Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2009-04-12 17:00:00 ds. P.L. de Jong (Rotterdam-Delfshaven)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Joh 20:16,18 Joh 20:1-18 2009-04-12.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 4.2Mb)
2009-04-12T.171.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 8.9Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
De verschijning van Jezus aan Maria Magdalena. Haar getuigenis is wel het meest duidelijk. Johannes zet haar helemaal vooraan.
“Ik heb de Heere gezien en dat en dat heeft Hij gezegd”. Dat kom ik jullie zeggen, wat Hij gezegd heeft, niet wat ik daar allemaal bij voelde. Hij is opgestaan. Het maakt ons stil, zo direct is het. Dat ben ik niet gewend, zo te getuigen. Alleen het woord Pasen roept al hoop op. Maar ik zie niet veel Pasen om mij heen, opstanding of overwinning. Kleine kistjes van kinderen die omgekomen zijn bij die aardbeving, of in je eigen leven is het niet altijd Pasen. Ik heb de neiging om te hangen in oude zonden en twijfel – gelovig op te staan in de kracht van de Heere... ik vind dat moeilijk.

Maria is heel direct. Het staat als een dijk. Als wij aan het zoeken zijn kan het ons helpen. Het begint met tranen op Paasmorgen. Ze huilt, het staat er meerdere keren. Een klagelijk hard huilen, staat er. Heel veel onmacht zit er in.
Ze was al vroeg bij het graf geweest. Johannes vertelt het verhaal heel bijzonder. Het was nog donker toen ze kwam. Donker is meer dan alleen gebrek aan daglicht. Hij was al opgestaan. De Heere had -bij wijze van- al gezegd, er zij LICHT. Maar zij zit nog in het donker. Het is wel Pasen, maar bij mij nog niet… het kan.
Johannes en Petrus rennen snel naar het graf. Niets wees op roof of geweld, het begon wel een beetje te gloren. Ze bekommerden zich niet om haar. Maria blijft achter bij het graf. Ze is dan heel alleen.

Zij was bevrijd aan 7 demonen. Een totaliteit van alles wat boos is en deprimerend, wat je beschadigt. Een verschrikkelijk mens word je vanzelf. Nergens meer een plekje waar het Licht nog kan doordringen. Het heel veel oorzaken hebben. Negatieve ervaringen, of door eigen fout of zondig gedrag. Door een kapotte relatie, die nog erg zeer doet. Sommigen voelen zich nog zo gebruikt en beschadigd.

Maria – God heeft ook jou lief. En de Heere verloste haar van al die demonen. En ze voelde zich weer echt mens worden. Een rijk mens, kind van God, vrij en schoon. Nieuw mens. Een nieuw leven, opnieuw geboren, vol van de Heere Jezus. Vol van Zijn woorden.

Ze gelooft dat Jezus de zaligmaker van God is. Respect maar ook genegenheid. Dat kun je je voorstellen. Maria had onder het kruis gestaan. Ze moet hebben gedacht; Hij die sterker is dan alles Boosheid – Hij is gekruisigd, en gestorven – nu is ze alles kwijt, woorden over de opstanding komen er niet bij haar op. Nu is ze alles kwijt, ook haarzelf. Je moet er toch niet aan denken dat je terug moet naar dat leven vóór dat je de Heere Jezus leerde kennen…. Als de dood het laatste woord zou hebben, dan hangt alles in de lucht. Alles. Maria wordt zo verdrietig. Ze heeft niet in de gaten – twee engelen proberen haar nog te troosten. Ze heeft niet in de gaten dat het engelen zijn. En ook de Heere Jezus ziet zij over het hoofd. Ze denkt, het is de tuinman.
Waarom huil je toch zo? Wie zoek je? Ze ziet en hoort niets. Het duurt wel erg lang voor het Pasen is. Misschien zitten wij niet zo emotioneel in elkaar – maar zonder Jezus ben je toch gewoon nergens? Geen bodem, geen anker, je hangt maar ergens, dan is deze wereld om te huilen. Niet alleen in Italië, na een aardbeving.

Wellicht is Maria de jongste van die groep vrouwen. Maria van Magdala wordt altijd voorop genoemd. Een soort vrouwenbeweging die de Heere Jezus dient. Die meegaat tot onder het kruis. Niet aanspreekbaar door haar verdriet - is ze geen herkenbaar type voor ons? Zoekend, maar het heil niet kunnen vinden.

En dan gebeurt het: Jezus roept haar bij haar eigen naam. Hoe zou dat geklonken hebben? Machtig gebiedend? Of zoals een moeder een kind wakker roept? Een combinatie – het is een verwijt enerzijds, maar sterker is de liefde. Alleen door de naam zelf al: Maria!

Dit is het Paasmoment , de Heere dringt door in een mensenleven. Als iemand je zo roept, dan raakt je aan, nu wordt het licht. Ik heb je bij je naam geroepen, zo zegt de Heere tot Israël door de profeten. Je bent van Mij!
Dat is iets heel troostends, onverwacht. Een groot ziekenhuis, gangen door en ergens zitten, en je wordt bijna een ding. En dan ineens iemand die je naam noemt, achter je, ‘ben jij hier ook’?

Bij de doop word je bij je naam genoemd. En die naam is verbonden met die Drie-enige God. De goede herder kent zijn schapen bij name. Als je dat beseft, kom je dicht bij God en dan kom je ook dicht bij je zelf. Dan word je ook weer heel vrolijk.
Als je belijdenis doet, word je ook bij je naam geroepen. Een certificaat, dat moet je in de gang hangen – hier woont iemand, die de Heere beleden heeft.

Als iemand je lief heeft en die noemt jou naam, dan voel je je in ziel geraakt en bemind. Je bent een gedoopt, gekend mens. Zo hoort Maria haar naam roepen.

En ze keerde zich om. Dat hoort ook bij Pasen. Voor het eerst of opnieuw. Misschien zitten er nog mensen die geen belijdenis hebben gedaan – keer je om naar Jezus toe! Het donkere blijft achter je; je zwakte, twijfels en zonden blijven achter. Je gaat met Hem mee. Ze keerde zich om. Neem er vanavond nog even de tijd voor. Heere ik ben zo blij dat het Pasen is, U komt de lof en de aanbidding toe. Zonder U was alles om te huilen.

Ze ziet Hem staan – Rabbouni, mijn meester. Een woord, geen lange belijdenis. Een gebruikelijke aanspreektitel voor een leraar van de wet. Het is niet zalverig of zweverig. Maar er zit veel aanbidding in. Het is maar een klein moment. Een fakkel in de nacht.

Raak me niet aan, maar: houd me niet vast, is bedoeld. Alles is volbracht, en nu vaar Ik op, na de voltooiing van heel Gods plan.
Ik kan Hem niet vasthouden, ze moet afstand bewaren. Misschien best moeilijk voor haar. Misschien dat Hij het juist tegen haar zegt.
Ga eens op je eigen benen staan. Je hoeft je niet zo aan Mij vast te zuigen, niet kleverig. Hij is de Kurios, niet je vriendje.

Ga naar mijn broeders. Het staat alleen hier. Zij hebben alle reden om zich te schamen, maar hij noemt ze broeders!
Ik heb de Heere gezien. En dat heeft Hij gezegd. Geloof mijn woord.

Heel direct, zo’n getuigenis. Als dominee luister je wel eens kritisch maar mensen kunnen niet genoeg vertellen wie Jezus voor hen is.
Begin bij je vrienden, en je kinderen, buren, ga het ze zeggen, dat Jezus de Heiland is en Hij opgestaan is.

Je hoort niets meer van Maria in de Bijbel verder. Zij moet het heel vaak verteld hebben. Paulus moet haar gekend hebben, Lukas wel. Buiten de Bijbel zijn wel fragmenten gevonden. Maar ik denk dat als ze als een Corrie ten Boom of majoor Bosschart, het zullen wel verwarmende getuigenissen zijn geweest, maar op het Woord en de Geest, niet emotie. Niet je vastklampen aan een herinnering of een emotie. Hij noemt je bij naam – gekend zijn. Wegroepen uit het machtsgebeid van de dood, naar het leven toe.

Lof zij U, Christus, in eeuwigheid.

Edit