Preek/Lezing

Overzicht | Zoeken | Reeksen || Vorige | Volgende
Type Datum Spreker Thema opm
preek 2009-10-18 10:00:00 ds. J. den Hoed (em. te Sliedrecht)

Tekst: Schriftlezing: Geluid: Reeks:
Han 27:23-25 Han 27:13-32 2009-10-18.1013.mp3 (Preek, 16kPro, 5.5Mb)
2009-10-18C.105.mp3 (Hele dienst CD kwaliteit, 48kPro, 25.7Mb)
2009-10-18T.101.mp3 (Hele dienst, 16kPro, 10.3Mb)

Edit| EditReeks
Samenvatting:
We beginnen met een vraag – hebt u een houvast in je leven? Dat is niet alleen een vraag voor oude mensen. In je jonge leven gaat dat niet voorbij, ‘o dat komt wel’. De “zorgvuldigheden” van het leven worden zo groot, dat de hele vraag uit je leven verdwijnt en onbeantwoord blijft. We leven in een wereld vol onrust en spanning, het stormsein wordt telkens gehesen. Een duidelijk antwoord is nodig. Niet vaagjes. “Ik geloof heus wel dat er wat is”. Beleef het als een zaak van je eigen hart. Kinderen zitten daar niet op te wachten – wie wel? Straatevangelisatie vraagt het u misschien. De nacht maakt eerlijk, zegt men. Dan ben je eerlijker geneigd te zeggen wie je bent dan overdag, met al zijn belemmeringen. Er is geen plaats voor het antwoord. Maar als het donker gaat worden. Kun je je niet groter houden dan je bent.

In die toestand bevindt zich de man in ons hoofdstuk, in groot gevaar. Op weg van Caesarea naar Rome. Nacht in de diepe zin van het woord. Het scheepsjournaal van Lucas. Een persoonlijke en nauwkeurige beschrijving van wat Paulus meemaakt op weg naar Rome. Het schip is reddeloos, de bemanning radeloos, de kapitein redeloos. Alle hoop wordt ze uit handen geslagen. Al het mogelijke wordt beproefd en is nutteloos. Wie heeft er dan een woord?
Een spreekt en dat is Paulus. Hij heeft wat te zeggen. Wat Bijbels. Niet de storm is oppermachtig, maar hun leven ligt vast in de handen van de levende God. Hij verzamelt hen en spreekt ze bemoedigend toe, - ze zullen allemaal behouden aan land komen. Dan moet je wel zeggingskracht hebben. Niet: je moet maar denken zus of zo. Maar in de naam van God. Rustig in het stormgetij. God stond daar niet buiten. Om Paulus te beproeven – kijken wat er in zit. Als een proefwerk op school. Het wordt openbaar hoe het bij ons zit van binnen. Iedere christen komt vandaag met zijn geloof in de storm terecht. Niet altijd mooi weer. “Welkom in de strijd” zei misschien iemand bij je belijdenis. Je komt er wel achter. Het loopt net anders dan ’s ochtends bedacht. Soms gaat het wel voor de wind, maar soms ook een zee van ramp met golven; een lucht, van wolken zwart. Vergeet in zulke tijden niet, dat de Heere God die storm in ons leven laat komen om ons geloof te beproeven en laten groeien. De schuld kan naar je toe komen. In de omgang met God, maar ook naar elkaar. Ook als jongeren. Het was vandaag storm zeg je misschien ’s avonds.
Maandagmorgen gaat het weer mis, je kijkt naar de zondag – waar is het gebleven? Ik zing wel - het was toch een gebed; waar zijn mijn goede voornemens gebleven, alle baren gaan over mij heen. De zon van Gods gemeenschap straalt niet meer, de sterren van Zijn beloften waar zijn ze? Dacht je nu heus… zegt de duivel, dat jij er ook een van bent?
Toch laat God die storm opsteken. Wat Ik geplant heb, ruk Ik uit (Jer 45:4), opdat het vaster in de grond zou komen staan. Oefenen. Trainen, modern gezegd. Mijn wereldje maar ook het grote wereldgebeuren. Onrust op de wereldzee. Je houdt je hart vast wat de nieuwsberichten brengen zullen. Schone haven van welvaart en vrede, maar het is toch een schip midden in de storm. Economisch, maatschappelijk, politiek, er worden zoveel dieploden van berekening uitgeworpen, maar het geeft geen rust. Komt de grote catastrofe? Het einde van wereld… God alleen weet het. God is sterker dan het bruisen van grote wateren.
Laten wij dan blijken, wat is nu mijn houvast? Paulus deed dat op dat schip. Storm om je heen, een bemanning die geen raad meer weet. Moedeloos, 14 dagen lang! En Paulus had niets te vertellen op dat schip, maar hij is de enige die de toestand kennelijk meester is. Ik lees het met eerbied en een stukje jaloezie! Daar zit mijn leven in – u moest eens weten van vroeger - dat hoef ik niet te weten. God zette u stil. Niet alleen zo kan het niet veder, maar ik ben de Heere uw God.

Het kenmerk van Paulus is de rust van het geloof. In de Zuiderwind is het niet moeilijk om een redeneergeloof te hebben, met de mond alles klaar gemaakt en bergen verzet. “Als je dat gebeurd moet je maar denken” – ze denken niet. Makkelijker gezegd dan gedaan – maar dat is niet zo. Wat heb je aan goede voornemens en raadgevingen – als je in de dip zit. Daardoor kom je er niet uit.
Paulus’ geloof is geen mooi weergeloof, onaangevochten door het leven, alles schijnt op het tegendeel van behoud te wijzen. Hoge golven maken het niet makkelijk om te geloven. Hij kent dat geheim, op vaste grond. Deze nacht heeft bij mij gestaan…. Dat is de reddende boodschap die hij verkondigt. Niet ik zal u eens goede raad geven - een engel was bij mij. Was dat woord van God te geloven? De stromen van de natuur ging er dwars tegen in, het is dwaas om zoiets te zeggen op dat moment… wat voor mannen waren er onder die 276? Spotters misschien wel. Die boodschap kon toch niet waar zijn. Waarom wel?
Het geheim zit in dat tussenzinnetje, van Wie ik ben en Die ook ik dien – een geweldige belijdenis van het geloof. Hij is niet meer van zichzelf. Hij is van Eigenaar verwisseld. De Heere heeft hem op Zijn spoor gezet en bewaard; Die dat nu ook doen zal. Daar ligt het levensgeheim en nergens anders.
Dat doorkruist wat ik van nature wil wezen, eigen meester en niemands knecht. Ik kan er niet omheen. Wij zien niet dat wij aan allerlei krachten toehoren die de greep op ons niet willen missen, wij hebben het meesterschap van de Heere vrijwillig weggeworpen en ons verkocht onder de zonde, Rom 7. Kijk naar Han 9, zou Paulus zeggen, ik had maar één ideaal - christenen vervolgen. Maar Christus had hem gearresteerd. Hij zag een leerde geloven dat een Ander zijn leven moest beheersen.

Een andere koers. Lusten en lasten verwisselden. We horen niet meer toe aan de wereld. De machten van de tijd beheersen ons hoofd, handen, hart en portemonnee niet meer.
Eertijds dwaalde ik, maar nu ziet U mijn oog. Ik dien Hem ook. Mijn enige troost. Paulus is een volgeling geworden. Velen lopen door hun eigen schuld hun ondergang tegemoet. Maar het bloed van Christus geeft Paulus en ons de kracht om banden te breken. Om diep in de nood toch te mogen horen dat je op deze wijze het eigendom van de Heere kunt worden.
Niets kan hem scheiden van de liefde van Christus. Paulus’ levensschip ligt vast, niet in het geloof maar erdoor heen, in de Heere.

Hij is van Hem maar dient Hem ook. Dat hangt nauw samen. Dienaar van Hem te zijn was zijn eigen doel. De mensen op het schip hadden legio afgoden, maar niet een was in staat hen te helpen. Ogen maar ze zien niks. Niemand kan God dienen zonder Hem toe te behoren.

We zullen niet allemaal zo’n nacht meemaken. Heel anders misschien als wanneer mensen de oorlogsjaren hebben meegemaakt tot in concentratiekampen toe, soms de wanhoop nabij. Kennen we dan dat levensgeheim? We willen Hem misschien wel dienen, zolang de omstandigheden gunstig zijn. Maar als het tegen loopt?
Zie toe zegt de Prediker. Tallozen gaan los van God door beproevingen of verzoekingen van satans kant. Los van God. Geen houvast. Worsteling misschien nog wel met de zin van het leven. ‘O god’, kunnen we nog uitbrengen. Of: Als er een God is, dan…… Allemaal vragen, en met al die vragen is er geen plaats voor een antwoord meer.

Ik moest vroeger op de mulo de Heidelberger catechismus uit het hoofd leren, nu ben ik er dankbaar voor. Je enige troost voor leven en sterven, dat het met je meegaat, en mag blijken tegen andere. Dat troostvolle woord is tot kracht geweest voor Gods gemeente in de verdrukking. Hoeveel martelaren hebben daar niet van getuigd, van die enige troost. Alleen doordat Christus de branding is ingegaan van Gods toorn. U gaat veel musjes te boven. Lees je bijbel, bid elke dag. Geen stormwind kan dan de kerk de troost ontnemen.

Ik geloof God, zegt Paulus. We hebben wel eens over bevinding – wat is dat nou? Geen gevoelige toestanden en ik heb eens wat beleefd.. Bevinding is hier in deze tekst. Datgene wat God beloofd heeft. Hier door een engel. Voor ons door Zijn woord. Dat is het! De storm kan zoveel opsteken. Laten we ons verlaten op zijn levende woord en niet wachten op een bijzondere openbaring. Week aan week spreekt Hij. Vandaag heeft u het weer tot uw beschikking. Aan uw en mijn adres spreekt Hij dat. Daar staat het, Heere. Niet zoals die mannen op het schip, dan blijft ons niets over. Alleen het betrouwbare woord van God voor tijd en eeuwigheid.

Niet meer naar je eigen wrakhout of ankers uitgooien die geen houvast kunnen bieden. Wat ik in mijzelf doe geeft geen rust. Maar de zaligheid buiten mij zelf in Jezus zoeken. Dat is gebeden bij mijn doop. Het gaat met je mee tot de rechtstoel. Daar zonder schrik te kunnen verschijnen. Op Zijn woord leren bouwen, door de Heilige Geest. Hij werkt het door het woord uit. Niet als een stok en blok luisteren. Maar je hecht je eraan, zodat het niet meer wijken kan. De medeopvarende moeten het aan me merken, maar vaak denkt men dat je aan het geloof niets hebt in de harde realiteit van het leven. Laat u wel eens wat blijken aan uw buurman? Is het iets bijzonders wat u heeft? Door mijn wandel die ander te winnen voor de dienst van de Heere… God werkt op Zijn tijd.

Ook in moeilijke tijden toch je houvast te hebben aan de handen van de Heere. Als kind ben ik in Rotterdam geopereerd. Ik zal raad geven, Mijn oog zal op u zijn,stond er boven de deur. Het heeft me niet losgelaten. Een tekstje? Het woord van God. Het is zoals Hij het beloofd heeft.
Allen zijn aan land gekomen in Malta. Het geloof van die ene schepeling strekte de anderen tot lijfsbehoud, niet de maatregelen die ze namen.
God spaart de wereld nog omwille van de gemeente. De kerk heeft weinig invloed? Geen hutje in de komkommerhof – op deze zal Ik zien. De kerk – de kurk waarop de wereld drijft. Als Paulus daar niet geweest was. Als de kerk er niet meer is… Van een biddende moeder gaat zegening uit voor het hele gezin. Het dienstmeisje van Naäman zorgde er uiteindelijk voor dat Naman wel werd genezen.
Het geloof is het houvast – je enige troost.

Wie Hem niet toebehoort, geen houvast heeft. Die heeft ook geen toekomst. Je levensschip verpletterd tegen de rosten van Gods toorn op de Dag van Zijn oordeel.
Ben ik Zijn eigendom of niet? Hier vindt u het antwoord. Niet in de kenmerken van uw leven, zekerheid alleen door het woord van God. Ik geloof dat het zo zijn zal als Hij gezegd heeft. Luister dan naar dit woord. Lees je Bijbel, bid elke dag, ga bij je kleinkind in de leer.
Voor eeuwig zal dan in veel hogere zin zijn: het is geschied zoals de Heere gezegd heeft, de ruwe storm uitgewoed; de nacht voorbij en ik roem in God en in Zijn onfeilbaar woord: wanneer ge zult gaan door het water, Ik zal bij u zijn. Ik ben de Heere uw God, de Heilige Israëls, Uw Heiland.

Edit