Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2009-03-15 10:00:00
ds. S.J. van der Vlies (Rotterdam)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Spr1:1-7 spr 1:1-17 Job 28:12-28 2009-03-15.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 3.6Mb)
2009-03-15T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 9.1Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Ik wilde al langer preken over Spreuken. Dat is niet eenvoudig. Er staan veel thema’s in maar voor ons idee door elkaar. Wijsheid, dwaasheid, spreken, zwijgen. Niet één vers. Het komt niet vaak aan de orde in preken, Spreuken of ook Prediker. Best jammer, want we zouden veel spreuken dagelijks kunnen gebruiken.
In 2004 was de NBV klaar. Er was veel reclame omheen. Op de stations zag je grote reclameborden. Prominente Nederlands zochten een tekst uit. Ik lette op die teksten, en veel kwamen uit Spreuken en Prediker. Die mensen hadden niet veel meer met het christelijk geloof maar die boeken spraken aan. Ze gaan over het gewone leven. Het is van hier en nu. Om langer en gelukkiger te leven. Bij Afrikanen leeft het enorm. Leren om in dit leven te leven. Het zijn ‘volkswijsheden’, in een vorm die we makkelijk kunnen onthouden. Net als onze spreekwoorden. In een paar woorden weet je waar het over gaat. Levenswijsheid.

Wat is het niet? Bij ons gaat het om intelligentie, dat is geen thema in de Bijbel. Wij vinden het heel belangrijk als ouders, ook als christelijke ouders, dat onze kinderen het juist daarin goed doen, toch is intelligentie een versmalling van wijsheid. Het gaat over niet alleen hoofd maar ook handen, e.d. Intelligentie is vaak gericht op jezelf. Een vreemde gedachte aan het OT, je leeft in een collectief. Ook in het Nieuwe Testament. De gaven heb je altijd ten dienste van, nooit voor jezelf. Het is de manier waarop je leeft. Of de manier waarop je overleeft, als het zwaar is.
Ze geven houvast, spreuken – zo doe ik het, dan werkt het. Zo pak ik het aan. Zo kun je langer, in vrede, gelukkiger leven.

We lezen het boek uit de Bijbel. En we verwachten dan ook dat het nog iets meer zegt. Waar gaat het op terug?
Spreuken 1, de Vreze des Heeren is het beginsel der wetenschap. Het laatste vers van Psalm 111 zegt dat ook. Of Job 28. Die tekst komt vaak terug. De Bijbel is er helder in. Alles begint bij God. Hij is nr 1. Bij Hem begint alle wijsheid en wetenschap, kennis. Als we iets van dit leven willen begrijpen kunnen we niet om God heen. Daar begint het mee. Als je met dit leven wilt omgaan, kan dat niet zonder God. Als je God uitsluit en achter Hem een vraagteken zegt, wordt het niets. Je hebt niet op alle vragen een antwoord als je gelooft, maar zonder Hem weet je helemaal niets meer. Waarom ben je hier en welke kant moet je op? Schepping of evolutie - “kan dat wel in 6 dagen”? Deugt die vraag? Dat is hetzelfde om aan Paulus te vragen waarom ben je niet gevlogen naar Corinthe? Dat was toch veiliger? Beginnen we wel aan de juiste kant? Het begin van de wetenschap ligt bij God.

Wat betekent die vraag voor wie ik ben, voor wat ik doe? En voor wie ik ontmoet?

1
Iedereen is op zoek naar zijn eigen persoonlijkheid. Je identiteit. In de kleinere samenleving van vroeger was dat simpeler, je eigen omgeving gaf er grotendeels vorm aan. Maar nu zijn er zoveel invloeden. Sommigen moeten goede cijfers halen. Carrière, functie, daar zijn ze blij mee. Dat bepaalt wie ze zijn. Anderen bepaalt vooral hun lichaam wie ze zijn; te dun of te dik, sportief, je voelt je pas lekker als je aan bepaalde maten voldoet. Voor weer anderen is het werk. Zonder dat stort hun wereld in.

Als het allemaal dingen zijn buiten ons, die zwaar wegen, buiten God, dan ben je aan de andere kant begonnen. Wat je bent moet je laten bepalen door de vrees des Heeren. Wie ben je ten opzichte van God. Het ontzag voor God bepaalt wie je bent. Door het geloof in Jezus Christus vind je rust in je bestaan. Niet allerlei omstandigheden om je heen, maar buig je voor God? De vreugde en het verdriet en de mogelijkheden, de beperkingen, die bepalen niet wie je bent, en geven je rust, maar je ontvangt ze als je ontzag hebt voor God. Je wordt niet bang of onrustig als je anders denkt, niet bang voor de toekomst, je bent niet meteen van slag als iets tegenvalt. Want je weet, mijn leven wordt bepaald door het ontzag voor God. Mijn bestaan begint met buigen. Ik leef voor God. Dat is nr 1. Je lichaam en je werk zijn echt wel belangrijk, maar ze bepalen niet wie je bent en waar je rust vindt. Daar ligt je persoonlijkheid, en daar ligt het ook goed.
Zonde, is niet zozeer verkeerde dingen doen, maar al: de goede dingen op de verkeerde plaats zetten. God niet Nr Een laten zijn. Rust vinden in andere dingen dan God. Geloven is buigen.

2
Wat doe ik? God gaat over mijn zijn en over mijn handel. Hoe geef je je leven vorm. Hij is nummer Een, ook in wat ik doe. Ik geef Hem de ruimte en het recht van spreken, Hij krijgt autoriteit over mij, ik buig voor de koning, dat gaat volstrekt tegen ons in. We kiezen eerst voor kennis en dan voor God, al in Gen 3. Met kennis zouden wij worden als God, maar God vroeg het tegenovergestelde, buigen voor Hem en dan zouden ze Hem kennen. Zo tegenwoordig: je moet zelf verantwoordelijkheid nemen. Nee, Hij is in mijn leven de baas; overal, altijd en in alles. Ik buig voor Zijn gezag en de woorden die Hij spreekt. Ook als ik niet begrijp hoe mijn leven er uit ziet. Ik wil buigen, jong of oud. Kerkelijk of randkerkelijk. Ik kies ervoor om God te laten spreken in mijn leven. Zijn de woorden van God voor mij sturend? Ben ik bereid om Zijn weg te gaan? Helpen Zijn geboden mij om overeind te blijven?
Spreuken gaat over alles, zwijgen en spreken, waarheid, verleidingen, boosheid, angst, rechtvaardigheid, zonde, vrouwen, vrienden. Alle terreinen liggen in handen van God, dat is het tweede wat er van kunnen leren.

3
Wat betekent dit voor de mensen om mijn heen? De vrees voor de Heere is het beginsel van de wetenschap.
Kan ik dat aan u merken, als ik met u praat? Als ik met je mee loop op school, kan ik het dan aan je merken, dat je ontzag heb voor God?
Als ik naar je luister, word ik dan gelukkiger? Wordt de wereld er beter van als ze zich zouden gedragen, zoals jij je gedraagt? Wat hebben anderen aan de wijsheid die u door de omgang met God hebt opgedaan?
Als mensen met u omgaan, komen ze dan op het spoor van God? Bent u een spiegel van het koninkrijk van God? In jou heb ik God gezien? Zet je mensen door je keuzes aan het denken? Voor gemeenteleden en groepen geldt dat. Als hier iemand binnen komt lopen, en de dienst meemaakt zetten wij hem dan op het spoor van God of op een dwaalspoor of zijspoor?
Merken ze dat wij ontzag hebben voor God, zoveel wijsheid, dat het iets toevoegt aan het leven, dat we buigen voor God of stellen wij bezoekers teleur? Merkt zo’n bezoeker iets van de liefde van God, van de gemeenschap met de Heilige Geest.
Het begin van alle wetenschap. Als je die wijsheid met je meedraagt, dan moet dat toch wat betekenen voor de wereld waarin je leeft?

Die levenswijsheid moet ik uitdragen, ze moeten het aan mij kunnen zien. Ik geef dat dan ook door, zodat ook zij gelukkig kunnen leven. Langheid van dagen en vrede zullen zij u vermeerderen.

Spr 14:27, de vrees voor de Heere is de bron van het leven. (STV: een springader des levens)

Edit