Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2009-05-24 10:00:00 ds. J. Vis (em. te Meerkerk)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Joh 7:37-39 Jes 12:1-6 Joh 7:1-14 7:37-39 2009-05-24.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 3.3Mb)
2009-05-24C.105.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 24.8Mb)
2009-05-24T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 8.2Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Zondag tussen Hemelvaart en Pinksteren heette altijd: Weeszondag. Even heeft de gemeente verweesd geleefd. Na de hemelvaart en voor de uitstorting van de Heilige Geest. Een tijd die in gebed werd doorgebracht. Ik zal u geen wezen laten, Ik kom weer tot u. Het zijn belangrijke dagen. We komen op de juiste toonhoogte. Van wie verwacht ik het nu in mijn leven? Van mezelf, systemen, partij-ideologen, of van God?
Op het tempelplein sprak Jezus die woorden op die laatste en grote dag van het Loofhuttenfeest. Gezegend zij de grote koning die tot ons komt in ’s Heeren naam, zongen de priesters. Daar stond Hij in Zijn tempel en Hij sprak. De aanleiding is een gesprek met Zijn broers, ze spotten en geloven niet in Hem. Je bent toch heel wat? Ga dat dan eens laten zien. In Jeruzalem. Verricht je wonderen daar.
Jezus wilde dat niet, Zijn tijd was het nog niet. Jezus gaat toch, in stilte. Sommigen vinden Hem bezeten. Maar velen geloven in Hem. De echte Messias kon onmogelijk meerdere tekenen doen dan deze Jezus. Van heinde en ver kwam men naar Jeruzalem. O.a. aan de barre tocht door de woestijn 40 jaar, herinnerde dat. Van loofhouttakken maakte men hutten waarin de mensen 7 dagen lang woonden. Het wordt tot op de dag van vandaag gevierd. Het feest van de doortocht. Zoals bij ons 5 mei.
De achtste dag is het slotfeest. Op die dag sprak Jezus die woorden uit. Die dag trok veel aandacht. De Hogepriester ging in vol ornaat vanaf het tempelplein naar de Siloamvijver. Naar beneden toe. In hun rechthand bloemen en links een citrusvrucht, zo gingen de mensen daar achteraan. De hogepriester schepte water in een gouden kruik, en hij droeg dat terug. Dan stortte hij de kruik leeg voor het brandoffer altaar. Zo ontvangen ze water in de woestijn - uit de rotssteen. Dan zongen ze Jes 12. Gij zult water scheppen met vreugde. Het volk juichte dan. Zo hard, als je dit niet hoort, weet je niet wat vreugde is, zeiden de Rabbijnen.
De Heere Jezus hoorde dit alles aan en het sneed Hem door Zijn ziel. Prachtige symboliek, maar Hij staat daar zelf als de vervulling van de schaduwendienst van toen. Hij staat er vlak bij en het volk ziet het niet. Als het zingen is opgehouden, op dat moment springt Hij naar voren, zo mag je het zien, en Hij betrekt de hele ceremonie op Zichzelf, zo iemand werkelijk dorst heeft, die kome tot Mij en drinke. Ik ben die rotssteen.
Roepende met een grote stem, in het Grieks is dat echt: uitschreeuwen, Hij overstemde het vreugdegeroep van het volk. Hier ben ik, de ware rotssteen, bij Mij is het levende water, dat je dorst voor altijd wegneemt. De herinnering is zinloos als je geen oog hebt voor het gebrek in je eigen leven, dat alleen Jezus je verlossen kan. Dat is het.
Johannes stelt dat centraal, wie en wat Jezus is: in zijn evangelie staat zo vaak: Ik ben… Als het levende water, in het gesprek met de Samaritaanse vrouw. Als het ware manna en hier als een bron waar dorstigen kunnen komen. Dat is uniek. Dat iemand op zichzelf kan wijzen. Ik ben de vervuller van al die noden. Bij Mij moet je zijn. Indien iemand door de oude slang gebeten is, die kome tot Mij. Als je hongert of dorst hebt.

Wie heeft er geen dorst? Brandend kan de dorst soms zijn. Dorst naar bezit, naar hebben. Halen.. hebben, houden…. Naar goud en kostbaarheden. Naar kennis, om op een intellectuele manier meer te zijn dan die of die…. Naar kunst of genot. Of verdovende middelen, maar het kan zo veel zijn; dorst naar eer of macht. Je komt het zo vreselijk veel tegen. Maar je sterft er aan, je gaat er dood aan. Wie echter verlangt naar God, die zal verzadigd worden. Dorst naar water, spreekt ons minder aan dan in het Middenoosten of Afrika. Erger dan honger hebben. Zonder water ben je reddeloos.
Vergaap je niet aan inbeelding, dorsten naar God, wie doet dat? Dat iemand die door het woord en door de geest van onze God is ontdekt aan haar onmogelijkheid om met eigen middelen voor God en de naaste te kunnen bestaan. Je zoekt naar vergeving en genade, biddend en pleitend op Zijn belofte, geschonken in het woord van onze God. Christus vraagt geen bijzondere dingen, alleen of wij met een dorstig hart tot Hem willen komen. Wat een machtig woord is dat, voor mensen die in diepe nood zijn en dat ook zo beleven. Het brengt je bij de intense gebeden van de Psalmen, zoals een hert schreeuwt naar de waterstromen, zo schreeuwt mijn ziel tot U, o God. Of ps 63: O God Gij zijt mijn God, U zoek ik; mijn ziel dorst naar u, mijn vlees smacht naar U, in een dor en dorstig land, waar niemand lafenis kan krijgen: het rijk van de duisternis. En de schaduw des doods. Deze mensen mogen naar Christus gaan, naar Hem hun handen uitstrekken, Hem hun dorstig hart overgeven en ze zullen verzadigd worden.
Nee meer nog: stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien. Stromen. Dit is de belofte. Overvloed. Zo is de stroom van de Heilige Geest, via de gemeente van God de wereld in. Dit is de boodschap naar Pinksteren toe. Het woord van God horen en ontvangen is niet het einde. Door het ontvangen worden we er op uitgezonden om anderen te mogen verzadigen, vanuit de bron van de overvloed, van Christus.
Vandaar dat de blik zich nu al verbreedt om getuigen van Hem te zijn. Uiteindelijk wil Pinksteren ons zeggen dat God mensen zoekt, om ze te verlossen, uit te redden, in de ruimte te stellen. Dan mag u alles verwachten…. Stromen, overvloed. U hoeft maar één ding te doen: geloven in de Heere Jezus Christus en te bidden om de stromen van de Heilige Geest.
Wanneer iemand daar maar weinig van verwacht – ‘we leven in een hele andere tijd’ - en weinig vraagt die ontvangt ook weinig. Als je veel verwachting hebt en er veel om vraagt – dan ontvang je ook veel.
Vergelijk het maar met electrische stroom, je kunt een 10 Watts lampje gebruiken, maar ook 60, 100, 150 noem maar op: en een heleboel tegelijk. Hoe meer je vraagt, hoe meer er komt, via die ene stroomdraad. Denk daar maar aan.

Dit zei Hij van de Geest. Wat een machtswoord is dit in de schaduw van Pinksteren. Die dorst heeft die kome tot Mij. – De weg van de Heilige Geest. Hoe kostelijk schittert het voor onze ogen. Die nauwe relatie tussen het werk van Christus en de Heilige Geest. Het zal er met Pinksteren om gaan, dat we weten en geloven, dat we niet ver weg in de hemel een Heiland hebben, maar Hij wil door de Heilige Geest en via het woord in de gemeente, in onze harten wonen. Dat wil Hij. Zo moet Zijn werk actueel worden. Dat bedoelde Hij met ons leven. Zien we op ons zelf, dan moeten we bekennen dat het er niet zo best voorstaat: hoogte en diepte en stilstaand water… en om ons heen in de samenleving ook, droog en mat. Troosteloos. Meer dan ooit hebben we het gebed nodig om vervuld te worden met de Heilige Geest. Opdat meer dan ooit waar mag worden, die bede om de vervulling vanuit het laatste Bijbelboek de bruid zegge kom, en die het hoort zegge kom en wie dorst heeft kome en neme van het levende water om niets.

Kom Trooster, die de harten stilt
en kalm doet adem halen,
de angstige die straks als wild
ten dod’ vervolgd moest dwalen

Kom, uit het verwoestende gedruis
Red uit ons tot Uw doorzongen huis
Op eens ligt alles stom
Dan schreeuwt het ongeduld van Uw beminden
Erbarmer, Verlosser, laat U van ons vinden
Kom
[Willem de Mérode]

Edit