Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2008-12-21 10:00:00
ds. S.J. van der Vlies (Rotterdam)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
psa 8:1-9;Jer 4:5-31 psa 8:1-9 Jer 4:5-31 2008-12-21.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 3.5Mb)
2008-12-21C.105.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 27.2Mb)
2008-12-21T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 9.4Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Voorheen was Mehed, Imam van het Afrikaanderplein in de kerk. Hij was ook op onze kring. Samen met een jonge knul, die vertaalde. Ze waren op onder de indruk. De meeste moslims hebben een idee van het christendom via CNN. Drugs, seks en alcohol. Dat zijn christenen. “Dit is de mooiste dag die ik in Nederland hebben gehad. Ik zie gewoon dat die mensen geloven, ze praten en zijn anders; ik zie het aan hun ogen”. Dat was indrukwekkend. Een van de gesprekspunten was: de imam wilde weten of wij ook geoordeeld werden aan het einde van ons leven. Christenen leven toch voor het vaderland weg. Hebben jullie een God die oordeelt? Ik was niet eerder zó blij met het oordeel – ja. Hij haalde haast opgelucht adem. Daarmee telden wij als christenen meer mee dan hij dacht. Ik had niet gedacht dat ik met het oordeel ooit kon “scoren”.

Daar dacht ik aan toen ik Jer 4 las. Jer 3 is een rechtspraak, maar vanaf 4 begint het oordeel. Een gruwelijk oordeel; met het luchtalarm, de bazuin, komt er vanuit het noorden een woestijnwind die alles verwoest. De belegeraars komen zelfs uit het strikgewas, heel de stad gaat ten gronde, de mensen kunnen niet vluchten. Heel de schepping zucht onder het oordeel van God.

Als christenen van de 21 eeuw durven we dat nauwelijks te zeggen: wij hebben een God die oordeelt. In de vorige eeuw is kerk en oordel een lastige combinatie geworden. Het ging alsmaar over hel en verdoemenis. We zijn er verlegen mee geworden. Christenen zijn arrogant, weten altijd hoe het moet. Hoewel schrijvers hebben niet afgegeven op hun gereformeerd verleden. De CU in de regering ‘o dat wordt betutteling, we mogen niets meer’.
Moet dat nu, dat oordeel: “het gaat toch om Jezus, om genade, om vrede?” Het zit ons allemaal in het bloed. We gaan al heel gauw over op ‘vrede, vrede, geen ge vaar’, net als de valse profeten.

Waarom denken wij na over het oordeel?
1 Het staat in de Bijbel en niet een paar keer ook. Van het OT tot Paulus die oproept. Johannes-evangelie: Jezus is gekomen om te oordelen. Mat 25, de gelijkenis over het oordeel. Het is de mens gezet eenmaal te sterven en daarna het oordeel. Een Bijbels gegeven en we moeten er iets mee. We moeten er niet overheen stappen, omdat andere ons ermee hebben bespot en het ook niet laten afpakken door andere godsdiensten. Wees nuchter en gehoorzaam.
2 Het is ook logisch ook: we zullen oog in oog staan met God de Schepper. Dan moet er toch een ‘meet’-moment komen? Wij kennen ook zoveel evaluatie en keurmerken, normen, functioneringsgespekken. We doen het in het gewone leven heel vaak. Wat stelt het voor? Niet iets bedreigends van zichzelf. Wat hebben we nu eigenlijk gedaan. Stel je voor dat je naar school gaat zonder ooit een enkele toets. Na vier jaar; loop maar langs de conciërge en haal je diploma even op. Diploma zonder toets, zonder oordeel stelt niets voor.
3 Het heeft ook te maken met het leven van vandaag. Het werpt zijn schaduw vooruit. Het beïnvloedt je gedrag van dit moment. Je kijkt anders naar een bladzij met Engelse woordjes als je weet dat je een overhoring krijgt. De eerste schooldag is al een voorbereiding op de laatste toets.
V18: Uw weg en uw handelingen hebben deze dingen gedaan. Weg, manier van leven – dat zorgde ervoor dat dit oordeel zo bitter is. In Mat 25: hebben we gevangenen bezocht, zieken bezocht, een beker koud water aangereikt.

Dit kunnen we leren van Jeremia, het is Bijbels en logisch. En het is effectief – houd er maar rekening mee dat God op het leven van vandaag terug komt.

We lichten het gedeelte 23-26 er nog eens uit.
De Babyloniërs hebben het land verwoest. Woest en leeg. Zijn licht was er niet. Het doet denken aan Gen 1. Het lijkt alsof de schepping wordt teruggedraaid. Terug naar af. In een paar woorden is het licht gemaakt en Hij maakt het ongedaan in Jer 4; Scheppingsomkering. De aarde treurt. Hoe is het toch zo ver gekomen? Vers 18: uw weg en handelingen. Dit is uw boosheid. Er is een relatie tussen onze zonden en het zuchten van de schepping. Milieuproblemen. Uw weg. Zouden wij bezig zijn om de aarde woest en ledig te maken? De woestijnen breiden zich uit in de wereld. Doen wij het licht uit van deze wereld? Alles is gesteld onder onze voeten, hebben we gelezen. Vertrappen wij nu de schepping? Kunnen wij die verantwoordelijkheid wel dragen?

Dit kunnen we ook leren van Jeremia 4. Ons gedrag heeft gevolgen ook voor de schepping. Gaan wij er verantwoordelijk mee om?

En ten derde: genade. Is daar heelmaal geen sprake van in Jer 4? Daar zoeken we toch altijd naar.
1 In Jer 4 is dat er nauwelijks. Het is haast niet te vinden. We moeten eerlijk zijn met de Schrift. In korte tijd daarna is het oordeel ook uitgevoerd.
2 Maar in het oordeel zit al genade: schouder ophalend bij ons weg zou lopen, dat zou pas een echt oordeel zijn. Met het oordeel blijft God met deze wereld in ‘gesprek’. Betrokkenheid.
3 (v14) Toch is er nog een mogelijkheid om je te bekeren, was je hart, O Jeruzalem. Ingeklemd in het oordeel. Maar het staat er toch tussen. Als je je zuivert hoeft het niet zo af te lopen. Bekering is in het OT altijd een kwestie van andere dingen DOEN. Zodat u behouden mag worden. Bekering blijft ook na het vonnis mogelijk.
4 (27) Maar ik zal het niet voleinden. Er blijft een ontsnapping in zitten. Ik zal het volk niet helemaal vernietigen. Een God die uit is op vergeving. We moeten het van genade hebben.
Ik sluit af met Jer 5:1, ga rond in de wijken van de stad, Jeruzalem, Rotterdam: Is er een die eerlijk is en recht doet – zo zal ik haar genadig zijn.

Edit