Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2009-04-26 10:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
Een gouden kleinood

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
2Joh 1:4 2Joh 1: 1-13 2009-04-26.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 4.8Mb)
2009-04-26C.105.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 27.4Mb)
2009-04-26T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 10.3Mb)
Doopdiensten

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Doopdienst van

Het kortste vers in de Bijbel is Joh 11:34 ‘Jezus weende’, de kortste Psalm in de Bijbel is Psalm 117. Het is maar kort voor jullie kindertjes dat precies weten. Het kortste Bijbelboek is 2Joh. 13 verzen, het kleinste boekje. Dat wil ik als het ware meegeven aan de kleintjes. Een Bijbelboekje. Alsjeblieft, meiden en 1 jongen. Het is gericht aan een vrouw. De uitverkoren vrouw. In het OT dragen twee boeken de naam van een vrouw Ester en Ruth. En in het Nieuwe Testament is er één brief die aan een vrouw gericht is, een christenmoeder. Misschien is ze weduwe, maar ze heeft kinderen. Johannes is de afzender, de oude grijze apostel der liefde. Hij kende dat gezin, en hij heeft haar kinderen ontmoet. En zij zijn ook gelovig. Ik ben verblijd dat ik van (sommige) van u kinderen gevonden heb die in de waarheid wandelen, een goed getuigenis. Kinderen van God. Zou je daar niet blij van worden? Dat zeggen die kinderen niet van zichzelf en ook hun moeder niet, maar een knecht van God.
Als Johannes nog zou leven en hij zou een brief schrijven aan mijn gezin, wat zou hij zeggen…?

Een gouden kleinood

1 de waarheid bij kinderen, 2 blijheid bij Johannes 3 de leer van Christus

Waarheid en liefde springen eruit. Johannes spoort aan om lief te hebben. Èn hij waarschuwt tegen diegenen die van de waarheid afdwalen. Die horen bij elkaar, ook in de opvoeding. Alleen maar lief hebben kan soft worden, zonder waarheid. Je laat elkaar maar in ieders waarde, er is geen vermaning of waarschuwing, geen terugroepen meer, dan wordt het evangelie lievig, dat bedoelt Joh niet.
Daar moeten we alert op zijn in gemeente en gezin. Liefde zonder waarheid wordt soft. Ik las een interview met een adjunct-directeur van de IZB, die afscheid nam en ik schrok ervan: ‘wij dreigen niet meer met het oordeel en eindigen ieder artikel niet meer met een oproep tot bekering, maar we stellen het geloof voor als iets moois. Met een appel dat we door God geschapen zijn. En dat Hij recht op ons heeft.” Vindt u dat niet lief klinken? Maar dat is niet de taal van het Woord of het doopformulier. Een klein kindje is een magnifiek wezen. Je kunt er van alles aan zien. Magnifiek, en tegelijkertijd is een mens ook miserabel. Alle twee. Het is geweldig om te zien dat ze uit Gods hand zijn voortgekomen, maar tegelijkertijd: door de zonde is het hartje vuil, wij zien dat niet zo snel, maar God wel. Dat is de misère van een kind. Het mooiste en het ellendigste van Gods schepselen. “Je bent een parel in Gods hand”, speelde de organist, maar ook klein zondaartje, die wedergeboorte en bekering nodig heef. En daarvoor bidden we, alle twee. Liefde en ook waarheid…

En uiteraard ook andersom: waarheid zonder liefde; dan wordt het koud, dan wordt de Bijbel een kanonskogel waarmee we elkaar overhoop schieten.

Dan de sleutel tekst: Hij is zeer verblijd, dat de kinderen in de waarheid wandelen. Wandelen – dat wil zeggen een reis. We zijn allemaal op reis. Op welk pad wandel je nu? Van de wieg tot het graf is een lange reis. Op je eindbestemming - , ik zie wel eens een rouwkaart met een schip dat vertrekt. Dat is goed beschouwd niet helemaal juist. In het graf kom je op je eindbestemming. De weg der waarheid kies ik voor mijn voet. Die kindertjes van u hebben een levenswandel die de goede richting op gaat, ze wandelen IN de waarheid, dwz naar het Woord. Je eerbiedigt het woord en gaat er niet aan zitten peuteren, en wandelt met de Heere Jezus, want die is DE waarheid, dat zei Johannes in zijn evangelie. Wandelen in het licht met Jezus. Geleid door de Geest der waarheid. Twijfel – God strenger voor stellen dan Hij is, dat doet de satan. Hele massa’s mensen leggen hun oor te leen bij de satan. Niet in de waarheid wandelen, maar vijanden van het kruis zijn. Die hun doop laten schrappen, anti-doop certificaat aanvragen en ondertekenen (voor 3 Euro). Uw kinderen, moeder – wandelen tegen de stroom in.

Niet: ik heb gezien, dat je ze een beetje van de straat kan houden, dat ze nog steeds in het gareel lopen. Nee meer nog: dat ze in de waarheid wandelen. Hoe kun je dat weten? Ik zal u een paar kenmerken geven.
Hoe kan ik het weten? Je weet wat zonde is. Daar heb je nee tegen leren zeggen, de Heilige Geest heeft je daar van overtuigd. Je gaat in je leven beseffen, hoe kinderlijk of diep je daar ook over nadenkt; dat God een heilig God is en dat Hij heel boos en bedroeft is over de zonde, en er zijn jongelui, mensen, die makkelijk denken over de zonde, en spelend een grens opzoeken, ‘ach iedereen doet zonde, en ik zit toch in de kerk, wat zeurt u nu, dominee? Af en toe eens, en niet alle tien. Is dat nu zo erg, dominee? Iedereen doet dat toch?’ Als je in de waarheid wandelt zeg je dat niet. Je gaat geloven dat de zonde het meest gruwelijk is, in het oog van God, het wordt je vijand. Je verlangt ervan verlost te worden. Dan zie ik de kleintjes op hun knietjes – het boze dat ik heb gedaan, zie het Heere toch niet aan. En als je ouder zijn, leer je: zeg nu eens voor de Heere God WAT je fout heb gedaan; zondebesef aankweken, de zonde is een adder.
Als je in de waarheid wandelt. Hoe moet ik het oordeel over de zonde ontgaan? Je hoort van de Heere Jezus en gaat naar Hem toe en zegt wilt U ook mij redden. Niet alleen in de vergeving van zonde geloven, maar naar Hem toe gaan. Wilt u ook mij schoonmaken, Heere; en dat wil Hij zo graag!
Ik kwam een verhaal tegen van een blind meisje van 8 jaar. Altijd nacht; ze zat in de trein. En ze zit tegenover een predikant en het gaat over de Heere Jezus. En het meisje zegt o wat was het toch goed van Hem, dat Hij voor ons stierf en zo’n verschrikkelijk dood. En de dominee vroeg: wat is het gedeelte uit de Bijbel waar je het meeste van houd, - de laatste drie hoofdstukken uit de Bijbel – waar het nooit meer nacht is. Hij is opgestaan, en je houd van Hem.
Allen die geheel op Hem vertrouwen gaan naar de Hemel – op wie vertrouw jij nu? En niet een beetje, maar helemaal. Op niets anders dan op Jezus alleen, zegt zo’n kind. – Laat de kindertjes tot mij komen stond op een van de geboortekaarten en verhindert ze niet. Ik vertrouw op de Heere Jezus alleen.

Als u, familie en gasten, mij vertelt hoe je over zonde en de Heere Jezus denkt, dan vertel ik u of je een kind bent die in de waarheid wandelt. Je wordt als kind oprecht, een waarachtig hart. Er is zoveel uiterlijke vorm. Zoveel buitenkant Godsdienst, wat moet je ermee? Je hart is zo ver bij de Heere vandaan, je gaat naar de kerk maar zit je echt op te letten? 20 minuten preek en weet je nog waar het over ging? Dan ben je geen kind dat in de waarheid wandelt. Die wil graag met hart en ziel van Hem horen. Het neemt geen genoegen met uiterlijk.
In de kerk luisteren, en niet alleen die rollen snoep wegwerken, pak eens een kerkboekje en schrijf wat op, al zijn het de psalmen, als is het een voorbeeld wat de dominee noemt.

Je wilt ook graag de wil van de Heere doen. Ik wil graag dingen doen die de Heere fijn vind. Als je zonder blikken of blozen liegt of vloekt als pa en ma er niet zijn. Lelijke taal uitslaat, of je steelt, een kleinigheidje maar, dominee, als ik wat nodig heb. Een ruziezoeker, je vernielt dingen, je leest nooit in de Bijbel; altijd boos - onvriendelijk. Dat ben je geen kind dat in de waarheid wandelt. Niet schoppen slaan of schelden. Het lukt niet altijd, maar als het verkeerd gaat heb je er last van en je wilt het belijden. Niet meer laten meenemen door verkeerde vrienden. Zou je dat nu niet willen, gevoelig te zijn voor de zonde, en de Heere Jezus lief krijgen en met oprecht hart de Heere willen dienen. Zou u dat niet willen voor uw kinderen? Dan moet u ze wel de waarheid vertelen. De hele waarheid, niet te smal en ook niet te breed. Maar het woord der waarheid, wie God is en wie Jezus, wie de Heilige Geest is.

We beknibbelen altijd over de waarheid. Een echo. Het hartje horen kloppen. Bijzondere moment, abortus kun je je niet voorstellen. Aan het eind, euthanasie - maar op het begin en het eind van God wordt ook beknibbeld. Ik geloof in God als Schepper. Hij staat aan het begin, en God is rechter, Hij heeft ook het laatste woord, dat ga ik niet wegschrappen. “Er bestaat wel een hel, maar die is leeg” – nee, ik spreek de Bijbel na.

Het trof mij dat er een dominee was van een afgescheiden gemeente, hij kreeg twee meisjes aan de deur. Ze moesten een werkstuk maken over Godsdienst, en daarvoor zouden ze de hele straat interviewen. Eerste vraag – gelooft u in God. Ja. U bent de eerste van de straat die ja zegt. Gelooft u ook in een leven na dit leven? Ja, en hij vertelde erover. De meisjes stonden met open oren en ogen te luisteren. De deur ging dicht, na een half uur weer de bel. Dominee - meende u dat nou? Over eeuwig behouden en eeuwig verloren? Dat meen ik niet alleen, maar God ook. Een geluk dat nooit meer ophoud, maar dat er ook een pijn is die nooit meer ophoudt, dat meent God, dat is de waarheid.

2
Johannes is intens blij. Knechten van God willen niet alleen naar de hemel. Alle gelovigen verheugen zich als je jeugd ziet die we de weg met God gaat, in de hemel zijn ze er ook blij om. Het maakt je vrolijk. Gods kinderen zijn geen egoïsten. Gebed voor anderen, familie, gezin, vrienden, je zou ze allemaal wel willen meenemen, hoe meer hoe liever. Dat is Johannes.
Weet je waar hij ook blij om was – het komt zo weinig voor. Sommige koren, velen kaf, een trieste werkelijkheid, maar het is waar. Er zijn zo veel ongelovigen, onverschilligen, ongevoeligen. Ik ga mijn eigen weg. Over zulke mensen ben ik en christelijke ouders niet blij. Mijn kleinkinderen zij niet meer gedoopt, dominee….. daar zit je op je oude dag in een bejaardentehuis dan ga je kwijnend je weg. Heerlijk als je nog zo kinderlijk blij kan zijn als je iets van de ritselingen van de Geest kunt zien bij je kleinkinderen. Ze hebben de Heiland bij zich. Een koning die je beschermt, een vriend die je nooit in de steek laat. Dan komt het helemaal goed. Johannes leefde niet zo lang meer, hij zal aan de toekomst gedacht hebben. We hopen natuurlijk dat je lang en gelukkig mag leven met je kinderen, maar al word je honderd jaar – we hebben er één in de gemeente, Ome Carel, die as. woensdag 100 hoopt te worden - maar als je niet in de waarheid wandelt dan heb je niets. Johannes ziet die kinderen al juichen voor de troon, hij ziet ze al staan, met witte klederen aan, en kroontjes op hun hoofd.
Kinderen ik zal niet lang meer leven, maar straks zien we elkaar weer terug voor de troon van het Lam. Zou Johannes zich ook over mijn kinderen of over mij zelf verblijden? Of als hij mijn praat hoort en mijn gedrag, zou hij misschien verbaasd zijn? Ben jij nu een predikant, een avondmaalganger en jij gedraagt je intussen zo en zo? He talks the task, but doesn’t walk the walk. ..

3
De leer van Christus. De voorzeide leer – daar zeg je ja tegen. De zoons des Vaders wordt hij heef genoemd. De heilleer, de boodschap van genade in Hem alleen. Dat je zijn naam noemt, en Hem gaat roemen. Niet alleen in theorie maar het stralende middelpunt van je gezin en van je hart. Het geldt voor dominees en ook voor ouders, voel je daarin thuis, kun je daarover vertelen? Die toon moeten we hebben. Isaac da Costa zegt het zo: opvoeden is als pianospelen. Een toon hoger of lager is vals. Het boek moet je goed voor je houden. Een stap meer of minder dan de leer van Christus - dan gaat het vals, de nadruk op geestesgaven of uitverkiezing, of wedergeboorte of de doop. Dan zit je net een toontje te hoog of te laag. Hij voor mij, de Eniggeborene is van de Vader. Die gebeden heeft voor de overtreders, geleden voor zondaars. De kindertjes tot Zich geroepen heeft die gestorven is en is opgestaan.

Een gouden kleinnood. Die oude leer van het kruis, dat is niet uit de oude doos.

Breng mij d’ aloude tijding
De tijding van Gods troon
Van Jezus’ zondaars liefde,
De liefde van Gods Zoon
O brengt mij eenvoudig
Als aan een zeer klein kind,
Want ik ben zwak en moede
Tot dwaling steeds gezind
Breng mij d’aloude tijding –
van ‘t heil van Jezus bloed
[JdH 718:1]

En dat is nu de voorzeide leer. De leer van Christus.

Edit