Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2009-06-01 09:30:00
ds. M.M. van Campen (Rotterdam-Zuid)
Pinkstervuur

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
1The 5:19 1The 5:12-28 2009-06-01.0913.mp3 (Preek, 16kPro, 50.1Mb)
2009-06-01C.095.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 27.2Mb)
2009-06-01T.091.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 10.1Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Christen komt in het huis van Uitlegger in de Christenreis van Bunyan. Hij ziet een muur en daarin een gat waar een vuur brandt. Aan de vorokant is een man met emmers bluswater bezig. Maar het gaat niet uit, want aan de achterkant giet een hand steeds olie op dat vuur. Dat is het werk van Gods genade. De duivel werpt water op Gods werk, maar het blijft op een verborgen manier branden. Hij zorgt voor de regelmatige olie toevoer. De vlam brandt des te helderder. Daar gaat het over, vuur en bluswater.

Pinkstervuur
1 de brandhaard 2 de blusmiddelen 3 blaasbalg

Paulus is drie zondagen in Thessalonica geweest, met geweldig gevolg, mensen kwamen tot waarachtig geloof. 1Tess 1 :5, het woord kwam in de kracht van de Geest en u bent navolgers geworden (6), in verdrukking en blijdschap van de Heilige Geest. Een aantal namen het aan, ondanks vervolging en verdrukking in die stad. Navolgers en zelfs voorbeelden voor de wijde omgeving. Ze komen tot bekering in H1, H2 bevat onderwijs, H3 de liefde onderling, dat zat wel goed. H4 heiliging en verwachting, het was er allemaal. H5 een aantal vermaningen, heel concreet. Bouw elkaar op, hoe ga je om met geestelijke leiders. Erkent degene die onder u arbeiden. Heb respect voor hen. Hoe ga je als opzieners om met gemeenteleden. Ongeregelden moeten vermaand, kleinmoedigen moeten worden vertroost, zwakken moeten gesteund.
Dan komen wat korte bevelen. Jaag altijd het goede na. Statcato: verblijd u te allen tijd. Bid zonder ophouden, dank altijd, en dan de tekst: een aantal waarschuwing, blus de Geest niet uit. En veracht de profetieën niet, toets alle dingen en onthoud u van alle kwaad.

Houd op met het blussen van de geest – de gelovigen worden aangesproken, ongelovigen kunnen dat vuur niet blussen. Onbekeerden kunnen de Heilige Geest wel weerstaan of zelfs lasteren. Je kunt het van je afhouden – een mens is machtig in het negatieve. Zelfs onder preek van Stefanus, gij hardnekkigen – jullie weerstaan altijd de Heilige Geest. Maar ook als gelovige ben je machtig in het negatieve. Je kunt de persoon van Geest bedroeven. Onvoorstelbaar dat wij de Goddelijk Persoon kunnen bedroeven en dat we het werk van de Geest kunnen uitblussen.

1
Bij blussen denk je aan brand. Waar komt de brand vandaan? Er is iets aangestoken. Er is een vuur ontstaan, de spranken gaan naar boven. Een mens gaat naar beneden. Maar als Gods vuur in je leven komt, ga je naar boven. Pinksterfeest is het feest van Gods overspringende brand. Jaren gelden heeft er hier op de kansel zo rond de oorlog een dominee gestaan: ds F. Keijftenbelt. Zijn portret hangt in de consistorie, hij eindigde zijn preken met een gedichtje, dat hij zelf maakte. Die zei dat.
Ik denk aan een bosbrand, het vuur springt over door de wind aangewakkerd. Tongen als van vuur verdeelden zich over hen. Het springt over, 12 toen 120 toen 3000, toen 5000. Judea Samaria, naar Europa, en ook in Nederland. Het ging als een lopend vuurtje rond, mensenharten werden in brand gestoken, de vlammen sloegen er uit en het sloeg over, de vuurhaard ligt in de hemel. Heeft het u al bereikt? Ik zat ooit in de Maranathakerk, en toen spring er een vonk over? Gods werk. Eén vonkje is al genoeg, de Heere doet dat door Zijn Geest en Zijn woord. Door de woorden van Petrus sprong de vonk over. Paulus spreekt in Thessalonica, en daardoor sprong de vonk over.
Hoe is het in jullie leven? Ik stond in vlam voor van alles, voor voetbal bijv. helemaal alles was jouw favoriete club; of politiek, helemaal gek van politiek, of je studie, daar ga ik in op. Alles moet wijken voor dat diplomaatje. Je verkering, je hobby, je gezin. Als het ging over de Heere God, dan was het al gauw te veel, saai.
Toen kwam dat vuur in je leven, toen werd het anders, ik werd geestdriftig, enthousiast voor God. Vorig jaar werden er aan aantal jongeren enthousiast voor God, jullie zitten er nu ook op de Tweede feestdag; je ging zien wie God was. Je hart ging branden voor die Redder van jouw leven. Toen dat Pinkstervuur kwam, ging er bij jou wat ontdooien, niet allen smelten, maar ook borrelen. Ik móest ervan getuigen. Mooi dat je hart warm gaat kloppen voor de Heere Jezus. Ze werden geen navolgers van Paulus, maar ze gingen het verspreiden, voorbeelden voor de omgeving, het kan zo klein beginnen. Het smeulde eigenlijk al jaren, ik kon het niet verborgen houden, het kwam naar buiten en ik werd enthousiast. Het werkte aanstekelijk, het sloeg ook over bij een ander. Wat kan die eerste liefde hoog opvlammen, waar of niet! Liefdesvuur, van eeuwigheid brandde er in Gods hart een binnenbrandt. Binnen de Drie-enige God. Liefde als een binnenbrand en dat sloeg naar buiten met Kerst. En met Pinksteren is die liefde niet alleen geopenbaard, maar uitgestort in je hart. De Heere Jezus is mijn Heiland, ga je van harte zingen, U behoor ik toe, Abba Vader. Liefdesvuur. Liefde voor zijn woord, zijn dag, andere kinderen van God, en voor Zijn dienst. Vlug in beweging, warm in de uitwerking.

2
Blus de Geest niet uit, het kan dus gebeuren dat het vuur gaat smoren. Het is kennelijk onze verantwoordelijk om dat vuurtje warm te houden. We lezen bij Mozes wanneer de tabernakel klaar is, dat er vuur van God uit de hemel kwam en die stak dat aan. En de priesters moesten dat vuur altijd brandend houden. God steekt het aan. Dat is bekering. Wij moeten het brandend houden, aangrijpend dat wij het vuur van God kunnen blussen! Dat wij de werkingen van Gods geest dus kunnen tegenwerken, dat komt er Geestarmoede, Godsverduistering. Het kan bij je zelf en in de gemeente. Gewoon een praktisch voorbeeld. Een blusdeken is handig in huis. Vreemd vuur, vuur dat schade doet moet uitgetrapt en bestreden worden. Maar je hebt ook heilig vuur. Ik heb een vraag dominee, hoe kun je nu weten of het vreemd vuur is of niet? Er staat toch , toets alle dingen, je moet het eerst beproeven. Komt het van de Heere of de satan. Door wie is het vuur aangestoken. Daar is wat over gediscussieerd in de kerkgeschiedenis. Nijkerkse beroerte “dat is nu de Heilige Geest,” maar anderen: “dat is van de duivel”. Zelfs dominees discussiëren er over. En ik zeg u vanmorgen: De beste toetssteen vormen de effecten, niet de symptomen; gaat het om de eer van God? Dan komt het zeker van boven!

Hoe kan je het vuur blussen, aarde, emmers water, maar ook doordat er geen olie aangevoerd wordt, dan gaat het vanzelf uit. Als je er geen brandstof aan toevoegt.
Blus het werk niet uit. Prof Gudding zei: in elke gemeente zijn er kleinzielige brandweer mannetjes, elke uiting van enthousiasme of spontaniteit wordt gelijk geblust met een koude douche, door negatief kritisch te zijn – emmer water. Judas was negatief kritisch toen Maria uit de liefde van haar hart het albasten kruikje over de voeten van haar Heiland uitgoot. Had het niet aan de armen gegeven kunnen worden?
Jij bent naar de kerk geweest, je komt thuis en daar staat een emmer bluswater klaar – door liefdeloze kritiek, zo vooringenomen, je kunt zo in de kerk zitten, dat je de zegen voor jezelf en andere weg haalt. Kwade dampen, rook, zwart, altijd negatief. Het gebeurde op de Pinksterdag ook al. Teveel zoete wijn gedronken! Hup weg. Het blusemmertje staat al klaar.

Het kan ook in de gemeente zo zijn. De gemeente is een kandelaar, met lichtjes. Door de motregen van onderlinge ruzies, vooroordelen, een gestage drup waardoor het vuur uitgaat. Ik denk dat je het vuur van de Geest kunt verminderen, door tradities niet te willen toetsen aan het Woord, dan wordt het een stolp over de kaas, dan krijg je geen zuurstof meer, beproeft alle dingen - -ook die tradities.

Je kunt ook strijden om de Heilige Geest. Wat is dat actueel als je het RD of ND leest… dat de Geest geblust wordt. Over en weer, de roomse en oosterse kerk hebben gebakkeleid: gaat de Geest van de Vader en de zoon uit? Of alleen van de Vader – volstrekt filosofisch - theoretisch probleem, en er kwam een splitsing. Wat een discussies over de gaven van de Geest - bestaan ze nog, en ze rollen over elkaar heen op het theologisch slagveld en de Geest wordt uitgeblust. Je kunt het ook blussen in de gemeente, er is sprake van ambten en gaven, dat moet in balans zijn. Als de een overheerst verstikt de ander. En andersom. Als er geen opzicht is, komt er ook vreemd vuur. Het is een heilige kunst om zoveel mogelijk de ambten als de gaven bijeen te houden. De ambten zijn de potjes en de gaven zijn de plantjes, ze hebben stevige potten nodig om goed te kunnen groeien.. blus de Geest niet uit. Als je zegt, ze bestaan niet meer, dan blus je natuurlijk ook de Geest.

Het kan ook met de ambtsdragers, een blindgeborene was door de Heere Jezus beter gemaakt, hij was zo enthousiast. Maar ho, ho, zeiden de kerkleiders, we hebben Mozes en de profeten, maar die Jezus is een zondaar, - hij was te enthousiast en werd uit de synagoge gezet. Denk altijd – dat kan bij ons ook gebeuren.

Ik denk aan Eldad en Medad – Jozua klaagt bij Mozes, er zijn er twee aan het profeteren in de legerplaats, daar achter in de kerk. Mozes: och dat al het volk des Heren profeten waren …! Blus de Geest niet uit. De Geest kan anders werken dan onze ervaringen tot nu toe zijn geweest. Nieuwe wegen - we moeten wel veel van de Geest hebben om die wegen te zien, hoger dan die stippellijntjes die wij hebben uitgezet. En ik vraag me af en ik bid – ik vind het ook wel eng, wat we gewend zijn, voelt veiliger – maar Heere: bewaar me ervoor dat ik het vuur van U zou blussen, leer me onderscheiden, wat van U is en wat van de satan.
Laat ik toe dat het brand en dat het ook verbrandt wat schadelijk is….?

Je kunt het bij jezelf uitblussen, door de teveel aarde op het vuurtje. Te aards gezind, ouderwetse kachels moest je regelmatig schoonhouden; als er teveel steen in de steenkool zat, roetophoping dan ging het niet goed met die kachel. Zonde-vuil hoopt zich van lieverlee wel op. Vraag om reinigende kracht, om op te ruimen wat in de weg zit, het koekt zo gauw aan in mijn leven ik ga walmen, een nachtpitje dat weinig licht geeft en weinig warmte. David had een zonde in zijn leven en beleed dat niet, de vreugde ging weg in zijn leven. Ik merk dat de kracht van Heilige Geest minder wordt in mij leven. Hij had het heil maar was de vreugde kwijt - hij hield een zonde aan de hand.

Je kunt de Geest ook blussen door geen brandstof toe te voegen. De temperatuur wordt minder. Het lampje gaat uit. Het woord van God – houd aan in de gebeden, veracht de profetieën niet. Was ons hart niet brandende in ons, toen Hij de Schriften voor ons opende (Emmaüsgangers)?
Als je je laat leiden door de heersende meningen, of het onfeilbaar Woord van God. Discussies over 6x24 uur of 6x25 uur als schepping – het blust de Geest.
Of je hoort het Woord maar je handelt er niet naar. Minder worden in het gebedsleven, halfslachtig; de onderlinge samenkomsten verzuimen. Het gebeurde onder de prediking van Petrus en Paulus. Als je dat nalaat dan moet je ook niet denken dat je enthousiast wordt op je zolderkamertje.
Of je komt thuis en je denkt niet meer na over de preek – laat het nog eens door je heen gaan. Als het gelijk weg is om 11:30 … er zijn zoveel blusmiddelen, als er Avondmaal is en je bent een kind van God en je blijft weg, of je gaat aan maar bereid je niet goed voor – dan blus je de Geest uit. Schik u om uw God te ontmoeten. Als je je niet voorbereid, je ploft in de bank, je ploft aan Tafel. Volstrekt wereldsgezind door de weeks, dan heb je geen vuur, het hout moet geschikt worden op het altaar. Schikt u.

Geen kracht in de prediking, en wordt geen licht en warmte gevoeld, koud en donker in de kerk, daar komen geen mensen op af. Duf en muf, ds Hegger zegt ergens - hij zat als jongetje naast een smeulende kaars, ik werd misselijk. Ik geloof dat het bij jongelui kan, dat blussen – eerste liefde, en hoe is het nu jongens? Ik geloof zeker dat je bakken bluswater kunt gooien door plaatsen waar je naartoe gaat, is het tot eer van God, vraag je dat af. Vrienden die je uitkiest, films die je bekijkt, boeken die je leest, gewoontes die je je aanwendt. Het kan aanblazen en stoppen, de schoorsteen dicht.
Eerst was je zo dolgelukkig met de Heere Jezus en nu ben je niet meer zo blij met Hem, dat is erg. Dan kan in een huwelijk zo zijn. Van lieverlee komt daar iets in - de roze wolk word grijs. Oud brood, je wordt verlegen met elkaar. Onvoorstelbaar. Af en toe een beetje moeilijk; ’t is minder. Dat kan in de relatie met de Heere Jezus ook zo zijn, jij wordt weer wat groter. Negatieve karaktereigenschappen krijgen de overhand. Je eigenwijsheid komt boven en het wordt weer duisternis.

3
Hoe kun je het aanblazen? Het kan op een minimum zijn en een maximum hebben, kleine pitjes en grote pitten. Hoe komt het dat het op een laag pitje staat? In één kind van God: Petrus voor de Pinksterdag - laag pitje - het brandde wel, maar op een laag pitje. Heb jij mij eigenlijk wel lief, Petrus. U weet het, onder die as zit een vonkje…
Maar op de Pinksterdag is het een uitslaande brand. De grote daden van God verkondigen. Ik verlang daar naar. Meer van die Geest. Ik geloof dat als je daar niet naar verlangt, dat je dan ziek bent in je geestelijke leven; ik verlang ernaar om van stand 1 naar stand 2 te gaan. Meer van U.
Elke kind dat vraagt – ik wil een boterham – al wil je een heel brood, dat is goed voor je - hoeveel te meer zal de hemelse Vader - - - ik vraag om drie broodjes – mag ik nog wat meer van Uw Geest -met de vurige liefde van Zijn hart wil Hij dat geven.

Wat zijn dan die blaasbalgen – God gaf Zijn genademiddelen daarvoor.
Wees blij te allen tijd, zegt de context. Maar dat ben ik juist niet, dominee… Denk aan de Heere Jezus. Denk nog eens een keer aan de Heilige Geest. Dat Hij Zijn liefde gaf. Zijn leven gaf, om je te redden voor de toorn. Om je te maken tot Zijn Bruid, om je een erfenis te schenken - als je daar over nadenkt… word je dan niet weer eens een beetje blij ? …. Ondanks jouw ontrouw, ondanks jouw liefdeloosheid, kijk nog eens naar het kruis, een hout, “brandhout” als je dat in het vuur werpt gaat het weer branden….

Hij gaf ook het Avondmaal, bij Zijn liefde en trouw je te warmen.
Bid zonder ophouden – doe het toch maar, vouw je handen en wees eens eerlijk. Praat het dan eens helemaal uit met Hem. Als het dreigt over te gaan, dat is gebed, blijf online met Hem. Ook als dominee kan je soms uitgeblust zijn. Het Woord niet meer aan het woord laten – als je dat niet meer doet, gaat het vuurtje uit, wat een verantwoordelijkheid om predikant te zijn. Mijn gebeden – ik heb het weer zo nodig dat u mijn lippen weer aanraakt met een kooltje ban het altaar, zodat ik vurig zal zijn.
Ik pak die Bijbel toch nog maar eens, ik ga hem weer lezen, weer echt luisteren naar wat God tot mij te zeggen heeft. En de bijeenkomsten – gelukkig bent u er vanmorgen.
Zo mag het ons gebed zijn. Heilige Geest stort op ons uw vuur. Het vuur is van Hem. Blaasbalg, aambeeld, hamer, ijzer, kolen, alles kan er zijn. Alleen het vuur - dat kunnen we niet maken, maar we kunnen wel een lontje zijn – en houdt het droog! Als het vuur weer komt dat er weer zo vlam in de pan slaat!

Grote Godsmannen stonden in vuur en vlam. O geef me maar drie broodjes, Heere, zo klein voel ik me dan. Grote Godsmannen rookten niet, maar stonden in vuur en vlam, niet halfslachtig. Halfwarme christenen kunnen nooit grote invloed hebben. Ze predikten en waren niet populair, ze predikten scherp de wet en de toorn en zoet het evangelie, zoet het kruis en zoet de Heere Jezus en de aanstaande wederkomst van Christus en repen krachtig op tot radicale toewending tot God. Ze kregen geen applaus in de wereld en vaak ook niet in de kerk – maar wel de glimlach van de Heere God.

Ds vd Poel uit Ede, oud GerGem zei - ze zullen in de hemel en de hel allebei eeuwig branden; in de hemel voor eeuwig van de liefde van God. En in de hel in de toorn van God. Alle twee is het waar. Dat liefdesvuur in de hemel is onblusbaar. En ook het vuur van de toorn. Waar zal ik branden? In de hemel of in de hel? Laat mijn hart nooit koud zijn, Heere, laat mij steeds vurig mogen zijn. Luther zegt het zo:

Geest des Heeren, kom van boven,
Laaf met Uw genadegloed
Alle zielen die geloven,
Doe ze blaken in Uw gloed

En dat is ons gebed



το πνευμα μη σβεννυτε
Blus de geest niet uit.

Edit