Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
lezing 2006-06-29 19:45:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
"Maranathakring". 9e avond. | Ezechiëlboek hoofdstuk 8.

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Eze 35; Eze 36; AG862.__1.mp3 (, 48kPro, 9.6Mb)
AG862.__2.mp3 (, 48kPro, 19.1Mb)
Maranathakring over Ezechiël

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Zie Kerk op Zuid van mei voor meer over deze "Catechisatie Plus". De avonden bestaan uit twee delen: gebedskring voor heel de gemeente, na de pauze diepere Bijbelstudie in Ezechiël nav een boekje van de IZB. Het geheel staat onder de leiding van onze wijkpredikant




Vanavond hoofdstuk 35-36, onderdeel van het troost-deel. Gedeeltelijk onvervulde profetieën.

H35, het oordeel over Edom, Esau – de grote vijand van Israël. Altijd een negatief oordeel in de Bijbel.
H36, zegen voor het land en het volk Israël.

Welke profetieën zijn nog niet (geheel) vervuld:
1. (H34) Het volk Israël wordt uit alle landen bijeen vergaderd. – dat wordt op dit moment vervuld.
2. (H34) Het zal onderleiding staan van ‘Mijn Knecht David’. “Koning”, “Herder”. – bij de wederkomst. Luc 1:32-33 ‘het Heilige zal Gods zoon genaamd worden, koning zijn over het huis van Jacob’.
3. (H36) Het land Israël bloeit weer op (ook gedeeltelijk nu)
4. (H36-37) Er komt ook een geestelijk herstel. Bekering voor de twaalf stammen van Israël.
5. (H37) Het nieuwe verbond met Israël wordt opgericht – het Vredeverbond. Ook wereldwijd – het vrederijk.
6. (H40) De tempel wordt herbouwd. In het midden van het land en het volk
7. (H48) Ook de stad zal vervuld zijn met de Heere. De HEERE is aldaar.

Hoofdstuk 35.
Edom ligt ten zuid-oosten van de Dode zee. Seïr – ‘harig’: niet alleen Esau, maar ook het gebergte zelf, met al die struikgewassen.
God straft nooit zomaar. Er was een onuitputtelijke haat naar Israël. Herodus was een Idumeeër (=Edomiet). Jakob heb ik lief gehad en Esau heb ik gehaat. Maar dat zinnetje heeft niets met de uitverkiezing te maken. Voor de geboorte zei de Heere: De oudste zal de jongste dienen – maar niet die haat. Die tekst staat (pas) in Maleachi (1:4), aan het einde van het Oude Testament. Omdat hij zich als een goddeloze, eeuwige vijand tegen de Heere en zijn gezalfde heeft opgesteld.
Omdat zij bloed vergoten hebben, zal God hun bloed vergieten. “...de bergen met zijn lijken vervullen” – (h)armageddon-achtige trekken heeft dat (Edom is in de Rabbijnse literatuur altijd symbool voor Rome, het Romeinse rijk (herstelde Romeinse rijk)). Juda en Israël waren weggevoerd, en Edom wilde dat land dus wel inpikken.


Hoofdstuk 36.

1. 1-15: Herstel van het land. Weer een profetie tot de bergen, nu van Israël. In Openb wordt zo’n tegenstelling ook genoemd (H18 – de hoer Babylon wordt geoordeeld, H21 de bruid wordt versierd.) Voor de wegvoering waren de heuvels verontreinigd met talloze afgodstempeltjes en –altaren! JJ Poort, Land onder Gods hand. En zo is het. `Mijn’ land.
Het land wordt 1. Israël genoemd: 2. Kanaan, 3. Land van melk en honing. 4. Beloofde land. 5. Heilig land (Zach 2:12), 6. Het sierraad (Daniël), 7. Jeschurun.
(8-11) troostrijke profetie voor het land – in onze tijd gaat die in vervulling. Vòòr 1948 was het land òf woestijn òf maliara-moeras. Bodemerosie, zelfs Theodoor Herzl noemde het “een waterloze woestenij’. Er is een feestdag in Israel Tu-Bisvat (Nieuw jaar van de bomen). 100 jaar gelden waren de laatste bossen gekapt door de Turken. Aanplant van bomen is een grote prioriteit geweest van o.a. het Joods Nationaal Fonds - een vervulling van deze teksten. Steden bewoond, eenzame plaatsen bebouwd – het komt allemaal nu uit.

2. 16-20: de lijn naar beneden. Het volk verontreinigde zich door afgoderij (tegen de eerste) en bloedvergieten (tegen de tweede tafel van de wet) [18]. 10 stammen (721 v. Chr.), 2 stammen weggevoerd (586 v. Chr.) – 536 kwamen ze terug. 70 n. Chr zijn ze verstrooid onder de volkeren. (boek van Werner Keller) – ze hadden het bloed vergoten van hun eigen Messias.
Ammon hadden de afgod Milkon, Maob Kamoz, de Filistijnen hadden Dagon; Syrie had de Baäl. Sidoniërs: Astartes, de Babyloniërs Bel, Marduk of Nebo. Bij een overwinning was ook hun god overwonnen – die god is dus machteloos. Dàt is de ontheiliging van de naam van de HEERE.

3. 21-23 De Heilige naam van God is in het geding. Daar doet Hij het om. Dat geldt ook in ons leven. De neergaande lijn gaat ombuigen naar boven. Hij doet het om Zijns Zelfs wil. En de heidenen zullen zien wie Hij is – ze hadden gelachen. Zijn Naam is geschonden. Ze zullen weten dat Hij de levende God is. Dit is een handvat om te bidden voor Rotterdam! Een opwekking is geen volle kerk, maar dat mensen vol van God worden! Van die heerlijke, soevereine barmhartige God. De levende God ten opzichte van alle afgoden.
Edom wordt vernietigd om hun haat, Israël hersteld om Gods naam.

4. 24-27: de lijn naar boven. [24] kennelijk gaat het hier over de ballingschap van na 70. Jer: vissers en jagers zal de Heere sturen. Vissers zijn de Zionisten die ze ophalen, de jagers zijn de anti-semieten. Voor de ogen van de heidenen zal het gebeuren – het is zich nu aan het voltrekken.
Maar terug in het land zijn ze nog onbekeerd. De oorzaak van de ellende lag in hun harde hart – dus zal de Heere rein water op hen sprengen (25). En ze zullen een vlezen hart hebben. Door het bloed van het Lam worden we gereinigd van al onze zonden. Ook een verwijzing naar het doopwater – maar dan als symbool van waar het bloed van Christus van reinigt. Tweemaal `al` in vers 25. Het hele evangelie ligt daar in: `al`. Niet voor 1% is het mijn werk - Hij heeft alles volbracht. Er zal ook een fontein zijn in de stad tegen de zonde...

De innerlijke bekering, (26) – vernieuwing. De Heere verandert dat innerlijk. Dat is bij elke bekering zo. Je gemoed, je gedachten worden anders. Ons hart is als een steen. Je kunt er op hameren, maar het smelt niet. Als je zelf veranderd bent, kun je het een ander zó gunnen: hóór je dat nu niet? Een vlezen hart klopt, is zacht en warm, neemt het woord in zich op. Ik zal u. Een belofte, ik zal. Onvoorwaardelijke belofte. Er zijn ook voorwaardelijke beloften – klopt en u zal worden opengedaan. De onvoorwaardelijke doet God van zichzelf uit, zonder dat wij maar iets doen. Daar ligt zó’n vastheid in. Daar hangt Israëls en mijn verlossing van af.

(27) Als je innerlijk anders wordt, komt dat ook in je gedrag tot uiting. Je zult wandelen in Zijn inzettingen. Heiliging. Van harte wandelen in zijn geboden. Levensheiliging. Straks voor Israël, nu al voor ons. `Wandelen`. Niet lopen, rennen. Rust – kalmte. Heiliging is dus niet: nu gaan we ertegen aan. Rechtvaardiging en heiliging zijn beide uit de Heere Jezus. Wandelen door Zijn Geest in de inzettingen des Heeren.

5. 28-32: Na de verlossing, de volle zegen. Vruchtbaarheid, herstel van het land, - ook verootmoediging.

6. 33-36: De heidenen zullen erkennen dat er één God is.

7. 37-38: Volksvermeerdering als aan Abraham aangezegd.

(37) “Daarenboven zal Ik hierom van het huis Israels verzocht worden, dat Ik het hun doe“: de Heere wil zo graag verbeden worden, Hij is de Hoorder van het gebed...

Edit