Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2009-08-23 17:00:00 ds. G.C. Kunz (em. te Dordrecht) Een vertwijfelde knecht

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Jer 20:7-9 Jer 20:1-9 2009-08-23.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 4.7Mb)
2009-08-23C.175.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 27.2Mb)
2009-08-23T.171.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 9.5Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
Jeremia was een man die voorbeeldig trouw was aan zijn Zender. Vanmiddag letten we op de mens Jeremia. Niets menselijks was deze knecht van God vreemd. Hij was een mens van gelijke bewegingen als u en ik, zou de Bijbel zeggen. Er was in zijn leven iets opmerkelijks gebeurd. God had beslag op hem gelegd. Hij had hem geroepen naar Zijn dienst. Toen was hij nog een jongeman. Dit alles ging niet zonder slag of stoot. Hij verzette zich, maar de Heere liet hem niet los. De beloften van God logen er niet om. “Ik geef Mijn woorden in uw mond, Ik ben met u om u te redden”, etc. Tegen zoveel goddelijke overmacht kon deze mens niet op. Hij liet zich zenden en heeft toen in de naam van de Heere God ernstige woorden gesproken. Pas nog was hij in het Hinnomdal gesignaleerd. Hij droeg een pottenbakkerskruik mee en voorzegde de ondergang van Jeruzalem. Toen de kruik kapot sloeg, wees dit zinnebeeldig heen naar de komende verwoesting van de stad. Onder zijn gehoor bevindt zich Pashur, de man die verantwoordelijk is voor de goede orde op het tempelplein. Hij kan Jeremia niet meer aanhoren en geeft opdracht om hem op te sluiten. De volgende morgen krijgt hij zijn vrijheid terug. Hij zegt Pashur dan het oordeel aan: Pashur en zijn vrienden zullen weggevoerd worden en sterven in een vreemd land.
Daarna lezen we zonder enige overgang wat er omgaat in het hart van de profeet. Hij zegt die oordeelswoorden niet met gemak. Het stormde van binnen. Hij had moeite met de last die God op zijn schouders heeft gelegd. Jeremia is ook een man die moedeloos is geweest. Daar gaan we vandaag naar luisteren. Hij ziet de ene keer God als een verschrikkelijke Held die de vervolgers van Zijn dienaren weet te vinden; dan weer vervloekt hij zijn eigen geboortedag.

1.zijn bittere aanklacht
2.zijn ernstige voornemen
3.zijn wonderlijke ervaring


1. Zijn bittere aanklacht. Ik stel me voor dat Jeremia vertwijfeld raakte toen hij die nacht in een blok geklemd in een cel moest slapen. Dat zijn vreselijke uren voor hem geweest. Hij had al het nodige moeten incasseren. Mensen die bruut op zijn woorden reageerden. Dat liet hem niet koud. Maar daarna krijgt hij ook nog lichamelijk veel te verwerken in die cel. En dan slaat de twijfel toe. Satan ziet zijn kans schoon. Hij valt Jeremia aan: waar is nu die God op wie je bouwde? Jeremia zal ongetwijfeld gedacht hebben aan hoe de Heere hem geroepen had. En ook aan de vele reacties op zijn prediking. Mensen spotten met zijn woorden. Smaad en verontwaardiging waren zijn deel. Waar was God in die ogenblikken geweest? Waar was de hand van God toen mensenhanden hem geselden? Klagend wendt Jeremia zich tot God. Dat was niet de eerste keer. De Heere wist er al alles van.

We zijn getuige van een bittere aanklacht. Heere. Gij hebt mij overreed en ik ben overreed geworden. Gij zijt mij te sterk geweest en U hebt overmocht. Jeremia gaat niet met zichzelf in gesprek, maar wendt zich rechtstreeks tot de Heere zijn God. Wat had hij in zijn donkere cel van Gods steun gemerkt? De Heilige Geest heeft het goed gedacht om Jeremia's zielenstrijd weer te geven in de Schrift. Verwijtend klinkt de stem van Jeremia, in iets scherpere woorden staat er: U hebt mij misleid! Dat woord in de grondtekst wordt ook gebruikt voor iemand die een meisje verleid heeft....Wat is zijn nood groot. Jeremia vindt dat God hem bedrogen heeft. Als hij uitgelachen wordt om zijn prediking, is de Heere daar verantwoordelijk voor. God was er de oorzaak van dat hij bespot is geworden en dat mensen zijn boodschap niet serieus hebben genomen.

U kunt daarop reageren met een psychologische verklaring. Maar dat is Gods bedoeling vast niet. Laten we overdenken hoeveel deze man moest meemaken in zijn dienst aan de Heere God. Misschien bent u dankbaar voor de zegeningen die God u geeft. Dat u mag schuilen in de wonden van Christus. Maar het kan ook zijn dat u zich daar nog niet druk om maakt. Als uw leven door oppervlakkigheid wordt beheerst, kunt u zich nauwelijks verplaatsen in de gemoedsgesteldheid van Jeremia. Maar als de Heere Jezus alles voor u is geworden, dan bent u dankbaar dat de Bijbel opengaat in uw leven. Maar er kunnen immers ook schaduwen in uw leven komen? Donkere wolken die voor de zon schuiven. We lezen de Bijbel wel, maar ze raken ons hart niet. God houdt zich ook wel eens verborgen. In die ogenblikken staat die vertwijfelde Jeremia niet zo ver van ons af. Het is dan herkenbaar wat hij uitroept.

Jeremia heeft een bittere aanklacht laten horen. De spotters waren immers niet van de lucht. Steeds als hij het woord neemt, kwam er spot en haat over hem heen. Hij moest spreken over geweld en verstoring, en wordt vervolgens overladen met spot en schimp en smaad. Laat die aanklacht op u inwerken. Luther zei dat hij, als hij te voren geweten had hoe vijandig de mensen stonden tegenover Gods Woord, hij nooit zijn mond open zou hebben gedaan. Ik wens u toe dat God beslag op u legt, en dat u dan veel voor uw medemens mag betekenen. God is het immers meer dan waard.

2. Zijn ernstig voornemen. Jeremia neemt zich ernstig voor om niet meer aan God te denken en niet meer in Zijn naam te spreken. Hij geeft het op. Hij wil er mee ophouden. Hij vindt het een onmogelijke taak, een taak die niet op te brengen is. Jeremia was een geroepen knecht, niet de eerste de beste. God kende hem al voor hij hem vormde in de schoot van zijn moeder. Hij had hem geroepen en Zijn beloften hadden hem ondersteund. Jeremia had deze zware post zelf niet begeerd. God had hem geroepen en hij had veel bezwaren die uiteindelijk allemaal weggenomen werden door God. Toen ging hij profeteren en velen luisterden, maar waar was God? Jeremia kan niet meer verder. Hij wil God buiten zijn leven bannen en neemt een besluit om zich voortaan doof te houden voor de stem van zijn Zender. Hij gaat zich distantiëren van zijn eigen woorden.

Veel mensen hebben ook nu God dood verklaard en moeten niets van Hem hebben. Ze hebben geen boodschap aan de geopenbaarde wil van God. Het woord van God wordt verdrongen naar de rand van de samenleving. Grote delen van ons volk laten zich niets aan Gods Woord gelegen liggen. Ouders maken mee dat hun kinderen breken met hun christelijke opvoeding. Die Gods weg niet meer willen gaan. Voor God en voor Zijn dienst is geen plaats meer. Huilt uw hart dan niet als u ziet dat alles zo snel bergafwaarts gaat? Het mag ons aansporen om nog meer tot God te bidden om Zijn bewarende handen.

Jeremia wil ontslag nemen, hij zal voortaan zwijgen van zijn Koning. Hij had alleen maar spot gekregen. Hij deserteert en is eenzaam. Hij was niet de enige. Job raakte ook alles kwijt en vervloekte ook zijn geboortedag. Jakob en Abraham hadden ook donkere tijden. Welke weg ging de Heere God met u? Maar u bent toch niet alleen in uw nood? God is er toch ook nog? We kunnen zo ver komen dat we ons ernstig voornemen om nooit meer naar deze plaats te gaan en te breken met God en Zijn dienst. Ik wil u wijzen op de Heere Jezus. Ik hoop dat u Hem ook heeft leren kennen als uw Middelaar. Wat heeft het in Zijn leven niet gestormd. Hij moest betalen voor de schuld van anderen. Hij is de lijdende Knecht, de Man van smarten. Het was donker in Gethsémané. Ik wil de nood van Jeremia en die van u niet bagatelliseren. Toch heeft er niemand zwaarder geleden dan de Heiland. Hij heeft geleden naar ziel en lichaam; de angst der hel deed Hem alle troost missen en God maakte het donker voor Zijn Kind. Waarom hebt Gij mij verlaten? Uit deze strijd kwam Hij als overwinnaar te voorschijn. Jeremia kon niet overwinnen, maar niet ver van zijn cel is later de Grote Profeet, de Heere Jezus opgestaan. Ook onze zaligheid ligt alleen in Hem vast. Dien de Heere met vreze. Spreek goed van Hem.

3. Zijn wonderlijke ervaring. Nog eenmaal zien we de profeet in zijn benarde omstandigheden. Hij wil deserteren, maar hij kan de daad niet bij het woord voegen. Het is als een brandend vuur in hem. Als God met Zijn woord in ons leven komt, wie zou het dan kunnen keren? Jeremia kon Gods boodschap onmogelijk voor zichzelf houden. De opdracht waarmee hij belast was, had hem helemaal te pakken.
David zweeg van het goede, maar zijn hart werd verzwaard en leed eronder. Jeremia vecht om het tegen te gaan, maar hij kan er niet onderuit, hij moet spreken. Hier sta ik, ik kan niet anders. Jeremia ervaart een goddelijk moeten. We moeten vaak veel doorstaan als we de Heere kennen. Misschien gaat u liever zwijgend uw weg. Maar als u zich geroepen weet om goed van de Heere te spreken, ook al wilt zich dan het liefst onttrekken, dan zult u moeten spreken. De Heere heeft het immers voor het zeggen. Hij trekt Jeremia uit het moeras van moedeloosheid en laat zien dat Hij echt een ondersteunend God is. Dat is een wonderlijke ervaring die ook in uw leven kan gebeuren. Juist als u twijfelt: luistert God wel naar me? Heeft het wel zin om God te dienen? De duivel zal u daar zeker in stijven. Het is hem veel waard dat ook in Rotterdam-Zuid mensen breken met de dienst aan God. Het is heel menselijk als we er mee willen ophouden. Er is altijd wel iemand aan wie we ons stoten. Een dominee die we niet graag horen, een ouderling die niet tactisch was; een gemeentelid dat ons bedroog. Beseffen we wel dat onze eigen houding anderen kan verhinderen? Het bouwt niet op als we onze kritiek via anderen spuien. Ik gun u en jou die wonderlijke ervaring van Jeremia. Hij mocht niet meer alleen op de tegenstanders zien, maar zag Gods handen weer die hem staande hadden gehouden. Daardoor kon hij Pashur het oordeel weer aanzeggen. Hij wilde stoppen, zwijgen, maar dat ging niet want God liet hem niet los, en toen moest hij wel verder. De stem van Jeremia is blijven klinken ook in die donkere tijd van ballingschap. Zijn weg ging niet over rozen, maar de Heere was bij hem. Zo kon hij zijn weg vervolgen. Zo kunt u ook verder. Niet Jeremia brengt u in het Vaderhuis. God moest veel geduld met hem hebben. Maar het laatste woord is aan de Heiland die een grotere profeet is dan Jeremia was. Mensen hebben ook Hem veel aangedaan en toch is Hij trouw gebleven aan Zijn opdracht om zondaars te behouden. Indien gij dan Mij zoekt zo laat dezen heengaan. Eenmaal komt Hij terug om zijn bruidsgemeente tot zich te nemen. Verhard u niet onder deze boodschap. Laat u gewillig leiden door Christus. Om dan te erkennen: Heere, U bent mij te sterk geworden. Nu mag ik dankzij Uw goedheid eeuwig Uw goedheid prijzen.

Edit