Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2009-09-06 17:00:00 Ds. P. Molenaar (Dordrecht)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Heb 12:16-17 Heb 12 2009-09-06.1713.mp3 (Preek, 16kPro, 4.7Mb)
2009-09-06C.175.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 26.3Mb)
2009-09-06T.171.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 10.1Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
1 Ezaus’vleselijke gezindheid, 2 Ezaus’ onheiligheid, 3 Ezaus’ geestelijke verblindheid.

Wat kan de weg in het leven verschillend zijn, vergeleken met elkaar. Zo ook in het gezin van Izak. Het lijkt of Gods weg vast loopt. Laat getrouwd en er komen geen kinderen. Huwelijksnood. Izak vreesde de Heere. Hij legt het neer voor Gods aangezicht met Rebecca erbij. De Heere verhoorde. Een tweeling werd geboren. Het was in het lichaam van Rebecca onrustig al voor de geboorte, wat is dit toch? De kleinste zal de drager zijn van de zegen van God met het oog op de Messias. Twee volken zijn in uw buik. Ezau als eerste, een twee-eiïge tweeling, verschillender kunnen ze niet zijn, Jakob als tweede. Ezau een stoere knul, een man van de jacht. Zo ontwikkelde hij. Jakob was veel thuis en niet zo flink als zijn broer. De ontwikkeling van kindere kan heel verschillend zijn. Dat al hun talenten mogen worden gebruikt om de Heeere te verheerlijken, ook in je beroep.
Een geweldig verschil ook in geestelijk opzicht. Ze kregen dezelfde opvoeding. Man van ‘meditatie’ was Izak, zo staat het er eigenlijk. Maar het gaat anders met Ezau. Hij is slordig in het geestelijk leven, die opvoeding doet hem heel weinig. De Heere vraagt om een keuze, jongelui – nu de cathechisaties weer beginnen. Willen we groot worden in de wereld? Onze verlangens en idealen… Of laten we ons wat gelegen liggen aan het woord van God. Zoek eerst het koninkrijk Gods en Zijn gerechtigheid, en alle andere dingen zullen u toegeworpen worden.

Van Jakob staat er erg weinig. Had hij geen karakter fouten – zeker, dat bleek al tijdens de geboorte. Hielelichter ‘Jakob’. Maar hij kon van alles missen, de God van zijn vader niet – die had hij nodig.

Er wordt veel gedaan aan opvoedingscurssusen - een gouden regel is nooit het ene kind boven het andere te stellen, maar ze allen te zien vanuit het Woord. Izak had een sterke menselijke voorkeur voor Ezau en Rebecca voor Jakob. Dat was een muur van onbegrip die steeds groter werd in dat gezin en het zou tot een breuk komen. Een verschrikkelijk iets.

Wat zijn er vaak breuken tussen ouders en kinderen en in huwelijken – de boze is altijd in onze natuurlijke aard. Maar in de jonge jaren heeft Jakob toch gezien wat Izak was. Hij spreekt bij Laban over zijn God – ‘de vreze Izaks’. De God van mijn vader. Die roept hij aan, bij alle bedrog dat hem overkomt.
Waar gaat het om in het geloofsleven? We spreken over allerlei voorwaarden, aantrekkelijk maken zus en zo, maar wat is de aantrekkelijkheid van het geloof? Het vrezen van de Heere. Die gouden draad loopt door het gezin van Izak heen ondanks alle breuken. Dat nam Jakob over - ‘een oprecht man’. Dat niemand zij een hoereerder als Ezau – hij was veel op jacht en kwam met vele dingen thuis. Hethieten, hij trouwde er twee. We mogen geen juk aangaan met een ongelovige, zeker niet met de Kanaänieten. Ezau brak met zijn geslacht en opvoeding.

Kanaänieten leven zich op een vreselijke wijze uit in de zonde. De apostel waarschuwt zo tegen hoererij. Hele volken zijn ten ondergaan aan onzedelijkheid. Gebrokenheid in het zedelijk leven, de Kanaänieten waren er berucht om, de Baäl – Astarte- dienst. Ze zijn ten ondergenaan. Baäldienst – een sexdienst, meer was het niet. Loverboys. Daar deed Ezau aan mee. Wat gaf hij om de dienst des Heeren.
Het zal openbaar worden. Izak en Rebecca leden om wat Ezau deed. Drie oorzaken nemen de Kantekenaren: afgoderij, wereldse manieren, een vervloekt geslacht.

Beide hebben dezelfde opvoeding gehad. Maar ‘Ezau heb Ik gehad` - zeggen we dan. Is het zijn lot, was het Gods schuld? We mogen roeping en verkiezing niet tegen elkaar uitspelen. Jakob was niet beter, beide werden de beloften Gods voorgehouden. Maar Ezau heeft die belofte veracht.

2
Profaan, onrein. Zijn leven was zo goedkoop. Ezau komt van het veld - wat Jakob deed was niet fraai. Jakob denkt, als ik die zegen mag hebben, van de Messias. Wil je je eerstgeboorterecht aan mij geven – morgen sterf ik toch, wat interesseert mij dat eerstgeboorterecht, zegt Ezau. Jakob laat God niet regeren: zweer mij dat. Zo weinig stelt het bij Ezau voor.

Ezau is de comsumptieve mens, alles binnen halen wat je nu kunt. Halen uit de wereld wat eruit te halen valt. Waar kan ik winst mee behalen. Hij denkt niet aan wat zijn ouders hem hebben voorgehouden. Belofte van Abraham, van Noach en Henoch en de eerste mensen. Eten en drinken vrolijk zijn, want morgen sterf ik. Dat is zijn belijdenis.

Niet die om een spijze, maar om één spijze. Zo staat het er in het Grieks. Die linzenmoes was hem de dienst de Heeren waard.

3
Ezau kende de weg van schuld en belijdenis niet. De weg van verlies, om God heilig te achten in alles wat hij was. Hij ging onverschillig met Gods koninkrijk om. Natuurlijk was het niet mooi wat Jakob daar deed. Het komt zelfs kinderachtig over.

Ik wil uw God zijn, wandel voor Mijn aangezicht. Een oprecht man die woonde in tenten. Die keuze lag niet in Ezau’s leven. Om één spijze. Het kende geen plaats van berouw.

Ezua is open en stoer, dat lijkt sympatieker, maar hij was ook geniepig – Izak wilde hem zegenen en hij zei niet: ik heb hem al weggegeven. Hij liegt dus ook.
En ook dat is weer niet mooi: een vermomde Jakob. Zo wordt de oude Izak bedrogen, in zo’n geslacht kan de Heere toch nog een lijn trekken, we verwonderen ons dat er nog een kerk is, in onze sorry-cultuur, waarin we niet tot zonde en schuld komen.
De Heere openbaart zich toch. Wat belangrijk is het toch hoe wij ons opstellen in de wereld, in de stad. Onze fouten worden dubbel aangerekend. Jakob heetf me twee keer bedrogen zegt Ezau: maar de eerste keer was dat niet zo – hij kent zelf geen schuld, geen verlies.

Waarom kende Ezau God niet en kwam hij niet tot inkeer? Ten diepste is het niet omdat Jakob beter was, Maar hij kende geen verlies , maar zelfhandhaving: Jakob heb ik liefggehad, en Ezau gehaat. Hij kende geen plaats van berouw…. Het mysterie van Ezau en Jakob.

De Heere neemt de zonden van zijn kinderen geweldig serieus. Die van je eigen kinderen neem je het kwalijkst waar je karakter eigenscheppn van jezelf in herkent. Wat een gemene manier waarop Jakob zijn vader bedroog. God nam die zonde zeer serieus. Lees Hebr 12 eens in zijn geheel: die Hij lief heeft kastijdt Hij! Toen hij bij Laban kwam – wat is hij vele keren bedrogen. Met zijn vrouw en in de handel. Bij Jakob is de zonde thuis gebracht, toen zij eigen zonen Jozef verkochten, de verschrikkelijkste dingen zijn er gebeurd in dat gezin. Wie Hij lief heeft kastijdt Hij, het meest Zijn eigen Zoon, maar de Heere stelt de zonde van Zijn kinderen hen ordentelijk voor ogen.

Jakob hield zijn God over, daar was Bethel. Engelen die opgingen en naar beneden kwamen. Daar was Pniël, waar een Man met hem streed. Ik laat U niet los tenzij Gij mij zegent. Hij mocht zijn God overhouden.

Geen plaats van berouw – wat is dat geweest? Hij schreeuwde ontzettend, toen hij bedrogen was door Jakob. Het verschil – veel mensen verkeren in een slachtofferrol, grote psychische problemen. Hulpverleners zijn belangrijk. Mischien weet u de weg ook niet. Maar hoe kunnen we eruit raken? Natuurlijk: gebruik de middelen. Maar Jakob kwam tot opening, troen hij zijn schuld beleed voor God, tot op zijn sterfbed - ik wacht op Uw zaligheid, de vergeving van zonde. Hij leert te bukken. Hij komt niet in opstand, al gaat hij door diepe wegen. Iedereen doet hem veel aan, God heiligde hij.

Ezaus’ slachtoffer rol: zijn verdriet was niet tot God. Als Izak gestorven is zal ik Jakob doden. Wrok en boosheid, hij verloor het niet voor God of mensen. Als we het gaan verliezen voor God – en Hem mogen overhouden, dat was Jakob.

Die ene zonde van Ezau waardoor hij zijn God miste. Dat is wat. Waardoor gaan we verloren? Wat bezet ons leven? Het is vaak maar één ding – als ik dit bereik, dat ene, die zaak, dat toekomst verlangen. Die vrouwen, dat ik zo het leven doorkom. Maar het kwam nooit tot verbrokenheid van hart. De Heere klaagt zo over heel Edom, het geslacht. Edom, roodachtig. U ziet het gebergte nu nog als u weleens in Isael bent geweest. Aards genot. Haal- en graai-cultuur. En het verschikkelijke was: het ik bleef op de troon. Sorry dit gebeurt even en we leven zo weer verder. Zou dat de nood van de kerk zijn? Wrok blijft. Ik ben het met God niet eens.

Gods kinderen hebben soms moeilijke karakters, maar de Heere houdt afrekening de ene zonde van David maakte het zwaard niet van zijn leven week. Die ene zonde van Jakob bleef hem ook nabij tot hij het overgaf.
Het ene van Jakob of dat van Ezau – maar wat een wereld van verschil. Jakob wil alles geven als hij terug komt. Ik heb veel zegt Esau, Jakob: ik heb alles. We kunnen alles halen uit de wereld ondanks kredietcrisis, maar hebben wij een God?

Zegt u maar eerlijk wat uw leven is - het was welbehagen dat het woord Gods tot Jakob en Ezau en tot u kwam. Bij Jakob bleef geen slachtofferrol over. Bij Jakob werd de lijn getrokken - ik kan Hem niet missen. Als we die genadem, die zaligheid mogen hebben dan kunnen we sterven, dan hebben we alles verloren.
Want wie zijn leven zal willen behouden, die zal het verliezen; maar wie zijn leven zal verliezen om Mij, die zal het vinden.
Een ding heb ik van de Heere begeerd.

Edit