Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2009-05-17 10:00:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
Water en vuur

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Jes 43:2 Jes 43 2009-05-17.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 4.9Mb)
2009-05-17C.105.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 27.1Mb)
2009-05-17T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 10.1Mb)
De vier elementen in beproevingen

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Beproevingen en beloften: Die gelden ten eerste voor Israël, ten tweede voor de gemeente, en ten derde voor ieder kind van God apart.
Kijk eens hoe vaak dat woordje Ik voor komt: 36 keer in dit hoofdstuk. Ik met een hoofdletter: hier spreekt God. Ik heb, Ik ben, Ik zal, Ik gedenk, etc. In hoofdstuk 42 staat dat Israël heeft gezondigd en in de ballingschap zit door eigen schuld. Ze hebben Zijn weg niet gehouden. En dan komt hoofdstuk 43: Maar nu! Israël heeft zich wel uit zijn land, maar niet uit Gods hart kunnen zondigen. Hij laat ze niet aan hun lot over. Maar nu zegt de Heere: Uw Schepper, o Jakob (de oude naam) en uw formeerder, o Israël (zijn nieuwe naam). Ik heb u verlost, Ik heb u bij uw naam geroepen, Gij zijt mijn. Denk aan het doopvont. Ze zijn Zijn volk, gekocht tot Zijn eigendom. Vrees niet, Ik heb u verlost. Dat is de liefdesstem van God. Er is geen woord wat vaker voorkomt dan het woord: vreest niet. Dat bewijst dat kinderen van God zo vaak vrezen. Doodsangst, verlatingsangst, angst en vrees over je zonden, je omstandigheden, je toekomst, angst hoe het verder zal gaan. Te midden daarvan klinkt daar Gods stem: vreest niet. Angst verlamt. Vrees neemt het verdriet niet weg en lost de problemen van morgen niet op. Vrees haalt de kracht uit je lichaam. Vrees niet, geloof alleen, zei de Heere Jezus tegen Jaïrus. Dan kan het gebeuren dat er een vrede in je hart daalt, die alle verstand te boven gaat die je niet begrijpt. Jesaja 43 vers 10 is zo'n mooie tekst. Vooral als je in lijden bent. Er wordt gesproken over beproeving, water vuur, vlam. Maar daar tegenover staan de beloften: de vlam zal u niet verbranden en het water zal u niet wegspoelen. Iets schrikwekkends: vlam, vuur, water overstromingen. Maar ook iets troostends: ik ben erbij, het zal je niet vernietigen. De Heere bewaart je niet voor de verzoekingen, maar bewaart je wel in het vuur. Je moet er wel door heen. De Heere belooft niet dat Hij het vuur net op tijd zal blussen. Hij belooft wel dat je er in bewaard en behouden blijft. Je moet er doorheen, maar het zal je niet doen verdrinken. Je pad loopt wel door de zee, maar de golven zullen je niet overstromen. Israël is in ballingschap, in Babel. En dan belooft de Heere; Ik zal je weer thuis brengen. Ik zal je bij je naam roepen. Je mag weer terug van Babel naar Jeruzalem. Maar dat is wel een hele tocht. Misschien kom je vast te zitten in de modder, in rivieren. Je moet door de woestijn heen, waar je kunt verbranden door de zon. Maar, zo belooft God, als jullie door die weg naar huis gaan, zal je niet verdrinken en niet verbranden. Je zult veilig aankomen in het land dat Ik je beloofd heb. Ik ben erbij. Zelfs al ga je door een dal van diepe duisternis. Vrees niet, want Ik ben bij je. De kern is: Ik zal bij jou zijn. Dat is zo rijk. Hij belooft niet alleen dat ze er veilig door heen zullen komen, dat ook, maar ook dat Hij er zelf bij zal zijn. Hij zal met hen meetrekken, door dat vuur en door die wateren heen. Hij zit er zelf middenin, maar Hij trekt met dat volk midden door dat lijden heen. In al hun benauwdheid was Hij ook benauwd, staat er in Jesaja. Hij heeft die benauwdheid zelf voor 100% mee-gevoeld. Hij is zo betrokken en bewogen dat Hij die benauwdheid zelf mee-beleeft. Hij bewaart ze dus niet alleen maar van boven af.

Je ziet het bij de Heere Jezus in het Nieuwe Testament. Hij kan meelijden, omdat Hij zelf mens is geworden. Het is ook over Hem heen gegaan. Hij weet wat je mee maakt. Hij weet het van binnen uit. Het mooiste voorbeeld is natuurlijk hoe de Heere Jezus zich gedraagt bij het graf van Lazarus. Jezus weende, staat er. Terwijl Hij Lazarus enkele ogenblikken later zou opwekken. Toch lijdt Hij zelf ook. God trekt met Zijn volk mee door het water en het vuur heen. Israël had het in Egypte zwaar te verduren. De Schrift spreekt over een “ijzeroven”. Die verdrukking is zo groot dat het lijkt op een ijzeroven die het hele volk lijkt te verteren. Maar dan verschijnt de Heere aan Mozes in de brandende braambos, die wel brandde, maar niet verteerde. Dan staat er dat de Heere zelf is neergedaald om Zijn volk te redden. De HEERE zelf woonde in de braamstruik. Dat vuur is dus niet alleen een beeld van Israël in de verdrukking, maar Hij is zelf in dat vuur. Hij is er persoonlijk bij.

Nu het beeld van het water. De Israëlieten moesten door de Jordaan. Heel wat. De voeten van de priesters worden nat en dan wijkt de Jordaan. Een snelstromende rivier wordt door de Heere afgesneden. Het water hoopte zich op als een berg, die tegengehouden werd... Dat moet een angstaanjagend gezicht geweest zijn, en daar moesten ze langs. Maar als je goed kijkt, dan zie je daar een kleine gouden kist staan. Dat is de ark, in de bedding van de rivier. Het beeld van Gods tegenwoordigheid. En de wolkkolom staat erboven: ook een beeld van Gods tegenwoordigheid. De Heere is er bij, dwars door de rivier heen. Ook als de wateren torenhoog oprijzen als een dam.

Een derde voorbeeld van het vuur: denk aan de vrienden van Daniël. De Heere beschermt ze niet alleen maar van boven af: Hij is er zelf bij. We hebben er immers 3 in gegooid en nu zie ik er vier! Die vierde lijkt op een godenzoon, ja dat was het ook, Hij was de Zoon van God. De Heere daalt neer om bij de Zijnen te zijn. Dan worden ze er uit gehaald en er zit geen schroeilucht aan hun kleding en geen blaren, geen verschroeide haren. Alleen de touwen, waarmee ze vastgebonden waren, zijn ze kwijt geraakt.
Er is een lijn te trekken van de vrienden in de vurige ovens tot de vurige ovens in de concentratiekampen. En er is ook een lijn te trekken van het water van de Jordaan tot het water van de Middellandse zee, waar Hamas Israël bedreigt.

Marc Chagall (1887-1985) is een Joodse kunstschilder. Een van zijn meest treffende schilderijen is “De witte kruisiging”. Chagall heeft daarop Jezus afgebeeld aan het kruis, Zijn lendendoek is een gebedsmantel. Je ziet licht van boven op het kruis. Er om heen zie je moeders op de vlucht die wenen om hun kinderen, en oprukkende nazi's en brandende synagogen. Chagall heeft Jezus midden in die verdrukking getekend, alsof hij wilde zeggen: deze Jood, Jezus was erbij....was er midden in.

Wanneer gij zult gaan door het water, Ik zal er bij zijn. De Heere Jezus lag achter in het schip te slapen, maar Hij was erbij, in de hoogste nood. Ze maken hem dan wakker. Meester, wij vergaan! Maar dat is ondenkbaar, want Hij is erbij. Het lijkt misschien alsof Hij slaapt, maar verdrinken kan je niet. Al slaat de zee ook hoog en hol en zweept de storm ons voort, wij hebben 's Vaders Zoon aan boord en veilig strand voor 't oog.
Zoals Israël op reis is van Babel naar het beloofde land, zo is ook de kerk op reis naar Immanuëlsland. Er staat in de Schrift dat je door veel verdrukking moet in gaan. Veel rampen zijn des vromen lot, maar uit die alle redt hem God. Hij is uw heil alleen. Dat heeft de kerk alle eeuwen door meegemaakt. Keizer Nero maakte fakkels van christenen. Hij smeerde ze in met pek en stak ze aan. Jullie zijn toch het licht der wereld, nu dan zul je branden. Maar de Heere was erbij, want ze zongen. Kinderen van God op de brandstapel verheerlijkten God op die brandstapel, want Hij was erbij.

Wat is het nut dan van de beproeving? Die wateren zijn niet bedoeld om te verdrinken, maar om je te reinigen, om je schoon te spoelen. Dat vuur is er niet om je te verbranden, maar om je te louteren. Om je schoon te maken. Het geeft je uiteindelijk alleen voordeel, en geen schade.
Stel je het beeld voor van de smederij. God als de smid en jij als een stuk ijzer. God pakt een tang en legt dat stuk ijzer in het vuur. Stel dat dat stuk vuur zou kunnen voelen, dan zou het het uitschreeuwen van de pijn. Ja, maar dat is nodig zou de smid zeggen, want ik ga van jou iets moois maken. Het stuk ijzer komt uit het vuur en wordt op het aambeeld gelegd en gaat daarna in een koelbak. En dan is het bruikbaar voor mij en kan ik je gebruiken in Mijn koninkrijk. Dat vuur en dat water is nodig om je bruikbaar te maken voor Zijn koninkrijk. Maar dat stuk ijzer zal het wel geroepen hebben: O God, wat doet u me pijn......

In het Oude Testament zijn twee woorden voor goud: het gewone goud en een woord voor “gelouterd goud”. Een goudsmid legt het goud in de oven en houdt de temperatuur en tijd in de gaten, zodat het niet 1 graadje langer of heter wordt in de oven dan nodig. De droesem moet eraf. Het vuil moet eraf. Dat het meer gelijkvormig wordt aan het beeld van Zijn maker. Hij laat het er net zolang in tot Hij het beeld van Zichzelf er in ziet. Op weg naar het vaderland loutert God het goud, om er gelouterd goud, gezuiverd goud van te maken.

Hoe ligt dat voor elke christen in het bijzonder? Wanneer jij zult gaan door het water, Ik zal bij je zijn. Het zal je niet overstromen. Ik geloof zeker dat dat water en dat vuur waar God mee intrekt en doortrekt, van ons betere christenen zal maken dan wanneer je je hele leven vertroeteld wordt en geen vuur en water hebt gekend. Soms denk je misschien: ik zal nog eens omkomen. Meester, wij vergaan! zeiden de discipelen. Zal ik ooit thuis komen? Hij laat ze nimmer omkomen. Bij Israël door de Jordaan komt er een pad. Maar bij mij komt er geen pad. Dat klopt. Maar dat belooft de Heere ook niet. Meestal moet je er door heen en word je nat. Zodat je dreigt te verdrinken. Als je door het donkere water moet van tegenslagen, van onderzoeken, van ziekte. Als je door een zee van verdriet moet: O Heere, red mij uit de nood, want de wateren zijn mij tot aan de ziel gekomen, Ik voel mij overstromen, de vloed is mij te groot.
Misschien zegt u: ik zit midden in die vuur-oven. Alleen God en ik weten hoe heet dat vuur is. Ik kan het niet uitleggen. Broeder, zuster vanmorgen: u krijgt van God een tekst in deze dienst: laat dat u tot troost zijn. U krijgt geen garantie dat het makkelijk wordt of is. In de wereld zult gij verdrukking lijden, maar heb goede moed: Ik heb de wereld overwonnen. Je hoeft niet naar moeilijkheden te solliciteren. Je mag ook moeite doen om die moeilijkheden te ontwijken. En dan komt er een moment, dan moet je er toch doorheen. Om in het beloofde land te komen, moet je toch door de Jordaan heen. Maar we krijgen wel de belofte dat Hij zegt: Ik ben er. Als de wateren gaan stijgen en je dreigt kopje onder te gaan: de Heere laat je niet verdrinken.

Een oude man van 90 die al 70 jaar de Heere kende, kwam met paard en wagen in het water te recht. U bent zeker wel erg geschrokken, zeiden de omstanders. Nou nee, zei hij. Als je in Christus bent, heb je het onder water net zo goed als er boven.......

De laatste blokkade is de doodsjordaan, waar we allemaal doorheen moeten, als de Heere Jezus niet voor die tijd terug komt. Een rivier zonder brug. Je moet er door heen. Alleen Henoch en Elia zijn er over heen gezet, en de rest moet er door. Je bent er bang voor en je moet er toch door. Maar ook dan zegt Hij: ik ben erbij. Midden in die doodsjordaan. Sommigen zijn er doorheen voor ze het weten. Die gaan makkelijk heen, die gaan zachtjes heen. Er zijn ook tobbende christenen, vreesachtig, maar zij kleven toch de Heere aan. De Christen uit Bunyans boek ook. Maar het water stond laag en kwam niet verder dan tot zijn laarzen. Sommigen gaan er zingen doorheen. En er zijn ook mensen die zich weg voelen zinken en kopje onder gaan. Er zijn er die door de boze machten aangevallen worden. Maar de Hoop hield bij christen zijn hoofd boven water: man, je bent er bijna, hou vol! De engelen staan klaar om je op te vangen!

Het vuur en het water zijn nodig, maar je wordt er uiteindelijk niet minder van. Het eindigt toch in het Vaderhuis met “brandveilige” woningen, waar geen water en vuur je meer kan raken.

Maak mij rein voor U
als gelouterd goud en zuiver zilver
laat mij zijn voor U
als gelouterd goud, puur goud.

Maak mij rein voor u
was mijn leven schoon
vergeef mijn zonden
laat mij zijn voor U,
zuiver als uw Zoon,
heilig mij.

Dwars door het vuur maakt Hij mij rein en puur.

Edit