschreef Tyrus en maakt melding van de tempel van Melkat – daar stonden beroemde zuilen van goud en smaragd - de blikvangers. Die twee zuilen worden hier bedoeld.

2. De economische effecten... een beursklaaglied. Openb. 18 spreekt zo over de val van Babylon. ‘Er is geen handel meer...’
19-21. Ik zal het sieraad herstellen (SV), het verschil tussen Tyrus en Sion. Met Tyrus is het afgelopen. Jeruzalem zal worden hersteld. Ook daar een heilspuntje van licht voor Jeruzalem. Sion zal glansrijk herrijzen, Babylon niet.

3. Het is een ‘kina’ - een klaaglied over een dode. Een vergelijking met een handelsschip. Een soort Titanic, dan de schipbreuk in vers 26. Oostenwind – Nebukadnezar en Alexander de Grote.

4. Over de trots van de koning van Tyrus. “Ik ben God” – hubris. Hoogmoed, dat is zijn zonde. Als God ergens niet “tegen kan” dan zijn het hoogmoedige mensen. ‘ik zit in Gods stoel’. “Ze zitten in Mozes’ stoel”, zegt de Heere Jezus in Mat 23:2. De duivel is ook ten diepste gevallen in hoogmoed (1Tim 3:6)
28:13 “Gij waart in Eden, Gods hof”... Hier is meer aan de hand – kennelijk niet alleen een aardse koning, ten diepste gaat het hier over de duivel. Dan is de rest ook te begrijpen. Rabijn Abarbanel kwam hier ook al mee. Ook vroege kerkvaders, Augustinus, Tertullianus, Hiëronymus idem.
13-15, het hemelwezen is geschapen, ook engelen. (Col 1:16). Hij is goed geschapen, als een cherub met vleugels (overdekkende) – denk aan de cherubs over het verzoendeksel. Ontzettend dicht bij de troon van God zelf. 13 – een veelkleurige uitstraling. Het schitterde en blonk. Denk aan wat Paulus gezien moet hebben toen hij opgetrokken is in de (3e) hemel.
Hij is zonder zonde geschapen (12), had toegang tot de hof van Eden.
Totdat het onrecht in u gevonden werd. Adam en Eva werden door de gevallen duivel verleid. De zonde kwam van buiten af. De duivel is niet verleid, het kwam van binnen uit, uit zijn hart. Daarom kunnen gevallen engelen niet meer zalig worden. (17) uw hart verheft zich over die schoonheid. Hoe kon dat gebeuren? Dat is een mysterie. Hoogmoed. Hij strekt zich uit naar de troon van God. Hij wil als God zijn. Geschapen om God te aanbidden, maar wil zelf aanbeden worden. Op de aarde zal hij geworpen worden en vergaan in de poel des vuurs.
Openbaring heeft het over 666 – net geen 777, vlak onder God. De Heere Jezus WAS God, en heeft Zich vernederd door mens te worden – het tegenovergestelde.

Wat hier veel op lijkt is Jes 14:12-15. Morgenster is een term voor engelen. In Job 38 staat dat de morgensterren tezamen juichten bij de schepping van de aarde. Engelen zijn geschapen tussen Gen 1:1 en Gen 1:2, God schiep de hemel en dus de hemelingen... Dus ook de satan als een goede overdekkende cherub. Verklaarders vermoedden: (Zoon van de dageraad): misschien is hij wel de eerst-geschapen engel geweest. 14:14, dat moet de zondeval in de hemel zijn geweest. De duivel verleidt de mensen met de zelfde argumenten als zichzelf: Hoogmoed; met ongehoorzaamheid als `dochter`.

Gen 1:1 God schiep de hemel en de aarde. Ook de zondeval van de duivel vond plaats. De aarde was woest en ledig. De aarde WERD daarmee misschien wel woest en ledig; duisternis, afgrond – allemaal van de duivel. God is een God van orde – waar komt die chaos vandaan? Oordeel en verderf – verwoestend werk van de satan op aarde. Maar dan: Er zij licht – God ging de aarde weer mooi maken.

Edit