UK, OK

Een werkstuk over Groot-BrittanniŽ

Door Jiska van den Berg

Groep 7B.





Inhoudsopgave

Inleiding
Kaartgegevens
Landschap
Klimaat
Middelen van bestaan
Toerisme
Staatsvorm
Godsdienst
Levenswijze
Relatie met Nederland
Bronvermelding


Inleiding

Dit onderwerp heb ik gekozen, omdat ik afgelopen herfstvakantie naar Engeland op vakantie ben geweest. Ik vond de naam van Groot-BrittanniŽ heel ingewikkeld: Zijn we nou naar Engeland, Groot-BrittanniŽ of het Verenigd Koninkrijk geweest? Vandaar dit werkstuk.


Kaartgegevens

Groot-BrittanniŽ is een eiland. De afstand is over zee naar Frankrijk bij Dover maar 34 kilometer (in een ander boek dat ik heb gebruikt is het 48 kilometer. Het ene komt uit 1984 en de andere uit 1998). De naam van de "straat" is niet vast: de Britten noemen het "de Straat van Dover" en de Fransen "het Nauw van Calais". Groot-BrittanniŽ is ook verbonden met het vasteland, door middel van de ''Kanaaltunnel''.
Engeland is niet hetzelfde als Groot-BrittanniŽ. Groot-BrittanniŽ bestaat uit drie "landen"(de landen zijn niet zelfstandig): Engeland, Schotland en Wales. Samen met Noord-Ierland vormt Groot-BrittanniŽ het Verenigd Koninkrijk.
Noord-Ierland hoort niet bij de onafhankelijke Ierse Republiek. Al jarenlang zorgt dit voor grote problemen. Er zijn geregeld bomaanslagen en schietpartijen.

In de achttiende eeuw bouwde Groot-BrittanniŽ aan een enorm rijk door grote delen van Noord-Amerika, Afrika en AziŽ te koloniseren. Die koloniŽn brachten Engeland in de negentiende eeuw een grote welvaart. Vooral de handelsroute binnen de driehoek Groot- BrittanniŽ, Afrika en West-IndiŽ was zeer winstgevend. Schepen vertrokken met stoffen, geweren, rum en metaalwaren naar de Afrikaande westkust. De schepen werden daar gelost en vervolgens geladen met slaven die hen naar West-IndiŽ en Amerika vervoerden. De omstandigheden op die schepen waren vaak zo slecht, dat soms meer dan de helft van alle slaven onderweg omkwam. Maar desondanks was het een heel voordelige handel. Vanuit West-IndiŽ voeren de schepen volgeladen met suiker, katoen en tabak terug naar Liverpool en Bristol. Daar werden de goederen verkocht en verwerkt tot stoffen en rum die vervolgens werden uitgevoerd naar Afrika waar dan opnieuw slaven werden ingescheept, waarmee de driehoek 'rond' was. Met geld dat verdiend werd door de handel in slaven en goederen uit de koloniŽn werden fabrieken gebouwd en machines gemaakt die in Engeland leidden tot de industriŽle revolutie. Nu bezit Groot-BrittanniŽ alleen nog:

En nog wat kleine eilandjes in de oceanen, die worden gebruikt voor havens van de Britse vloot.
De vroegere Britse koloniŽn werken nog steeds samen. Dat heet de "Gemene Best".

In 1984 tekenden de Britten een verdrag waarin stond, dat ze in 1997 Hong Kong terug aan China zouden geven. Dat is dan ook gebeurd.


Landschap

Groot-BrittanniŽ bestaat maar voor 7% uit steden, 18% is bos en 75% van het land bestaat uit landbouwgrond en bergen.
Het valt altijd op dat het landschap zo afwisselend is. Het eiland wordt vaak vergeleken met een lappendeken. Want Groot-BrittanniŽ bestaat uit allerlei verschillende stukjes landschap. In het noorden vind je de Schotse Hooglanden. De hoogste top daarvan is de Ben Nevis (1343 meter). Daar ligt bijna het hele jaar sneeuw.
Oost-Engeland bestaat uit laagvlakten, maar Midden-Engeland is weer heuvelachtig. En in het zuidwesten liggen woeste heidevelden. Hierover zijn veel spookverhalen geschreven.

Als je over zee Dover nadert, vallen de hoge krijtrotsen meteen op. Als de zon erop schijnt, lijken ze echt wit. Toen de Romeinen voor het eerst de witte krijtrotsen zagen, maakten ze van schrik rechtsomkeert. Ze noemden het eiland Albion ( het witte eiland ). Op sommige plaatsen zijn de rotsen zo zacht, dat de golven er steeds stukken vanaf slaan. Zo is het stadje Dunwich in 600 jaar tijd helemaal verdwenen in zee.

Groot-BrittanniŽ wordt vooral omgeven door de zee. Waar je ook bent in Groot-BrittanniŽ, de zee is altijd dichtbij en vormt een belangrijke vorm van inkomsten door de vele havens, de visserij en het toerisme.
Het niveau van de zeeŽn stijgt door het smeltwater op de Noord- en Zuidpool. Het niveau is sinds 1900 met een meter gestegen en het stijgt nog steeds.


Klimaat

De zomers in Groot-BrittanniŽ zijn koel, de winters mild en regen valt er het hele jaar door. Het klimaat is wisselvallig, het weer verandert met de dag, wat het voorspellen moeilijk maakt. Het klimaat is ook gematigd, wat betekent dat het land over het algemeen geen lange periodes kent, met heel hoge of met heel lage temperaturen of langdurige regenval.
In het westen regent en sneeuwt het meer dan in het zuiden en oosten. Dat komt door de zuidwesten winden die water aanvoeren uit de Atlantische Oceaan dat als regen naar beneden komt als de luchtstromen boven het land op bergen stuiten. Het westen heeft teveel water terwijl het zuiden en oosten een tekort aan water hebben. Om dit probleem op te lossen zijn er in gebieden als het Lake District (=merengebied) waterreservoirs aangelegd die via pijpleidingen water leveren aan steden in het zuidoosten van het land.
Groot-BrittanniŽ krijgt een steeds warmer klimaat . Sinds 1850 zijn de gemiddelde temperaturen met 0,5 oC gestegen. Als dit smelten zich voortzet zullen grote delen in het zuiden en oosten in de toekomst onder water komen te staan.

Steeds meer mensen bezoeken op mooie zomerse dagen de stranden aan de Engelse zuidkust, zoals Kynance Cove in Cornwall. Enkele van de mooiste kustgebieden zijn gekocht door de National Trust, een organisatie die zich inzet voor het behoud van de natuurgebieden die door een teveel aan toeristen worden bedreigd.

Zomer- en winter temperaturen

In juli zijn de temperaturen in het zuiden van Groot-BrittanniŽ hoger dan in het noorden. De zonnige zuidkust is dan ook bij velen geliefd vakantiegebied. 's Winters is het in het westen warmer dan in het oosten. Dat komt door de Golfstroom, een warme zeestroming die vanuit de golf van Mexico over de Atlantische Oceaan richting West-Europa gaat. De Golfstroom houdt havens ijsvrij en zorgt ervoor dat sneeuw nooit lang blijft liggen.

Eens in de zoveel jaar wordt Groot-BrittanniŽ door droogte getroffen. Zo zakte in 1976, 1984 en 1995 het waterpeil in de reservoirs en in de rivieren zo sterk dat er voor huizen, kantoren, boerderijen en fabrieken een ernstig tekort aan water dreigde.
Mist treedt meestal in de herfst en in de winter op; bij mist moeten vliegtuigen aan de grond blijven of naar andere vliegvelden gaan. Door mist gebeuren vaak ook ernstige ongelukken op snelwegen. Ook vorst kan de boel 's winters flink in de war sturen. Door gladheid kunnen wegen onbegaanbaar worden en door vorst kunnen in het voorjaar de knoppen van de fruitbomen bevriezen.
IJs en sneeuw kunnen 's winters het noorden van Groot-BrittanniŽ flink in de problemen leggen. Door sneeuwval kunnen trein- en wegverkeer lamgelegd waardoor reizigers onderweg stranden of kan de stroomvoorziening uitvallen waardoor mensen letterlijk in de kou komen te zitten. Grote delen van Groot-BrittanniŽ worden regelmatig geplaagd door stormen. Omgevallen bomen kunnen wegen blokkeren en schade toebrengen aan elektriciteitsleidingen. Bij zware stormen op zee ontstaan soms huizenhoge golven waardoor grote gebieden langs de kust wateroverlast krijgen.


Middelen van bestaan

Landbouw en visserij

Minder dan 3% van het aantal Britten dat werkt, werkt in de landbouw. Dat is het laagste aantal ter wereld. Toch zorgt de landbouw voor bijna twee derde deel van al het eten voor de eilandbewoners. Dat kan dankzij de moderne machines die gebruikt worden. Er wordt bijna niets meer met de hand gedaan.
Overal in het land zijn er zogenaamde 'farm parks' en 'farm museums'. Daar kun je zien hoe de boeren vroeger werkten.
In verschillende delen van het land zijn ook routes uitgezet. Die voeren je langs allerlei boerderijen. Daar kun je gaan kijken hoe de moderne boeren werken en hoe hun dieren leven. De meeste akkerbouwproducten, zoals granen en groenten, worden verbouwd op de laagvlakten in Oost- en Zuid-Engeland en Oost-Schotland. Zuivelproducten komen vooral uit het westen van Groot-BrittanniŽ. Daar regent het meer en daarom is het gras malser. Runderen en schapen houdt men in alle heuvelachtige gebieden. Britse runderen, schapen en varkens vind je over de hele wereld.
De visserij is belangrijk in Groot-BrittanniŽ. Het land heeft de grootste visserijvloot van de wereld. Langs de hele kust vind je grote en kleine vissershaventjes. Er worden allerlei soorten vis gevangen, zoals kabeljauw, haring, schelvis en zelfs haaien. De Britten zelf eten veel vis.

Delfstoffen en industrie

Van alle landen in West-Europa heeft Groot-BrittanniŽ de grootste voorraad aan energiebronnen. In de negentiende eeuw had het als eerste land ter wereld een belangrijke industrie. Dit kon dankzij de enorme voorraden steenkool. Steenkool was brandstof voor de stoommachines. Nu is er nog voldoende steenkool voor tenminste 300 jaar.

De meeste steenkool wordt onder de grond gewonnen. Je herkent een oude steenkolenmijn aan een toren met een groot wiel. Daarmee werden de liften in werking gezet, die soms tot diep onder de grond gaan. De laatste jaren zijn veel oude mijnen gesloten. Maar er zijn ook nieuwe mijnen geopend. Het werk gebeurt daar met moderne machines. Het is dan ook niet meer zo gevaarlijk als vroeger. Maar er zijn minder mijnwerkers nodig, en de werkloosheid is groot.

In het jaar 1969 ontdekten de Britten grote gebieden gas en olie onder het Britse gedeelte van de Noordzee. Sindsdien heeft Groot-BrittanniŽ genoeg olie voor eigen gebruik. Er kan zelfs nog olie uitgevoerd worden.

Het gaat slecht met de oude industrieŽn zoals scheepsbouw, ijzer en staal, zware machines en textiel. Groot-BrittanniŽ kan niet meer opboksen tegen de landen waar alles goedkoper gemaakt kan worden. In de stad Sheffield kun je dat heel goed zien. Nog n iet zo lang geleden was het een bloeiende industriestad. Dankzij de staalindustrie werd het de vierde stad van Engeland. Staal uit Sheffield werd uitgevoerd naar alle delen van de wereld. Veel mensen gebruiken thuis bestek uit Sheffield. Nu zie je in de stad grote, kale vlakten waar de fabrieken stonden. Alleen in een museum kun je nog zien hoe staal gemaakt wordt. Het aantal werklozen is enorm. En zoals Sheffield zijn er veel steden. Gelukkig zijn er ook veel industrieŽn waar het goed mee gaat, zoals de chemische industrie. Ook wolproducten en worden volop uitgevoerd. En er zijn nog genoeg mensen in de hele wereld, die gečnteresseerd zijn in de peperdure Rolls Royces, Jaguars en Rovers.








Handel met de wereld

In de negentiende eeuw werden veel fabrieken opgericht in Groot-BrittanniŽ. De producten die ze maakten werden niet alleen in eigen land verkocht. Er ontstond al gauw een bloeiende handel met andere landen. In Groot-BrittanniŽ werd van alles gemaakt: van vingerhoedjes tot schepen, van stoffen tot meubels. Later kwamen er ook fabrieken in andere landen. Tot het jaar 1980 heeft Groot-BrittanniŽ meer kant en klare producten uitgevoerd dan ingevoerd. Nu is er iets veranderd. Er worden meer producten ingevoerd dan uitgevoerd. De meeste dingen kunnen in andere landen immers goedkoper gemaakt worden.
In sommige industrieŽn gaat het nog heel goed. Op het gebied van computers speelt Groot- BrittanniŽ samen met de Verenigde Staten een grote rol. Net als in de elektronica, de chemische industrie en de vliegtuigindustrie.
Groot-BrittanniŽ verdient ook veel geld aan de onzichtbare handel. Dat zijn bijvoorbeeld banken, verzekeringen, en het geven van technisch en wetenschappelijk advies. Dit heet onzichtbare handel, omdat je de producten die verhandeld worden niet kunt zien.
De City in Londen is een belangrijk financieel centrum. Nergens anders vind je zoveel banken en verzekeringsmaatschappijen bij elkaar. Hier ligt ook de Beurs van Londen. Hier kon je in de jaren 80 nog de echte Engelse gentleman met bolhoed, paraplu en de Financial Times onder de arm tegenkomen.

De Britse film- en televisie-industrie is over de hele wereld bekend. Veel beroemde films worden in de Britse studio's gemaakt. Superman is een van de vele films die gemaakt is in de Pinewood Studio's bij Londen.

Verkeer en vervoer

Voor de industrie in Groot-BrittanniŽ was het heel belangrijk dat mensen goederen konden vervoeren van de ene plaats naar de andere. In de achttiende eeuw werden alle belangrijke steden met smalle kanalen met elkaar verbonden. De meeste daarvan zijn inmiddels weer dichtgeslibd of volgestort. In de negentiende eeuw kreeg Groot-BrittanniŽ als eerste land ter wereld een spoorwegennet. Voor de stoomtreinen uit die tijd bestaat nu weer veel belangstelling, en op meerdere plaatsen kun je alweer tochtjes maken met de oude treinen.
Tegenwoordig gaat het meeste vervoer per auto. Snelle autowegen verbinden de grote steden en industriegebieden met elkaar.
Als je Groot-BrittanniŽ na de overtocht binnenrijdt, zie je overal langs de weg grote borden staan. Die wijzen erop dat je op de linker weghelft moet rijden.

Werk

De laatste tien jaar zijn veel mensen in de dienstverlening gaan werken. Dat zijn beroepen in het onderwijs, in ziekenhuizen, in banken en winkels, bij de gemeente en in het toerisme. (De cijfers zijn uit 1983.)


Toerisme

Ieder jaar bezoeken miljoenen mensen (ongeveer 15 miljoen) Groot-BrittanniŽ. Groot-BrittanniŽ wordt zo druk bezocht, omdat het onder andere op vele plaatsen een mooi natuurgebied is. Zo hebben Noord-Ierland, Schotland, Wales en Engeland ieder een ander uitzicht:
In Noord-Ierland worden toeristen getrokken door legendes waarin het ontstaan van meren en bergen wordt verklaard,
de gebergten in Schotland, (de aller oudste ter wereld)
de nationale natuurparken in Wales,
en zo heeft Engeland zijn kustlijn en historische dorpjes.

Londen

Londen is een belangrijke stad voor het toerisme. Er is van alles te bekijken; musea, historische huizen, zoals het Kensington Palace, waar koningin Victoria woonde en prinses Diana woonde. Of het Dickens House, waar de schrijver Oliver Twist schreef, de beroemde kathedralen, zoals de St. Paul Cathedral (zie kaartje) en de 1000-jaar oude Westminster Abbey et cetera, et cetera, et cetera.
In verband met de MKZ-crisis en '11 september' is het toerisme voor 2 miljard pond benadeeld. Daarom presenteerde het Britse bureau voor toerisme bij de Tower of London een campagne, genaamd 'UK OK', om Groot-BrittanniŽ weer populair te maken bij buitenlandse toeristen.
Voor veel toeristen is het een reis naar het land van hun voorvaders. Want de laatste eeuwen zijn veel Britten op veel plaatsen in de wereld gaan wonen.


Staatsvorm

Groot-BrittanniŽ wordt bestuurd door de regering, in naam van de koningin. De koningin heeft geen echte macht. Zij volgt altijd het advies van haar ministers. De koningin heeft sinds 1705 nooit geweigerd een wet te ondertekenen. Koningin Elizabeth ll is de koningin. Ze werd in 1926 geboren, en in 1952 gekroond. Dit jaar viert zij haar gouden jubileum. Het parlement, dat in Londen is, bestaat uit twee kamers: het Hogerhuis en het Lagerhuis. Het Hogerhuis is eigenlijk alleen voor de rijke mensen. De macht ligt eigenlijk bij het Lagerhuis. De leden van het Lagerhuis worden gekozen door het volk. De regeringsleider is de leider van de grootste politieke partij. Hij of zij benoemt ook de ministers. Nu is de Eerste Minister Tony Blair. Hij is de leider van de Labour Party. (socialistisch Partij, oftewel de Partij van de Arbeid)


Godsdienst

Ongeveer 2 miljoen mensen zijn lid van de Kerk van Engeland, en ongeveer 900000 mensen zijn lid van de Kerk van Schotland. Dit zijn twee protestantse godsdiensten, met aan het hoofd de koningin. De rooms-katholieke kerk heeft bijna twee miljoen leden. Daarnaast zijn er nog ongeveer 900 000 moslims, 111 000 joden, 140 000 hindoes en 175 000 Sikhs.


Levenswijze

Voedsel

Iemand zei ooit: ,,Wie in Groot-BrittanniŽ goed wil eten, moet driemaal per dag ontbijten.'' Een echt Brits ontbijt bestaat uit pap of cornflakes, spek met eieren, witte bonen in tomatensaus, warme worstjes en gebakken vis. En niet te vergeten: thee. Maar steeds meer Britten nemen een 'continental breakfast' . Dit is een licht ontbijt met toast en jam en een gekookt eitje en een kopje thee.
De schoolkinderen eten tussen de middag meestal een warme maaltijd op school. De leraren eten ook mee. De gerechten bestaan meestal uit frites met vis, puree met erwten en worstjes, aardappelen met spinazie en lever, en niet te vergeten rijst met kerrie. Er is altijd een nagerecht, zoals pudding of appeltaart met ijs.
's Avonds eten de Britten ongeveer hetzelfde als wij, maar er zijn ook typisch Britse gerechten. Zo is een pie een soort koek met vlees erin. En Haggis is een Schotse lekkernij. Het zijn de longen, het hart en de lever van een schaap, gekookt in de maag van het dier. Krijgt u al trek???
De Britten stonden altijd bekend om hun afternoon tea. Om vier uur 's middags werd bijna overal thee gedronken. Op school, thuis of op het werk. Daarbij hoorden ook koekjes, scones (bŠŠŠŠh) gebakjes of sandwiches. Nu is er alleen in het weekend een afternoon tea. In alle Britse steden vind je tegenwoordig snackbars. De meeste zijn eigendom van buitenlanders. Je kunt er hartige hapjes kopen uit het land van de eigenaar. Daarnaast vind je in iedere plaats wel ťťn of meer fish and chips shops. Die lijken veel op onze snackbars. Maar je kunt er geen kroketten of frikadellen kopen. Wel hamburgers, vis en patat en blikjes frisdrank. De Britten eten bij hun patat meestal gebakken vis. En over hun patat doen ze geen mayonaise, maar azijn!!!

Vrije tijd en sport

De Britten tuinieren graag in hun volkstuintje. Dat wordt tegenwoordig steeds populairder. Veel mannen gaan in hun vrije tijd graag naar het cafť, de pub. En op zondag trekken veel Britten de natuur in. Vooral langs de kust en in de nationale parken is het dan heel druk. Op school wordt er veel aandacht besteed aan de Britse geschiedenis en cultuur, waardoor veel Britten in het weekend overblijfselen bezoeken van het verleden. Ze bezichtigen dan ťťn van de vele burchten, zoals kastelen en landhuizen.
Ook sport is belangrijk in het leven van veel Britten. Op het rooster van de scholen staan naast gymnastiek vaak nog enkele uren voor sport en spel (games). Een aantal sporten die nu over de hele wereld gespeeld worden, zijn in Groot-BrittanniŽ uitgevonden. Bijvoorbeeld voetbal, rugby ( Rugby is genoemd naar de kostschool in Engeland waar het spel is uitgevonden.) en cricket.

Britse voetbalwedstrijden zijn meestal spectaculair. Dit komt door de enorme inzet van de spelers en het meeleven van supporters. De wedstrijden worden dan ook druk bezocht. Zelfs vanuit ons land gaan de mensen naar Groot-BrittanniŽ om de voetbalwedstrijden te zien. Ook rugby trekt volle stadions. Er zijn vooral veel toeschouwers bij wedstrijden tussen Engeland, Schotland ,Ierland en Wales. Er zijn nog veel meer bekende sportevenementen in Groot- BrittanniŽ. Zo zijn er de tenniskampioenschappen van Wimbledon. En ieder jaar volgt bijna de hele wereld de traditionele roeiwedstrijd op de Theems tussen de universiteiten van Oxford en Cambridge.
Echte Britse sporten, zoals darts en snooker ( een vorm van biljarten ) worden nu ook steeds populairder in ons land. Kinderen spelen deze sporten nauwelijks, omdat ze in een pub worden gespeeld. Voor een pub moet je achttien zijn.
De Britten wedden graag. Dagelijks worden er weddenschappen afgesloten op de uitslagen van alle mogelijke sporten wedstrijden.

Winkelen

Een paar jaar geleden gingen buitenlanders speciaal naar Groot-BrittanniŽ om te winkelen. Niet voor de dagelijkse boodschappen, maar ze kochten kleding, grammofoonplaten, boeken en porselein. Hiervoor was het zeker de moeite waard om de overtocht te wagen. Vanuit BelgiŽ en Frankrijk werden er zelfs ťťndaagse 'shopping' trips georganiseerd naar Dover en Londen. Tegenwoordig is het alleen de moeite waard als je veel Engelse boeken gaat kopen.
De Britse warenhuizen zijn wereldberoemd. Je vindt ze in alle grote steden. Ze zijn onwaarschijnlijk groot en je kunt er bijna alles kopen. Op de dierenafdeling van Harod's (dit is de grootste winkel in Londen ) kun je zelfs olifanten bestellen! De deftigste winkel is Fortnum and Mason. Het personeel is gekleed in deftige pakken en op de vloer liggen dikke rode tapijten. Met handschoenen en met zilveren tangetjes pakken ze je stukje kaas in. In Londen staat ook de grootste speelgoedwinkel ter wereld.
In Groot-BrittanniŽ zijn bijna alle winkels op zondag gesloten.
In veel Britse steden wordt de oude binnenstad gerestaureerd. De oude huizen en winkeltjes worden dan helemaal opgeknapt. Soms zijn er nog huizen uit de Middeleeuwen.
In de oude straatjes vind je veel 'specialty shops'. Dit zijn winkels waar je bijzondere dingen kunt kopen. Zoals een mosterd winkel, of een winkel alleen met spulletjes voor mensen die linkshandig zijn.
Markten zijn erg populair bij de Britten, omdat alles goedkoper is dan in de winkels. De toeristen bezoeken de markten vanwege de levendige drukte. In Londen zijn bepaalde markten grote toeristische attracties. Maar je moet er wel uitkijken. Van de beroemde zondagsmarkt Petticoat lane zegt men bijvoorbeeld: ,,Als je niet uitkijkt, kun je je eigen portemonnee aan het eind van de markt weer terugkopen in een kraampje!''

Waar gaan de Britten in hun vakantie naar toe???

Kranten en televisie.

Engels is een wereldtaal. Daarom zijn veel Britse tijdschriften en kranten over de hele wereld te koop.
De Britten lezen per dag meer kranten dan welk ander volk dan ook. De Britten kunnen kiezen uit tien landelijke dagbladen. Deze verschillen veel van elkaar. Zo is The Times een serieuze krant, maar in The Daily Mirror staan vooral sensatieverhalen en roddels. Er is ook een echte krant voor de jeugd. The Early Times is voor lezers van 8 tot 15 jaar en verschijnt ťťn keer per week. Je kunt hem ook in ons land kopen. Nog niet zo lang geleden werden alle kranten in ťťn straat in Londen gedrukt: Fleet street. De Fleet was een riviertje dat daar vroeger stroomde. Tegenwoordig is het alleen nog maar een riool. Als schrijvers slechte verhalen schrijven, noemen de Britten dat Fleet Street-journalistiek. Bij ons heet dat 'riooljournalistiek'.
De Britten kunnen wekelijks kiezen uit bijna 5000 verschillende tijdschriften. Veel van die tijdschriften kun je ook in ons land kopen.
Omdat Engels een belangrijke wereldtaal is, worden er veel boeken in die taal geschreven. Ieder jaar komen er - alleen al in Groot-BrittanniŽ - meer dan 50 000 titels bij. Het lidmaatschap van een bibliotheek in Groot-BrittanniŽ is voor iedereen gratis. Televisie kijken is de meest populaire vrijetijdsbesteding bij de Britten. De programma's worden verzorgd door de BBC (British Broadscasting Corporation). Op verschillende plaatsen in ons land kunnen wij de BBC ook ontvangen. De Britse kinderen hebben ook een eigen televisie-zender: Chloren's Channel.

Wat doen de Britten in hun vrije tijd???

Minstens 3 keer per week:
Minstens 1 keer per week: Minstens 1 keer per maand

Ontwikkelingspeil

Waaraan geeft een Brits gezin hun geld uit???

Welvaart

De eerste twintig jaar na de Tweede Wereldoorlog groeide de welvaart in Groot-BrittanniŽ flink. Bijna iedereen had werk en verdiende goed. Er werden veel goede huizen gebouwd. De regering zorgde ervoor dat de Britten bijna niets hoefden te betalen voor de gezondheidszorg. Wie geen werk had kreeg een uitkering. Ook de arme mensen werden op allerlei manieren geholpen. Het leek dus heel goed te gaan met het land. Maar langzamerhand werd duidelijk dat het eigenlijk helemaal niet zo goed ging.
Rond het jaar 1970 werd het Britse geld steeds minder waard. De Britten konden voor hun geld steeds minder kopen (de munteenheid: het pond sterling). De verouderde industrieŽn konden niet meer opboksen tegen het buitenland. De werkloosheid steeg heel snel. Er kwamen steeds meer stakingen, die soms wel een heel jaar duurden.
Ook Margareth Thatcher ( de IJzeren Dame) heeft na tien jaar regeren niet kunnen voorkomen dat er veel werklozen waren: al bijna 3 ę miljoen!!! Zoveel mensen waren er in Groot- BrittanniŽ nog nooit zonder werk.

De laatste tijd zijn er wel veel dingen veranderd in Groot-BrittanniŽ. Zo hebben steeds meer vrouwen een baan. Bijna 40% van alle mensen die werken zijn vrouwen!

Veel mensen uit vroegere koloniŽn zijn in Groot-BrittanniŽ komen wonen. Als je door Londen loopt zie je dan ook mensen uit verschillende landen, bijvoorbeeld uit Iran, Afrika, India, Pakistan en Arabische landen. Je kunt het ook zien aan de talrijke restaurantjes en winkeltjes uit die landen.
In het jaar 1973 werd Groot-BrittanniŽ lid van de Europese Gemeenschap ( EG ), tegelijk met Ierland en Denemarken. Frankrijk wilde eerst niet dat Groot-BrittanniŽ lid werd van de EG. Deze twee landen zijn nooit goede vrienden geweest. Door de gezamenlijke bouw van de Kanaaltunnel is dat veranderd.

Groot-BrittanniŽ is allang geen wereldmacht meer. Maar door het verleden, de cultuur en zeker ook de taal vinden veel mensen Groot-BrittanniŽ nog heel belangrijk.


Relatie met Nederland

Nederland is op allerlei verschillende manieren verbonden met Groot-BrittanniŽ:
In de geschiedenis zien we veel zeeslagen en oorlogen die tussen beide landen zijn uitgevochten.
In 1945 hebben Groot-BrittanniŽ, Frankrijk, Rusland en Amerika Nederland bevrijd van de Duitsers.
Opmerkelijk is, dat in 1688 op de Britse troon, een Nederlandse koning heeft gezeten: Koning Willem III. getrouwd, met de Britse koningin Mary. Deze Willem III versloeg in 1690 zijn katholieke voorganger in Ierland. Nu nog wordt dit feit herdacht door protestanten die op 12 juni door Belfast willen marcheren in hun Oranjemarsen. De Oranjemannen nemen dan vlaggen mee, waar de afbeelding van Willem op staat.

Op economisch gebied:

Ongeveer 1/8 deel van de invoerproducten van Groot-BrittanniŽ komt uit de Benelux. Van het totaal aantal exportproducten gaat ongeveer 1\7 deel, naar de Benelux toe.
Uitvoer top-5
  1. Motorvoertuigen
  2. Aardolie en aardolieproducten
  3. Elektronische artikelen.
  4. Machines
  5. ChemicaliŽn
Nederland en Groot-BrittanniŽ zijn beide lid van de Europese Unie. Groot-BrittanniŽ heeft de euro nog niet ingevoerd, maar volgens Tony Blair, de minister-president, komt er gauw een referendum (stemming waar de mensen direct over iets mogen kiezen) aan.
Groot-BrittanniŽ en Nederland zijn ook beide lid van de VN Verenigde Naties. Beide landen hebben bijvoorbeeld troepen naar BosniŽ gestuurd.
Beide landen zijn ook lid van de NATO, North Atlantic Treaty Organisation. (Noord- Atlantische Verdragsorganisatie. NAVO)
Bovendien werken beide landen samen in de ESA. 'European Space Agency'. Dit bureau organiseert het Europese ruimteprogramma.
Het bedrijf Shell is half Nederlands half Engels.
Ook gaan er vanuit Nederland veel toeristen naar Groot-BrittanniŽ.






Bronvermelding

Encarta 98, Encyclopedie, Winkler Prins editie.
Groot-BrittanniŽ, van de serie Landenboek. Geschreven door Andrew Langley
Groot-BrittanniŽ, van de serie Moderne IndustriŽle Wereld. Geschreven door David Flint
Groot-BrittanniŽ en de Britten, van de serie MOET JE KIJKEN
Groot-BrittanniŽ, van de serie BIBLIOTHEEK DER LANDEN. Geschreven door de redactie van Time-Life boeken.
Een paar folders aangevraagd via het internet, van het bureau British Tourist Authority, die gewoon Groot-BrittanniŽ heten.