Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2009-06-21 10:00:00
cand. A. van Kralingen (Ridderkerk)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
1Pet 2:4,5a 1Pet 2:1-10 2009-06-21.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 4.9Mb)
2009-06-21C.105.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 27.0Mb)
2009-06-21T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 9.0Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Alle kinderen hebben wel eens iets met lego of duplo gebouwd. Dan moet je ergens beginnen. Je bouwt een toren, steeds hoger en hoger. Prachtig. Tot je broertje binnenkomt en die haalt dat ene steentje eronder vandaan. En dan stort de toren in. En dan moet je weer opnieuw beginnen.
Paulus spreekt ook over een hoeksteen. Hij houdt de gemeente voor dat ze de Heere Jezus kennen mogen als een uiterste hoeksteen. Als het fundament van hun leven. Hun hele levenshuis is gebouwd op Jezus Christus. Dat kan er niet zijn zonder de Heere Jezus. Een uiterste hoeksteen. Hij is onmisbaar; Hem kunnen we niet missen in ons leven. Is dat zo bij jou en bij u?

Jezus Christus heeft zelf ook ergens over een fundament gesproken in de gelijkenis van de dwaze en de wijze bouwer. De dwaze bouwer gunt zich geen tijd om over een fundament na te denken. Hij wil een huis, hij wil beschutting bescherming, veiligheid. Hij begint en het lukt, het staat en hij kan er in wonen. Maar dan komen de slagregens en gaat het stormen. Het huis valt om. Weg bescherming, weg beschutting, weg veiligheid. Een dwaze bouwer, zegt de Heere Jezus. Zo is iedereen die zijn levenshuis niet bouwt op Zijn woorden, die zijn leven leidt zonder na te denken over de woorden van de Heere Jezus en daar zijn hele levenshuis op grondvest. De wijze bouwer denkt wel na en legt een fundament. Dat vraagt ook om nadenken. Daar hebben we ons verstand voor gekregen. Dat je tijdens de preek en tijdens het Bijbellezen ook steeds tegen jezelf zegt: wat betekent dat nu voor mij? Ook bij de dwaze bouwer komt de storm, maar dat levenshuis blijft staan. Dat biedt veiligheid, bescherming. Die woorden van de Heere Jezus daar kun je op terugvallen ook als er stormen in je leven komen.

Dat fundament dat zijn de woorden van der Heere Jezus, maar ook Hijzelf. Dat is een eenheid. Jezus en Zijn woorden horen bij elkaar. Hij zegt zelf: Ik ben de waarheid. Aan Zijn woorden kun je je vasthouden. Dan komen er in jouw leven misschien net zo goed slagregens en stormen, maar dan bieden de woorden van de Heere Jezus toch een vast en zeker fundament.

De Heere Jezus is ook de goede Herder. Hij zorgt voor Zijn schapen. Die naam is ons dierbaar. Hij is ook de ware wijnstok: we groeien door Hem als we bij Hem horen. Zo gebruikt de Bijbel verschillende beelden voor de Heere Jezus. Het beeld van de Heere Jezus uit 1 Petrus 2 is een steen. Maar niet koud, hard en onbewogen. Hij is een bewogen Zaligmaker. Hij staat bij het graf van Lazarus, Zijn vriend, en huilt bij zijn graf. Hij weent ook over Jeruzalem omdat Hij haar wilde redden, wilde beschermen onder Zijn vleugels zoals een hen haar kuikens. Maar ze wilden niet en Jezus huilt daarover. Zijn hart is geen onbewogen steen. God is bewogen in de Heere Jezus; Hij is barmhartig en genadig en groot van goedertierenheid.
En toch noemt Petrus het beeld van een steen. Het hele gebouw van je leven gefundeerd op de Heere Jezus zelf. Dat geldt voor iedere gelovige op zich, maar ook voor de hele Kerk, vanaf Pinksteren, nee vanaf Adam eigenlijk. Dat hele Godsgebouw heeft de Heere God ontworpen. Dat hele gebouw staat op dat ene fundament. De wijze bouwer nam geen risico's en heeft een hecht fundament gelegd. Dat deed de Heere God ook.

Maar wat als het nu zo slecht gaat met de kerk? En de kerkverlating dan? Ik verwijs u toch naar dat vaste fundament, die ene uiterste hoeksteen. Hij draagt dat gebouw en doet dat door Zijn eigen Zoon. Dat laatste stuk van het gebouw zal ook nog wel toegevoegd worden, daar hoeft u geen zorg over te hebben.

Hoe schrijft Petrus over de gemeente? Gij zijt een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterdom, wedergeboren, getrokken uit de duisternis tot Zijn wonderbaar licht. Eerst geen volk, maar nu wel. U die gelooft, is Hij dierbaar. Bekeerd. Zou u dat ook zo zeggen? Petrus spreekt dat niet uit in wensende zin. Hij spreekt ze voor 100% aan als kinderen van God. Zo spreekt de Heere de gemeente aan en ik waag het niet om dat anders te doen. Maar geldt dat dan de hele gemeente? Misschien kunt u daar geen amen op zeggen, geen ja op zeggen, kunt u daar niet bij. Staat u daar dan buiten? Kunt u er niet bij? Bidt dan maar tot de God van alle genade: Heere maak mij ook 1 van Uw kinderen, trek mij met de koorden van Uw liefde uit de duisternis tot Uw wonderbaar licht. En dan zal de Heere het vast en zeker doen. Hij nodigt u heel dringend om met vrijmoedigheid toe te gaan.

Petrus spreekt ook over de steen die verworpen werd. Ook in het Oude Testament is daar sprake van, dat hebben we gezongen in psalm 118. Door wie wordt die steen verworpen? Door de bouwlieden. Maar dat zijn toch de deskundigen? Zij hebben er toch verstand van? In het Grieks staat zelfs een woord dat te maken heeft met “keuren”. Ze hebben die steen eerst gekeurd en toen welbewust verworpen. De Heere Jezus is tot het Zijne gekomen; aan hen waren de woorden Gods toebetrouwd, en dat is nog steeds zo. En toch hebben ze die steen verworpen.

In onze tekst staat het echter anders: die steen is volgens 1 Petrus 2 door de MENSEN verworpen. Dat komt een stuk dichterbij en geldt ons allemaal. Wij hebben Hem niet geacht; Hij had geen gestalte nog heerlijkheid dat wij Hem zouden begeerd hebben. Wij hebben Hem niet geacht. Gij hebt niet gewild dat Ik Koning over u zou zijn. Jullie hebben niet gewild dat Ik het fundament van je leven zou zijn. In het verwerpen door de mensen heeft God Hem nu juist uitverkoren. Als satan er op uit is om de Heere Jezus Christus ten onder te brengen, dan is het juist in dat sterven van de Heere Jezus dat Hij het fundament wordt. In Zijn dood brengt Hij nu juist het leven aan! Het tarwegraan dat sterft dat gaat juist leven en brengt vrucht voort. In Zijn dood zoekt Jezus de dood op en treft hem recht in het hart. Jezus heeft de dood gedood in Zijn dood. Zo heeft Hij het leven opengebroken. Er is er maar Een die dat kan, daar is en komt er geen tweede van.

Bent u een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterdom? Of moet u toch nog zeggen er buiten te staan? Hij komt zo dichtbij in het kleed van Zijn Woord om u aan te raken...Roep Mij aan en Ik zal je eruit helpen. Ik kan knopen losmaken, bouw je levenshuis maar op Mijn woorden.

Waar het Woord van God wordt verkondigd, daar wijst God zelf Zijn Zoon aan. De hemel gaat open in de bediening van het Evangelie en de Vader wijst Zijn Zoon aan: deze is Mijn geliefde Zoon, hoort naar Hem! De Vader heeft Zijn Zoon gegeven, niet alleen de Zoon Zichzelf. Het behaagde Hem, het was de wil van de Vader om Hem te verbrijzelen. Ja, dat is door mensen gebeurd, maar daarachter zit de Vader. Hoe kan dat nu? De Vader heeft de Zoon toen verlaten. Mijn God, Mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten? God wendde Zijn aangezicht af van de Zoon van Zijn liefde. Hij was zo rijk, maar Hij heeft Zijn rijkdom verlaten en kwam in de armoede. Maar in die verlatenheid heeft de Vader de Zoon toch lief. Al verbergt Hij Zijn aangezicht voor Hem, toch heeft Hij de Zoon lief omdat Hij Zijn leven geeft. Er is een Zaligmaker, de gegevene van de Vader; bij God uitverkoren en dierbaar. En u mag tot die levende Steen komen. Kom tot Mijn Zoon en je zult leven. Kom tot die levende steen en dan wordt je ook een steen, ingevoegd in dat Godsgebouw. In dat Godsgebouw zijn de stenen veelkleurig. Veelkleuriger dan wij vaak denken. Al die stenen een eigen plaats, door God zelf ingevoegd, veelkleurig en veelvormig, maar gegrond op dat ene fundament. Wij zijn ook wel eens geneigd om daar een muur van te maken, een afgesloten muur naar de wereld. Maar zo bedoelt Paulus het natuurlijk niet.

Gebouwd op één fundament, dat maakt de eenheid uit. Is uw levenshuis gebouwd op Zijn woorden, op Zijn lijden, op Zijn sterven. Op Zijn opstanding? Ja, op alles wat Jezus heeft gedaan en op Wie Hij is?
Of is Hij een steen des aanstoots, een rots der ergernis? Hij staat nu nog voor u, vriendelijk en dringend. Tot we daar allemaal eindigen, bij die ene Zaligmaker. Jezus.

Vaste Rots van mijn behoud.
Als de zonde mij benauwt.
Laat mij steunen op Uw trouw
laat mij rusten in uw schouw
waar het bloed door u gestort
Mij de Bron des levens wordt.

Edit